Hij moet wassen, ik moet minder worden

1991-12-06
  • Jaargang 35
  • nummer 25
Donkere dagen voor kent
Met de woorden donkere dagen voor kerst geven wij aan, dat de duisternis zich van dag tot dag langer vertoont.
Het aantal uren dat de zon haar licht over ons laat stralen neemt gestadig af. Dit is geen fijne gewaarwording.
Maar dankzij verlichting en verwarming weten wij de duisternis en de koude wat tegen te gaan. Gelukkig leert de ervaring ons dat er een keerpunt komt. De nacht en de duisternis staan tegenover de dag en het licht. Ik geef het de Prediker grif toe: "Het licht is zoet en het is aangenaam voor de ogen de zon te zien", 11,7.
De mens kan niet buiten het licht en de zon.

De getuige van bet licht
In de Bijbel treffen wij een heel merkwaardige figuur aan, een zonderling, van wie wij lezen in het begin van het evangelie naar Johannes: "Deze kwam als getuige om van het licht te getuigen". Er wordt nog aan toegevoegd dat hij zelf het licht niet is. De man mag niet te veel aandacht krijgen, want al is hij ook 'van God gezonden' en geldt van hem 'de grootste uit vrouwen geboren' t6ch is hij het licht niet.
De hemel was er aan te pas gekomen om zijn geboorte mee te delen aan zijn vader. Terwijl zijn vader dienst deed in de tempel en zijn gebed opdroeg, stond ineens de engel Gabriël voor de oude Zacharias en sprak: "Uw gebed is verhoord en uw vrouw Elisabeth zal u een zoon baren en gij zult hem de naam Johannes geven", Luc. 1,13.
Waar kan de oude man op die plaats, op dat uur van het gebed, in dit tijdsgewricht van Israëls geschiedenis anders hebben gebeden dan om de komst van de Messias? Op een preekstoel maak je toch niet je persoonlijke verlangens bekend, we hebben toch nog wel wat gevoel voor liturgie? Laat staan op die plaats waar Zacharias dienst deed. Hij was bovendien een rechtvaardig man die leefde naar alle geboden en eisen des Heren. Zijn gebed wordt verhoord.
Maar de Messias kan niet zo maar in de wereld komen. Aan zijn komst gaat vooraf de verschijning van de voorloper - de Prodromus - die in de geest· en de kracht van Elia zal optreden. Het Oude Testament eindigt met de aankondiging van de man die de nieuwe tijd zal inluiden. "Zie, Ik zend u de profeet Elia, voordat de grote en geduchte dag des HEREN komt. Hij zal het hart der vaderen terugvoeren tot de kinderen en het hart der kinderen tot hun vaderen", Mal. 4,6.
Johannes de Doper is de voorloper van de Messias. Hij is een half jaar ouder dan Jezus. De tijd waarin hij optreedt is niet gemakkelijk. Het is Jesaja die zelfs gesproken heeft over deze voorloper, toen hij sprak: "De stem van een, die roept in de woestijn: Bereidt de weg des Heren, maakt recht zijn paden", Matth. 3,3. De prediking van Johannes roept op tot bekering, omdat het Koninkrijk Gods nabij is gekomen. In Jezus Christus breekt het koninkrijk van God door. De komende heerschappij van God, die tot uiting zal komen in het tot stand brengen van de vergeving der zonden en de verlossing uit de totale verlorenheid, moet hij meedelen. En al geldt van Johannes dat hij boetprofeet is, zijn naam maakt duidelijk: de HERE is genadig.
Het geeft wel te denken als we lezen van de Doper: "Met nog vele andere vermaningen bracht hij aan het volk het evangelie", Luc. 3,18.
De heilshistorische duiding van de plaats van Johannes is niet zo gemakkelijk.
Hij behoort noch geheel tot het Oude noch geheel tot het Nieuwe Testament.
Hij staat op de grens van het oude naar het nieuwe verbond. In dat licht moeten we ook het woord verstaan dat van 'de grootste uit vrouwen geboren' evenzeer geldt dat 'de kleinste in het Koninkrijk der hemelen groter is dan hij'. Er valt niet alleen te wijzen op de gelijkheid van het Oude en het Nieuwe Testament, maar ook dient gewezen te worden op het onderscheid tussen het Oude en Nieuwe Testament. De schaduwen komen ten einde als de Zone Gods verschijnt.
Johannes sluit het Oude Testament af en opent de weg naar het Nieuwe Testament. In het keerpunt der tijden, waarin God zich rechtstreeks gaat bemoeien met de mens, doordat Hij zelf op het toneel der wereld verschijnt, treedt Johannes de Doper op.
Hij wijst met zijn uitgestrekte arm heen naar het lam Gods dat de zonde der wereld wegneemt. De wereld kan niet zonder dit lam. De oudtestamentische profetie met het oog op de komst van de Messias komt tot haar culminatiepunt.
In de christelijke kunst is het attribuut van Johannes het lam. Hij houdt het lam vast (kathedraal van Chartres) of het lam staat aan zijn voeten (Grünewald, Isenheimer altaar).
Maar het doorbreken van het volle licht van Gods verlossend ingrijpen in Zijn weergaloze liefde voor de mens, voor wie Hij Zijn eigen Zoon opofferde, heeft Johannes de Doper niet meegemaakt.
Hij heeft van het licht mogen getuigen. Afgewezen van zichzelf en heengewezen naar Jezus. Hij voelde zich heel klein worden, zodra hij zich met de Heiland vergeleek. Zijn leven staat uiteindelijk niet in het teken van de opgang, maar veeleer in het teken van de neergang. Eenzaam als kind en eenzaam aan het eind van zijn leven.
Dan is hij nog maar op 'de helft van zijn dagen' en wordt hij onthoofd. De laatste woorden die de evangelist Johannes de Doper meedeelt zijn: "Hij moet wassen, ik moet minder worden".
Dit woord is tekenend voor de Doper. Hij verkiest dat de invloed en de kracht van Jezus toenemen en uitbreiden, want Johannes is het licht niet.

