Persschouw

1990-07-20
  • Jaargang 34
  • nummer 15
In 'ECCLESIA' v/h 'Kerkblaadje'-Orgaan van de Stichting Vrienden van Dr. H.F. Koh/brugge - schreef dr. J. van Oort te Zeist in een artikel over: "DE CHRISTELIJKE
GEMEENTE ALS MINORITEIT" - Poging tot inzicht en uitzicht - o.a. het volgende:

Toenemende ontkerkelijking
Hoe is dan de situatie van de christelijke gemeente vandaag? Wie oog en oor open heeft, kon juist de afgelopen tijd daarover verontrustende berichten vernemen. Deskundigen van diverse professie - vooral sociologen, wetenschappers die zich bezighouden met de bestudering van de menselijke samenleving en onder hen vooral de godsdienstsociologen - hebben het in diverse toonaard bericht. In de dag- en weekbladen van nauwelijks een maand geleden stond de uitslag van de laatste Nipo-enquête. Daarin werd gemeld, dat in iets meer dan 25 jaar de bewuste onkerkelijkheid in Nederland zich vrijwel heeft verdubbeld.
Gaf in 196422% van ons volk aan beslist niet bij een kerk te behoren, nu is dat 42% en naar verwachting zal het in het voor sommigen magische jaar 2000 zeker 60% zijn'.
Let wel, het gaat hier over uitgesproken onkerkelijkheid, over mensen dus die heel bewust zeggen met de kerk niets te maken te (willen) hebben.
Dit zijn ongetwijfeld schokkende cijfers. Ze zijn nog te meer aangrijpend, wanneer daarbij gemeld moet worden dat volgens hetzelfde onderzoek slechts 8% van de jongeren - en daartoe rekent men dan de mensen van 18 tot en met 34 jaar; in de jongere groep schijnt het nog veel minder te zijn - wekelijks of bijna (!) wekelijks een kerkdienst bezoekt. Slechts 8%! In de leeftijdscategorie van 35-55 jaar is het al weinig beter: 12% zegt wekelijks of bijna wekelijks een kerkdienst te bezoeken. Wie nog wel in de kerk komen, behoren blijkbaar vooral tot de leeftijdsgroep van degenen die tegenwoordig zo vriendelijk worden aangeduid als de 'senioren'. Maar iets anders en vooral minder verhullend.
geformuleerd moeten we gewoon zeggen, dat in de kerk voornamelijk nog de ouderen ende werkelijk ouden present zijn. Aktief of enigszins aktief kerkelijk meelevend is volgens sommigen 22% van de totale Nederlandse bevolking, volgens anderen nog slechts 13%, en er zijn er ook die zelfs deze cijfers nog aan de hoge kant vinden.
Nu ben ik geen socioloog en maak ik me over deze verschillen ook niet zo druk. Het hangt er kennelijk vanaf hoe men z'n vragen stelt en op welke wijze vervolgens de antwoorden worden uitgelegd. Vooral een onderzoek van het bureau InterIView gaf precies een jaar geleden een duidelijke schok, omdat daaruit naar voren kwam dat 51 % van de Nederlandse bevolking - nu dus voor het eerst de méérderheid - bewust onkerkelijk zou zijn. Berekend werd toen eveneens dat 74% nooit of vrijwel nooit een kerkdienst bezoekt!
Driekwart dus niet! Maar hoe de getallen precies ook mogen zijn, duidelijk is wel dat de christelijke kerk een verdwijnende minderheid is geworden. Bovendien geldt dat dit proces van secularisatie (verwereldlijking) zich in versnelde mate voltrekt.
En wanneer reeds de kerk in het algemeen een minderheid is geworden, hoeveel te meer moet dit dan niet gelden van de christelijke gemeente in haar meest wezenlijke kern! De ecclesia, de gemeente des Heren: een minoriteit! Kleiner en kleiner wordt zij; ze is grotendeels beroofd van haar invloed en uitstraling, haar aanzien en luister; zij gaat in toenemende eenzaamheid en verlatenheid haar weg!

Deze zaken blijven ons bezighouden.
Hoe kan het ook anders. Het gaat daarbij immers om het to be or not to be van de kerk: De schrijver ziet vervolgens een lijn lopen naar Lucas 18, de gelijkenis van de onrechtvaardige rechter. De kerk is dan te vergelijken met die weduwe uit die gelijkenis. Zij roept: "Verschaf mij recht tegenover mijn tegenpartij."
En uiteindelijk wordt haar recht gedaan. Zo zal Christus de Zijnen spoedig recht verschaffen.
Als de gemeente maar het wapen van het gebed blijft hanteren. "Doch, als de Zoon des Mensen komt, zal Hij dan het geloof vinden op aarde?"
Daar staat: HET geloof. Dat geloof, dat weet van wachten en verwachten en uitziet naar de voltooide komst van de Heer. En het gebrek aan dat laatstgenoemde verontrust terecht zeer velen. Men heeft het over de verwereldlijking van de maatschappij en de marginalisering van de kerk. De kerk is verschoven naar de rand en voor miljoenen mensen in Nederland niet meer relevant.
Maar heeft de minimalisering van de kerk niet alles te maken met het verschijnsel, dat men God niet meer relevant vindt? Velen menen, dat deze vraag bevestigend moet beantwoord worden. Sommigen bebben het over GOdsverduistering. Anderen zeggen: "Dat kan niet", en vervangen daarom die term door Godsverberging.
Deze dingen mogen ons verontrusten, maar niet ontmoedigen.
Sekularisatie is niet zonder meer een onafwendbaar historisch proces.
De HERE is bij machte nieuwe mogelijkheden aan te boren. Kohl-brugge aksentueerde het nochtanskarakter van het geloof. Dat nochtans-karakter geldt ook, aldus van Oort, voor de vragen ten aanzien van het Godsbestaan. Niet alleen Gods genade is een wonder, maar ook zijn aanwezigheid. Moeten we in dat verband ook niet duidelijk speken van het wonder van de kerk?! Die kerk blijft bestaan. Daarvoor staat de Christus garant. De verschijningsvorm van de gemeente van de Heer kan veranderen, maar daarmee verdwijnt de kerk als kerk niet van het wereldtoneel. Christus is een eeuwig Koning, die zonder onderdanen niet zijn kan. En daarom zal die kerk er zijn van het begin der wereld tot aan het einde toe. Hoe geminimaliseerd ook. Zie daarvoor met name artikel 27 van de Nederlandse Geloofsbelijdenis. En daarom zullen we moed grijpen en voortgaan met de Schriftuurlijke prediking, elke zondag opnieuw, een verkondiging waaraan de konfessionele belijndheid niet ontbreekt. We zullen onze roeping kennen om leesbare brieven van onze Heiland te zijn en in de gezinnen een dam op te werpen tegen alles wat van Gods Woord aftrekt en ons de Christus uit het oog doet verliezen. We zullen vooral het gebed niet vergeten, dat opstijgt uit het diepste van ons hart en waarin wij roepen om kracht van boven en om de vervulling van al Gods rijke beloften. Zo preken en werken en bidden we ons naar de laatste werelddag toe. Want er is hoop!!

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief