Pastorale notitie
1989-01-20
Hier volgt een bladzij uit ons reisjournaal, gedagtekend: Vancouver, 24 sept. 1988.- Jaargang 33
- nummer 2
Tijdens het bruiloftsdiner een lang gesprek gehad met mr. X, opgegroeid in Holland, nuouderling van een Christian Reformed Church in Groot-Vancouver. Hij vertelde twee dingen, die ik niet gauw zal vergeten.
Het eerste betrof de Gereformeerde Kerken in Nederland. Hij had met veel zorg kennisgenomen van het feit dat sommige theologen de heilsfeiten relatief stellen. Nu had hij de laatste tijd gehoord van voorgangers, die hun pastoraat lieten sloeren en een tweede inkomen verwierven door les te 'geven aan een middelbare school. En kennelijk verbond hij die twee verschijnselen met elkaar. We waren het er over eens dat mammonnisme geen halt houdt voor de poort van het fundamentalisme: mensen als Baker en Swaggert, die rotsvast geloven in de heilsfeiten, bedelen gigantische bedragen bijeen. Maar dat nam voor br. X niet weg dat wie de heilsfeiten relatief stelt, het pastoraat ondergraaft dan wordt de mammon veel interessanter. Toen hij zijn diepe zorg uitgesproken had, vertelde hij zonder enige pretentie dat hij met andere gelovigen reeds lange jaren eens in de maand bijeenkwam om te bidden voor de nood van de Gereformeerde Kerken in Nederland.
Daar werd ik stil van.
Wat een verschil met de harde en liefdeloze manier waarop afglijdende kerken soms veroordeeld worden. Ik weet best dat er soms innig gebeden wordt om bekering van de 'synodalen'. Maar toch!
Kijk naar deze bidders, die vanuit innige verbondenheid en diepe pijn, de Here indachtig maken wat Hij beloofd heeft en die zich geen rust gunnen en de Here geen rust laten tot Hij Jeruzalem weer stelt tot een lof op aarde, Jes. 62:6 e. v. Als dit er niet is, doen we maar beter om elke veroordeling achter de kiezen te houden.
Nu iets heel anders. Br. X had het ook over de nood van de binnenstad: de drugsverslaafden, de prostituees, de aidspatiënten, zoals wij die kennen in Rotterdam.
Ik zei zoiets als: die nood is zo groot: er is geen beginnen aan! En ik vertelde van Ds. Visser die zijn Pauluskerk in Rotterdam heeft opengesteld voor verslaafden en totaal opgeslokt wordt door sociaal werk: Br. X vertelde dat hij met een groepje kerkleden elke vrijdagavond in de binnenstad van Vancouver sandwiches uitdeelden aan verslaafden en bordeelmensen. Meer niet.
Met zorg waakten ze ervoor hun bemoeienissen uit te breiden. Zo nodig verwezen ze mensen in nood naar de gemeentelijke instanties ende ziekenhuizen. Maar met glinsterende ogen zij hij: "Stel je voor,ons zaaltje zat vrijdagavond helemaal vol en prostituees enverslaafden' zongen 'uit volle borst onze psalmen en liederen mee! Is dat niet geweldig?"
Ook daar werd ik stil van.
Wij zeggen: de nood is zo groot, dat we eenvoudig niets kunnen doen.
Hij zei: "We kunnen niets doen.
Daarom doen we maar iets": een reach out, een uitgestrekte hand, die nodigt naar de samenkomst, waar het Woord wordt gebracht.
Want zelfs met het gezicht naar deze gigantische nood zeggen we: HET WOORD MOET HET DOEN.
Vandaar die sandwiches.