Zending
1990-06-08
De stad en het evangelie (2)- Jaargang 34
- nummer 12
Onvoorbereid
"Terwijl steden echte zendingsterreinen zijn, is de kerk er niet op voorbereid die uitdaging aan te gaan. De nieuwe leiders van werk in de binnensteden voelen zich vaak aan de zijlijn staan, vervreemd van de meeste Christenen en ook door hen verwaarloosd". Dat stelde de Amerikaan Ray Bakke, in een artikel in het blad 'World Evangelization', maart 1986. Dr. Bakke is al vele jaren intens betrokken bij verkondiging en maatschappelijke zorg in de grote steden van deze wereld: hij was afgelopen december in ons land, om op de grote 'Mission '90'- conferentie te spreken. Dat was, naar mijn opvatting, ook een buitengewoon indringend verhaal, over de 'noden' (en niet slechts de 'problemen') van mensen in de (zeer) grote stad.
Steden en voorsteden
In de Westerse wereld is, in veel opzichten althans, het christelijk geloof een aangelegenheid geworden van 'middle class people'. Dat wil zeggen: mensen die meestal niet in de hoogste regionen van de samenleving voorkomen, maar zich zeker ook niet op de laagste sporten van de maatschappelijke ladder bevinden.
(Uiteraard benaderen we dan 'het christelijk geloof' helemaal vanuit een sociologisch gezichtspunt). In veel landen heeft wat vroeger 'de arbeidersklasse' mocht worden genoemd bijna geheel van de kerk 'afgehaakt'; hetzelfde geldt voor vele intellectuelen, kunstenaars, en 'culturele smaakmakers'.
In de landen van het Westen - de Verenigde Staten voorop - is er ook een massale trek geweest naar 'voorsteden', 'tuinsteden', 'groeikernen' die bij de stad vandaan liggen.
Met als begeleidend verschijnsel een 'ver-voorstedelijking' van het Christelijk geloof. Of, anders gezegd, de binnensteden zijn verlatem,door velen die het zien veroorloven.
Wie bleef deed dat veelal.
omdat het aan (lll,dnciëre of andere) middelen ontbrak om zijn/haar schreden in de richting van 'suburbia' te richten. Er is, naar ik veronderstel, ook in ons land te registreren, een duidelijke verandering gekomen in de samenstelling van de bevolking in onze binnensteden.
Voor een niet onaanzienlijk deel zijn het de in ons midden (relatief) 'ongeslaagden', al is er de laatste jaren eveneens een markante terugkeer naar de binnenstad geweest van mensen die vertier en cultuur van de stad waren gaan missen. Van afstand is al te zien of het om woningen gaat van maatschappelijk geslaagden of van anderen ...
God-vergeten steden?
Een van de voornaamste vragen in dit hele proces, dat je in de hele westerse wereld aantreft, is de vraag: heeft de Kerk de binnenstad verlaten? En ook: heeft God Zelf de (binnen)steden nu aan hun lot overgelaten?
Over een en ander heeft, zoals in het vorige nummer van 'Opbouw' gemeld, het Lausanne Committee, dat vorig jaar de grote conferentie in Manilla organiseerde, nuttige informatie verschaft. En, wat meer is, opgeroepen tot zicht op de vele miljoenen die in de grote wereldsteden leven; en ook tot bewogenheid voor hun lot. Want, behalve het feit dat velen (vooral in de armere landen) soms tot een volstrekt uitzichtloos leven zijn veroordeeld, in maatschappelijke zin, geldt ook dat het 'christelijk getuigenis' in veel van die steden zeer beperkt is ..En dat in bepaalde landen althans, weer voor een aanzienlijk deel vanwege de bovengeschetste trek uit de stad vandaan.
Het verdient m.i. aanbeveling dat wij allemaal als Christenen, maar zeker ook zendingscommissies, predikanten, theologische studenten, mensen die aan Bijbelscholen verbonden zijn, etc. een goed inzicht hebben in wat er gebeurt. Omdat het hier een van de meest significante ontwikkelingen in de wereld en zending betreft.
Temeer, omdat - tragischerwijzejuist in de snelst groeiende steden op onze planeet de invloed van de Kerk het zwakst is: onder de talloze miljoenen van Zuid-Oost Azië: de invloed van de andere grote wereldreligies - Hindoeïsme, Boeddhisme en Islam - alsook van de ideologieën - het Communisme, dat in die landen nog lang niet is weggevaagd - verhindert op vele plaatsen een krachtig, maatschappelijk voelbaar, getuigenis door onze broeders en zusters in die streken. Ze zijn vaak getalsmatig zo'n kleine minderheid.
Wat nodig is ...
Wat in elk geval hard nodig is is een (door de hele Christenheid gedeelde) visie op de omvang van de ons hier gestelde uitdaging, alsook een herkenbare strategie hoe we die vele miljoenen zouden willen bereiken.
Als we als Christenen die visie, die bewogenheid en het begin van een adekwate respons willen ontvangen, zal dat heel duidelijk een krachtig werk van de Heilige Geest in ons midden moeten zijn. Dat is iets dat geen mens kan organiseren ...
Toch kan het al wat helpen, als we gewoon maar eens wat - lossegegevens vermelden. Te hooi en te gras gehaald uit literatuur die daarover te krijgen is. Het volgende voert - net zo min als de rest, overigensniet de pretentie dat hiermee dan het meeste of zelfs het voornaamste is gezegd. Maar in elk geval, om Augustinus (tendentieus) te citeren, opdat 'niet alles on-gezegd blijft', ook op dit terrein.
Voorbeelden
- Mexico City, de grootste stad ter wereld, is zowel de oudste als de jongste stad op het Westelijke halfrond.
Er wonen nu al 20 miljoen mensen; over tien jaar verwacht men er nog 6 miljoen bij, zoals ik de vorige keer vermeldde. In die immense stad is de gemiddelde leeftijd van de inwoners 14 jaar. En dat betekent dat er in die stad nu al tien miljoen kinderen onder de veertien jaar wonen. Hoeveel van die kinderen leven niet op straat ... Wie is er werkelijk om hun lot bewogen? Wie zet zich daadwerkelijk voor hen in?
In de stad Chicago (V.S.) leven zo'n 10.000 tieners op straat: in vele steden in Noord-Amerika is dat het geval: aangetrokken door de 'Amerikaanse droom' van zelfbeschikking, vrijheid en onafhankelijkheid zijn ze van huis weggelopen. Nu zijn ze vaak in handen gevallen van drugsdealers, souteneurs, of beiden ...
Ray Bakke, aan wiens artikel ik dit voorbeeld ontleen, vermeldt erbij dat ze "een stad binnen een stad zijn.
Dertig procent is een psychiatrisch geval, vaak patiënten die op straat zijn gezet toen klinieken moesten gaan bezuinigen ..."
In Lima (Peru) komen er wel 1000 mensen per dag gemiddeld bij; een (Nederlandse) vriend die er heeft gewoond heeft ze zien aankomen.
Hij vertelde hoe je de hele cyclus van hun ervaringen kon meemaken.
Ze komen aan, gaan eerst naar familieleden, die hen al gauw wegsturen - ze moesten maar voor zichzelf zorgen ... Dan de jacht op een baan, die veelal mislukt. En dus voegen dagelijks velen zich bij het leger van straatventers, dat zeker al wel 300.000 mannen, vrouwen en (niet te vergeten) kinderen telt. Een groot deel van het werk in die stad van zeker al vijf miljoen wordt door hen gedaan: een heel alternatief circuit.
Of let op de clubs en verenigingen die pas aangekomenen vormen, of waar ze zich bij aanstulten.Olubs die mensen bijeenbrengen die uit dezelfde stad of dorp, of streek, komen; ze leggen zich zeker niet meteen neer bij identiteitsvervaging in de grote stad. Aan het eind van de jaren '50 waren er 200 van zulke verenigingen in Lima. Nu zijn het er 6000! Een hele serie 'dorpen' en 'culturen' binnen die ene grote stad.
En in die stad, waar de gemiddelde leeftijd 22 jaar is, leven ook minstens 10.000 verweesde kinderen, door ouders, of ouderen, verstoten.
Ze slapen in parken, bedelen overdag, poetsen schoenen, helpen met het wisselen van autobanden, en doen andere klussen. Wie zorgt voor hen? Je zou zo'n hele 'people's group' als een 'zendingsterrein' kunnen zien. En je op het bereiken van deze mensen kunnen - en wellicht ook moeten - toeleggen. Maar wie doet dat? Wie heeft voor hen oog, wie ziet zulke mensen met het oog van de Christus, die bij de schare, bij de mensenmassa, zag dat ze waren als 'schapen zonder herder'?
Deze ,lijst zou je eindeloos kunnen verlengen. In Korea leven minstens 50.000 prostituées; er zijn mensen die speciaal onder hen werken, vertellen wie de Here is en wat voor verschil het maakt, als je Hem kent en toebehoort. Speciale verkondiging onder mensen die in een grote stad in de anonimiteit kunnen ondergaan, maar die tegelijkertijd tot een specifieke (vaak nog onbereikte maar in principe zeker te bereiken) bevolkingsgroep behoren. Gelukkig ze zijn er, mensen die voor zo'n categorie mensen zich inzet.
De vraag
"Wat betekent dit alles nu voor het verkondigen van het evangelie in de wereld? Het betekent dat we moeten beseffen dat steden geen enkelvoudige, homogene bevolkingsconcentraties zijn: Lima, Lissabon, Los Angeles. Ze zijn conglomeraten van duizenden subgroepen, mensen met steeds een eigen gedeelde identiteit: de mensen in de mediavermaaksindustrie in Seoel: de voetballers en hen die hen omringen in Sao Paulo, Brazilië; de vrachtwagenchauffeurs die 12 tot 15 uur op de weg zitten tussen Tokio en Osaka.
En ga maar door". (Ray Bakke in No Stranger in the City, p. 69).
Daarover de volgende keer meer.
P.S. Op 13 juni a.s. komt deze problematiek ook aan de orde in het programma 'Wit begint, zwart wint?' van de E.O.