Bond tegen het vloeken 75 jaar
1992-07-03
In Trouw van 15 mei jl. schreef A.J. Klei een artikel onder de titel 'Vloeken'. Hij deed dat in verband met het 75-jarig bestaan van de Bond tegen het vloeken. De heer Klei is een gezellig schrijver, heeft vaak iets te zeggen, maar soms gebruikt hij een heleboel woorden zonder iets te zeggen. Ook dat is een kunst, waarmee veel lezers zich zullen vermaken. Veel wijzer wordt men meestal niet van zulk geschrijf, maar dat is misschien ook niet de bedoeling van de heer Klei.- Jaargang 36
- nummer 14
De heer Klei leerde het vloeken op een schip kort na de tweede wereldoorlog. De conclusie is dus gewettigd, dat de heer Klei in zijn jeugd nooit gevloekt heeft. Zijn ouders zullen hem vast wel verteld hebben waarom hij dat niet moest doen en als een gehoorzame gereformeerde jongen heeft hij zich daaraan gehouden. Bravo.
Blijkens zijn geschrijf zit de heer Klei nog steeds met de vraag, wat vloeken nu eigenlijk is. Hij is er van overtuigd, dat hij op dat schip gevloekt heeft, want je neemt zoiets nu eenmaal gemakkelijk van anderen over. En hij schrijft dan: '... en nóg wanneer ik m'n kop stoot of mijn vingers klem, ontglipt me een ...eh...uitroep, die me ongetwijfeld een berisping van de heer Van de Poll (de adjunct-secretaris van de bondv.W.) en zijn bondgenoten zou opleveren'.
De heer Klei vloekt dus van tijd tot tijd (hopelijk stoot hij zijn hoofd niet al te vaak) en hij weet nog steeds niet wat dat eigenlijk is. Hij probeert wel iets hierover te zeggen. Hij verwijst naar linkse dominees, die in de jaren vijftig vertelden, 'dat het vloeken was, wanneer je een vereniging of club het etiket 'christelijk' opplakte'. En, zo gaat hij dan verder, 'in latere jaren droeg het vooruitstrevend deel van het weleerwaarde volkje de opvatting uit, dat de vloek van de armoede of van de discriminatie heel wat erger is dan het leggen van een stevige knoop'. Nu zal niemand ontkennen, dat die linkse dominees en weleerwaarde heren het misschien goed bedoelden (misschien ook niet, als het hen er om ging het echte vloeken min of meer goed te praten), maar de vraag van de heer Klei is hiermee natuurlijk niet beantwoord. Dat weet hij natuurlijk zelf ook wel, want hij heeft vast goed naar z'n moeder geluisterd vroeger. En dus zegt hij hiermee eigenlijk niets. Ik behoor tot de bondgenoten van de heer Van de Poll. Hij verwacht een berisping en die kan hij krijgen. Hierbij, mijnheer Klei. Het is niet goed wat U doet en dat weet U best. Waarvan acte! De heer Klei luistert wel eens naar de ontbijtshow van de KRO en een tijd geleden kwam in zo'n show ter sprake, dat roomsen gemakkelijker vloeken dan protestanten. En hij schrijft dan: 'Wederom doemt de vraag op: wat is vloeken? Ik heb een roomse vrouw meegemaakt die als de melk overkookte of zich een andere huishoudelijke ramp voltrok, luidkeels Jezus of Maria aanriep. Vloekte zij? Of was het een uiting van volksdevotie? Ik houd het op het laatste.' De heer Klei geeft dus min of meer een antwoord, maar de les van zijn moeder is hij vergeten. Vloeken is misbruik van Gods Naam. In de jaren vijftig verscheen op stations en andere plaatsen de spreuk: 'Spreek vrijmoedig over God, maar misbruik nooit Zijn Naam'.
Het is duidelijk, dat bij het samenstellen van deze tekst gedacht is aan wat in Exodus 20 : 7 staat. Die roomse vrouw misbruikte dus de naam van Jezus én die van Maria. Was dat volksdevotie?
Kom nou toch, mijnheer Klei, gelooft U dat nu echt? De heer Klei zegt aan het slot van zijn verhaal, dat hij zich in het geschrevene eigenlijk kwaaier heeft gemaakt om andere dingen dan om vloeken en hij zegt erbij, dat hij geen verweer heeft. En dus is er hoop. Misschien komt er een serieus vervolg. Want het werk van de Bond tegen het vloeken is de moeite waard en dat mag ook best eens in Trouw worden gezegd.
Zo'n wonderlijke club
Ter gelegenheid van het 75-jarig bestaan van de bond verscheen het boekje 'Zo'n wonderlijke club'. Hierin wordt een overzicht gegeven van het werk van de bond in al die jaren. Ik wil hier de laatste zinnen uit het boekje aanhalen: 'Er komen steeds meer mensen die de naam van God en van Zijn Zoon alleen nog kennen als leeg stopwoord of als krachtterm, als vloek. Daarom wil de Bond tegen het vloeken zijn kleine krachten blijven geven aan de worsteling tussen het koninkrijk van God en het rijk van de duisternis. Het zal er in de toekomst niet gemakkelijker op worden. De Bond heeft de steun nodig van ieder die de naam van God wil eren. De Bond tegen het vloeken bestaat 75 jaar. De Bond tegen het vloeken bestaat 75 jaar te lang. De Bond tegen het vloeken moet maar blijven bestaan. Totdat Christus komt, die Zijn Naam voor altijd in heiligheid op aarde zal vestigen.
Dan zal de Bond tegen het vloeken opgeheven zijn.'
De Bond tegen het vloeken is de steun van velen waard. Het bureau is gevestigd aan de Nieuweweg 170a, 3905 LS Veenendaal. Het telefoonnummer is 08385-12002. En het gironummer is 852091. Ook voor U, mijnheer Klei!