De zon der gerechtigheid
Het licht van de maan dankt zijn schijnsel aan de zon. De oudtestamentische maan verbleekt, wanneer de nieuwtestamentische zon doorbreekt.
Daar Johannes staat op de drempel van het Oude naar het Nieuwe Testament spreekt een woord als "Hij moet wassen, ik moet minder worden" voor zich. Jezus wordt vergeleken met het licht en met de zon; kortom in Hem komt het leven tot ons. Met Kerst viert de kerk het feest van de overwinning van het licht op de duisternis, maar dan wel in de meest diepe zin van het woord. De zon der gerechtigheid geeft leven aan de wereld.

Niemand weet de geboortedatum van de Heiland aan te geven.
Dat voor 25 december werd gekozen, kwam omdat de heidense Romeinen op die datum hun 'Natalis Solis lnvicti', de geboortedag van de onoverzonnen zon, vierden. 25 december was de datum waarop men de winterzonnewende vierde. Het was te merken: de zon hernam aan kracht. De duisternis moest het afleggen tegen de zon. Daar Maleachi profeteert over de opgang van 'de zon der gerechigheid', 4,2 en dit woord zijn vervulling vindt in Jezus Christus en de Zoon des mensen Zichzelf 'het licht der wereld' noemt, werd 25 december voor de gelovigen de aangewezen dag om stil te staan bij Gods komst in Jezus Christus tot de wereld.

Johannes en Jezus
Johannes en Jezus verschilden in leeftijd zes maanden. Dat betekent wanneer wij het merken dat wij over de langste dag heen zijn dan gaat de zon afnemen in kracht. De kerkelijke kalender van de roomskatholieken vermeldt 24 juni als de geboortedatum van Johannes de Doper. Het leven van Johannes staat in het teken van het 'minder worden'. Op zijn geboortedag 'mindert' het zonnelicht, dat een half jaar later weer in kracht 'wast'.
In de regel zijn wij niet ongevoelig voor wat zich afspeelt in de natuur, als de Schriftuur ons eerst daarbij de weg heeft gewezen, zodat wij ongehoorde verbanden weten te leggen, kunnen wij instemmen met wat Psalm 19:2 en 3 zegt:

"De hemelen vertellen Gods eer, en het uitspansel verkondigt het werk zijner handen;
de dag doet sprake toestromen aan de dag,
en de nacht predikt kennis aan de nacht" .

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief