De hemel gaat open
2010-12-24
Heaven on Earth, we need it now… Dit zijn woorden uit het lied ‘Peace on Earth’ van U2. Het is een kerstlied en werd gemaakt in 1999, vlak voor de millenniumwisseling. De zanger, Paul Hewson (Bono) verlangt heftig naar de wereldvrede en brengt dat verlangen direct in verband met kerst als hij zingt: ‘Peace on Earth, I hear it every Christmas time, but hope and history won’t rhyme.’- Jaargang 54
- nummer 25
| Heaven on Earth, we need it now I'm sick of all of this hanging around Sick of sorrow, sick of the pain I'm sick of hearing again and again That there's gonna be peace on Earth Where I grew up there weren't many trees Where there was we'd tear them down And use them on our enemies They say that what you mock Will surely overtake you And you become a monster So the monster will not break you And it's already gone too far Who said that if you go in hard You won't get hurt? Jesus can you take the time To throw a drowning man a line Peace on Earth Tell the ones who hear no sound Whose sons are living in the ground Peace on Earth No whos or whys No one cries like a mother cries For peace on Earth She never got to say goodbye To see the color in his eyes Now he's in the dirt Peace on Earth They're reading names out over the radio All the folks the rest of us won't get to know Sean and Julia, Gareth and Ann and Breda Their lives are bigger than any big idea Jesus can you take the time To throw a drowning man a line Peace on Earth To tell the ones who hear no sound Whose sons are living in the ground Peace on Earth Jesus sing a song you wrote The words are sticking in my throat Peace on Earth Hear it every Christmas time But hope and history won't rhyme So what's it worth This peace on Earth |
Het kerstlied van U2 is niet zomaar een kerstlied zoals we die in de kerk zingen. Het is eerder een klaaglied of een protestlied dan een mooie lofzang zoals bijvoorbeeld Maria en Zacharia die 2000 jaar geleden aanhieven.
En dat klopt, want Bono is niet dankbaar maar boos.
Maar voor ik verder ga, wil ik iets meer vertellen over de zanger en zijn popgroep.
Bono werd in 1960 in Dublin geboren als zoon van een katholieke vader en een protestantse moeder. Op zijn 20ste brak hij met zijn vriendenband door in een tijd dat veel popmuziek erg somber was. Er heerste grote werkeloosheid in heel Europa, in Noord-Ierland vochten de protestanten en katholieken elkaar nog altijd de tent uit, de Oostbloklanden werden nog onderdrukt door de Sovjet-Unie en verder waren we bang voor een kernoorlog. U2 (niet voor niets genoemd naar een Amerikaans spionagevliegtuig dat in 1960 boven Rusland werd neergehaald) zong erover, maar viel ondanks die zware onderwerpen op door hun hoopvolle sound.
Die sprak veel jongeren aan en zo groeide de zanger uit tot een moderne profeet die niet alleen liefde maar ook vrede predikte en daarbij niet vergat te verwijzen naar de Bijbel.
Een van de eerste hits heette ‘I will follow’ en ging over Ruth, die haar land Moab verliet om haar schoonmoeder Naömi te volgen, terug naar Juda. U2 heeft het behalve over Ierland en oorlog vaak over thema’s als vreemdelingschap en de kloof tussen arm en rijk. En nooit vergeet Bono daarbij God of de Bijbel een plaats te geven. Luister maar naar hun moderne hymnen als ‘40’ (letterlijk een variatie op psalm 40) of ‘One’ dat geïnspireerd is door de christelijke liefde.
En zo kom ik weer terug bij het kerstlied: Peace On Earth, vrede op aarde. En aan de mensen een welbehagen, denken wij er dan meteen bij. Maar dat valt in deze song dus nogal tegen.
Sterker, de zanger is het allemaal een beetje zat en begint zijn geduld te verliezen als hij zingt: ‘Dat “Vrede op aarde”, Jezus, dat lied, dat refrein dat Jij geschreven hebt, dat stokt me in de keel. Ik hoor het iedere kerst weer, maar het klopt niet: want de hoop van de blijde boodschap en de werkelijkheid van de geschiedenis rijmen niet, maar sluiten elkaar juist uit.’
Dus, lieve Heer, hoe mooi dat vrede op aarde ook altijd weer klinkt, wat is Uw kerstboodschap eigenlijk nog waard als U ons, drenkelingen, toch niet redt en ons niet snel een reddingslijn of reddingsboei toewerpt?
Ik moet bekennen dat ik Bono wel snap. Al meer dan 2000 jaar wachten wij op de vervulling van het heil. Maar na de Jezus’ geboorte, Zijn sterven en Zijn hemelvaart is de wereldvrede nog altijd niet bereikt. Sterker, sinds Christus opgestegen is, lijkt de hemel zo dicht als een ondoordringbaar wolkendek. Hoe we ook verlangen, hoe hard we ook kloppen, de hemelpoort blijft maar gesloten.
Ik wil niet veel zeggen, zingt Bono eigenlijk, maar is het niet een beetje hypocriet wat wij, christenen, met z’n allen verkondigen?
