Komt, laat ons wederkeren

1990-01-19
  • Jaargang 34
  • nummer 2
Het presbyterse Hymnboek bevat een aantal berijmde psalmen, een aantal andere berijmde Schriftplaatsen en een groot aantal kerkliederen van algemene aard. De berijming van Hosea 6 komt als Hymn 400 voor, maar ook als onderdeel van de groep parafrasen. Onder paraphrase wordt hier een vrije Schriftberijming verstaan; ze krijgt ongeveer de liturgische waarde van een psalm. Deze berijming is van John Morison, die van 1750 tot 1798 leefde en wiens parafrase al in 1781 werd opgenomen in de bundel Scottish Paraphrases.

Het valt op dat een moeilijk verteerbaar vers (:2) is weggelaten. Ook dat de lof op Efraim (:4) wordt gezien als een lof op Godzelf. Toch is zo een homogeen en gèzond lied ontstaan.

Aan de oudere generatie is de tekst uit Hosea 6 bekend. Het was in de beroemde en beruchte vergadering van 11 Augustus 1944 in de Lutherse Kerk te Den Haag, dat de Verantwoording voor de Vrijmaking van een synodaal juk werd vastgelegd in een Acte van Vrijmaking en Wederkeer.

Men zegt dat simpele zielen meendén, dat de Wederkeer het tweede hoofdstuk van de Vrijmaking aanduidde: en dus een terugkeer naar de Gereformeerde Kerken. Hier werd echter gerefereerd aan Hosea 6; gelovigen maakten zich vrij van menselijke, theologische leerdwang en keerden tot de Heere terug.

De melodie
Zoals in de melodie Ballerma (Jezus, gedenk mijner) worden ook hier slechts 5 tonen gebruikt, die (een halve toon verhoogd) op de zwarte toetsen van ons klavier gevonden worden. De herhaling van een toon, een octaaf hoger of lager, wordt uiteraard niet als een nieuwe toon geteld.

In dit geval is de componist Neil Dougall bekend, de naam van het lied is Kilmarnock. Dikwijls kreeg een melodie de naam van een kerk of plaats, waar zij het eerst gezongen en verspreid werd; Kilmarnock is een buitengewest van Glasgow.

Reeds oppervlakkig bezien gaat van deze vierregelige wijs eenvoud en symmetrie uit. Ook blijdschap: de eerste drie tonen zijn een fanfare; ook spanning: van f tot f wordt een heel octaaf omspannen; ook rust: het slot keert tot het begin terug. Deze melodie kon een optochtslied zijn, een hamaälothpsalm. Zie en hoor welk een brede wiekslag mogelijk is op een 5-tonige ladder. Met het simpelste materiaal wordt een hymne gevormd, die u zou willen meezingen.

Het is u natuurlijk al lang opgevallen, dat de pentatonische ladder twee hiaten toont; tussen re en fa ligt een grote sprong, tussen la en do eenzelfde kloof. Wanneer we beweren dat deze vijftonige ladder de basis levert voor alle latere toonstelsels, bedoelen wij: de verschillende manieren waarin die twee hiaten later gevuld zijn. Dat kon namelijk op allerlei manieren - en juist die vullingen gaven alle latere toonladders hun karakter. .

Om volledig te zijn: de heIetoonsladder, die Debussy graag gebruikte, valt hier buiten.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief