‘Christus werkt op zoveel verschillende manieren’
2010-12-24
De Nationale Synode in Dordrecht heeft haar vruchten afgeworpen. Niet door officiële besluiten, wel door christenen van wijd uiteenlopende achtergronden een hart onder de riem te steken: er is veel dat ons verbindt. De Nederlands Gereformeerde afgevaardigden zijn dan ook stuk voor stuk enthousiast huiswaarts gekeerd. ‘Hier wordt over tien of twintig jaar nog over gesproken.’- Jaargang 54
- nummer 25
Net als hun voorouders bijna vierhonderd jaar geleden trotseerden zo’n vijfhonderd christenen van vrijwel alle protestantse makelij op vrijdag 10 en zaterdag 11 december de winterse kou in de Grote Kerk van Dordrecht om een synode te houden. Geen officiële synode waar gehamerd wordt, maar een ‘protestants forum’ - zoals de ondertitel luidde. Het ging nadrukkelijk niet om het uitpluizen van alle kerkelijke verschillen, maar om de vraag: wat verbindt ons?
In de openings- en slotbijeenkomst stonden gedragen psalmzang en flitsende gospelmuziek dan ook eendrachtig naast elkaar en de geloofsgesprekken die tussendoor in kleine groepen plaatsvonden, draaiden volledig om het persoonlijk geloof van de deelnemers en de gezamenlijke uitdaging van christenen in Nederland.
Die gesprekken mondden op zaterdag uit in de overhandiging van een ‘signaaltekst’ aan minister Donner van Binnenlandse Zaken, waarin de Synode-deelnemers lieten weten dat ze allereerst als christenen beter naar elkaar willen luisteren en elkaar willen helpen en dat ze zich verder willen inzetten voor een gezonde en rechtvaardige samenleving.
Met alle heiligen
De Nederlands Gereformeerde Kerk was één van de best vertegenwoordigde genootschappen, met een afvaardiging van dertig leden, waaronder veel vrouwen, een aantal jongeren en veel mensen die in en vanuit de plaatselijke gemeente actief zijn in de samenleving. Dat in tegenstelling tot veel andere delegaties die bestonden uit oudere mannen met officiële kerkelijke functies.
Wie je ook van onze delegatie sprak, allemaal waren ze enthousiast over het initiatief. ‘Het was heel positief’, zegt Henk Zuidhof, predikant uit Urk. ‘Je weet wel dat er in veel kerken mensen zijn met een levend geloof, maar om dat dan ook echt te zien in zo’n bijeenkomst, is heel bemoedigend. Ik denk bijvoorbeeld dat het niet vaak voorgekomen is dat iemand van een evangelische gemeente iemand van de Gereformeerde Gemeente ontmoette. En toch werkte het niet bevreemdend. Het was juist verrijkend.’
Zuidhof is ook blij dat de jongeren goed vertegenwoordigd waren. Eén van hen, Sjaak Biewenga uit Ede, vond het mooi om erbij te zijn. ‘Ik ken de ontmoeting met mensen van andere kerken wel uit de studentenwereld, maar minder vanuit de kerken. In de geloofsgesprekken vertelde iedereen zijn persoonlijke geloofsverhaal. Toen bleek dat er eigenlijk heel veel verbindingspunten zijn. Tussen mensen van verschillende kerken, maar ook tussen de verschillende generaties. Een 70-jarige broeder vertelde een verhaal waar ik veel van herkende.’
‘Je ziet wat God doet in mensenlevens en hoe groot Hij is. Dan vallen kerkmuren weg’, vult Karin Berghuis uit Mierlo aan. ‘We staan allemaal op dezelfde bodem. Hoe belangrijk is het dan om de verschillen breed uit te meten?’
Dat was ook voor Jan van der Stoep uit Amersfoort een eyeopener. ‘Ik heb zelf een behoorlijke visie op hoe je missie moet bedrijven, maar in de gesprekken merkte ik dat er zóveel verschillende manieren zijn waarop Christus werkt. We hadden het in één van de discussies over hoe je nu als kerk naar buiten moet treden. Moet je het zus aanpakken of zo? Op een gegeven moment zeiden we: nee, het is niet het een of het ander, het is én én. Mensen zitten verschillend in elkaar. Die diversiteit is mooi.’
Knuffelen
Dominee Willem Smouter uit Apeldoorn zag gebeuren wat in Efeziërs 3 staat beschreven, dat we alleen samen met álle heiligen ‘de lengte en de breedte, de hoogte en de diepte kunnen begrijpen, de liefde van Christus kennen die alle kennis te boven gaat’. ‘In mijn groepje zat bijvoorbeeld een straatwerker uit Amsterdam’, vertelt Smouter. ‘Die kwam met een heel ander perspectief. Dat vulde elkaar enorm aan. Ieder vertelde hoe hij persoonlijk in het geloof stond en dat raakte me erg.’
Smouter denkt dat dit de manier is waarop het tegenwoordig werkt. ‘Je zegt niet hoe het zit, maar vertelt wat jij van God merkt. Als je het over leerstellingen gaat hebben, gaat het direct over de vraag: wie heeft gelijk? Nu deel je je geloof met elkaar. Dat is mooi.’
‘Het leuke is dat je er nu ook met veel mensen over kunt praten die niet geloven’, vult Anke ten Wolde uit Hoogeveen aan. ‘Het heeft in veel kranten gestaan, dus ongelovigen zijn er meestal wel van op de hoogte. Dit is een kans om weer eens redelijk enthousiast over de kerk te kunnen zijn.’
Tegelijkertijd vindt Ten Wolde dat het enthousiasme niet door moet slaan. ‘Mij bekroop op een gegeven moment wel een dubbel gevoel. Als je weer hoort over het misbruik in de rooms-katholieke kerk, dat toch toegeschreven wordt aan alle christenen, en als je de verscheidenheid en moeilijke verhoudingen ziet die er nog steeds in kerken zijn, denk ik dat we ons bescheiden moeten opstellen. De synode wil een signaal geven aan de samenleving dat we er nog zijn als christenen, maar ik denk dat we niet te groot moeten denken. We zaten daar ook maar met vijfhonderd man.’
Ook Van der Stoep waarschuwt voor een al te euforische stemming, hoe positief hij zelf ook is. ‘Soms dacht ik: we moeten wel uitkijken dat we elkaar niet teveel gaan knuffelen. Alsof er nooit wat gebeurd is. Door alle onenigheid zijn er wel families kapotgescheurd, dat mag je best benoemen. Eerst was de attitude: wat onderscheidt ons? Nu is de insteek: hoe kunnen we elkaar vinden? Dat is mooi, maar de verschillen zijn er nog wél. Vroeger verloor men door een grote nadruk op de verschillen de eenheid uit het oog. We moeten er denk ik voor waken dat we nu door de focus op de eenheid te richten vergeten dat er verschillen zijn.’
Kraaiende haan
Van der Stoep denkt wel dat de verschillen tussen kerken afnemen. Een gedachte die diverse keren geuit wordt tijdens de synode. Zo zegt initiatiefnemer Gerrit de Fijter dat hij enkel opgeraapt heeft wat er op het grondvlak ligt. Van der Stoep: ‘Ik denk dat dit een bevestiging is van wat er langer gaande is. Er is een grote stroom van mensen die door de kerkmuren breken. Dat is al langer op het grondvlak bezig, nu wordt dat door de synode zichtbaar gemaakt. Alleen daardoor is de synode al waardevol: het is een geweldig getuigenis. Je zou kunnen zeggen dat het een publieke erkenning is van de ontwikkeling die op het grondvlak gaande is. Heel belangrijk daarbij is dat de vertegenwoordigers van de kerken het ook erkennen.’
Smouter vergelijkt het met het kraaien van een haan. ‘De haan kraait als de zon opgaat, de zon gaat niet op door het kraaien van de haan. Deze synode jaagt de beweging naar eenheid niet aan, het is eerder een teken dat kerken meer naar elkaar kijken.’
Wat nu?
De grote vraag van kerkelijk kopstuk Bram Wattèl uit Hoofddorp is: wat nu? ‘De synode werkt als een aanjager, het zorgt voor wat bewustwording. Maar maandag is alles weer normaal. Daarom moet het vuur brandende worden gehouden’, zegt hij. ‘Hoe gaan we dit in onze eigen gemeente verwerken? En ook: hoe kunnen wij er als kerken voor de samenleving zijn? In één van de geloofsgesprekken zei iemand dat we als kerk nu vooral een priesterlijke taak vervullen, door de zorg voor de sociaal zwakken. Ik denk dat we ook meer profetisch moeten zijn richting de samenleving. Dat we het woord van God over de grote vraagstukken van de maatschappij laten schijnen.’
‘We hoeven als kerken niet één te worden’, vervolgt hij. ‘Maar we moeten elkaar wel herkennen en samen optrekken. Op micro- en macroniveau.’
Diverse andere NGK’ers delen met Wattèl het besef dat met de synode slechts een eerste stapje is gezet. ‘De synode zelf verandert niets’, zegt Ten Wolde. ‘Maar de mensen die er waren, kunnen het enthousiast doorvertellen en ermee aan de slag gaan. Ik heb er bijvoorbeeld in de kerk over verteld en heb weer extra motivatie om een samenwerking tussen de diaconieën in Hoogeveen op te zetten.’
‘Ik geloof dat God het gaat gebruiken’, vult Berghuis aan. ‘Naar mijn idee is het een krachtig teken, een punt in de tijd waar we over kunnen doorvertellen en dat we kunnen verspreiden. Hopelijk gaan we dan beter beseffen dat we één zijn en kunnen we afscheid nemen van het verleden.’
Jeanette Westerkamp uit Houten hoopt eveneens dat het zo’n signaal zal afgeven richting de kerken. ‘Ik denk dat de signaaltekst weinig effect heeft buiten de kerken. Ik denk niet dat men het snapt. Maar binnen de kerken zou het misschien het schaamtegevoel weg kunnen nemen. Ik hoop dat christenen er wat vrijmoediger door worden.’
Van der Stoep schat in dat de boodschap van eenheid die op de synode klonk nog lang zal doorklinken. ‘Alle mensen die hier zijn geweest, hebben ervaringen opgedaan die ze weer met anderen gaan delen. Dat ebt niet weg. Ik geloof dat hier over tien of twintig jaar nog steeds over gesproken zal worden als een keerpunt.’
Jordi Kooiman is journalist en lid van de NGK Amersfoort-Zuid.