Je zult maar soldaat zijn en aan het front liggen. Hoezo vrede op aarde? Je zult maar als klein kind aids en honger hebben in Afrika. Je zult maar onderdrukt worden in China en of als economische vluchteling dakloos zwerven rond de haven van Calais.
De hemel open? Ja, alleen als het regent of sneeuwt zul je bedoelen!
Ja, het is wat. Eigenlijk is dit dé grote vraag die ons hier op aarde - gelovig of niet - bezighoudt: Heer, die vrede, dat koninkrijk van U, komt daar nog wat van? Is het niet gewoon een doekje voor het bloeden geweest? Zijn we er niet gewoon ingetuind? Is de Bijbel niet gewoon misbruikt en zijn we door Paulus en zijn leerlingen en navolgers niet gewoon met z’n allen met een kluitje in het riet gestuurd?
Je zou Bono de volgende vragen kunnen stellen: waarom zo kritisch? Het klinkt zo verwend en drammerig en bovendien behoorlijk oneerbiedig wat je zingt jochie. Ben je dan vergeten dat God Zijn belofte juist met de geboorte van Jezus heeft vervuld? Heb je dan niet door dat Hij daar en toen bij ons was en in Zijn Heilige Geest nog altijd meeleeft en meelijdt met al die dingen waar jij zo over struikelt?
Bono zou dan vast zeggen: ja, dat snap ik ook wel. Maar altijd maar dat ‘stil maar wacht maar alles wordt nieuw…’ Jezus was juist radicaal. En waarom zijn zijn volgelingen dan zo afwachtend en conservatief? Het gaat de christenen alleen maar om macht en ondertussen laten ze de honger bestaan en de aids ook – ik bedoel, doe toch wat, stelletje…!
Ja, hoe zal ik het zeggen? Bono lijkt meer op Mozes of op Petrus, dan op Paulus of Johannes, als je hem zo hoort.
We zitten hier toch een beetje met de mond vol tanden. Aan de ene kant staan we vol bewondering rondom de kribbe van onze Heer. En aan de andere kant zijn wij in gedachten ook alweer 2010 jaar verder en denken we: 1-2-3-4 komt er nog wat van, 5-6-7 we wachten al zolang!
Wat nu? Moeten we God inderdaad een handje helpen? Moeten we gehoor geven aan Bono’s dadendrang voor een betere wereld? Of is er iets anders aan de hand?
De blijde boodschap lezend, geloof ik dat ook God Bono’s kritiek wel begrijpt. Maar, Hij draait het wel om: Hij hééft Zijn woorden al in daden omgezet: is mens geworden. Dat wil zeggen: Hij is van zijn hoge stoel afgekomen en tussen ons in komen wonen. Ik kan jullie vertellen: geen enkele andere God of koning heeft dat ooit gedaan. Afgedaald naar zijn bepaald niet loyale onderdanen. En sterker nog, ondanks alle kracht en macht die Hij bezit, heeft Hij zich in Jezus - Zijn menselijke Zoon - door diezelfde mensen die Hij juist wilde verlossen zomaar laten kisten als een weerloos lam.
Dat is de grote daad van God in de geschiedenis. Een onbegrijpelijke wonderlijke daad. De grootste opoffering die wij ons maar kunnen voorstellen. Een beetje masochistisch zijn wij geneigd te zeggen. Maar als je er echt over nadenkt, dan buig je er diep voor en spot je er niet mee.
Al onze irritante, ja soms duivelse hebzucht; ons willen, ons ego, onze veroveringsdrang, ons altijd maar de eerste willen zijn – Hij heeft het omgedraaid in ‘geen daden maar woorden’. En in dat Woord, die opgeschreven ademtocht, heeft Hij de hele geschiedenis gestalte gegeven.
Die daad, die menswording (met een moeilijk woord heet dat incarnatie ofwel vleeswording), die ene daad is het grote wonder dat ons ervan mag overtuigen dat Hij er ook is als het even tegenzit.
Dat Hij ons niet vergeet als wij alleen zijn of ziek of hongerig. Ja, dat Hij ons draagt als we sterven moeten, door de dood heen.
En omdat Hij het (in Jezus Christus) voor ons gedaan heeft, hoeven wijzelf de wereld niet meer te redden of beter te maken. Sterker, we moeten, denk ik, ook niet denken dat we dat wel even kunnen. De wereldvrede en het goede hangt niet af van onze daad, maar van Zijn woord!
Begrijpen we dat en proberen we samen naar dat levende Woord te leven, dan komt de rest vanzelf.
Om de hoop die daarin zit ook te laten zien, moet je naast het kerstevangelie óók de hartverwarmende woorden van Jesaja (9: 1-6) en Paulus (1 Kor 1: 18-31) gelezen.
Eerst Jesaja: in de tijd van de profeet Jesaja was het niet veel anders dan in onze tijd. Ook toen was er onrecht, waren er slechte politici en machthebbers en was er honger en oorlog. En ook toen kon je moeilijk aan Gods kinderen zelf zien dat ze probeerden het verschil te maken.
En dan laat God Jesaja die krachtige en prachtige woorden opschrijven: ‘Het volk dat in duisternis ronddoolt, ziet een schitterend licht… een kind is ons geboren, een zoon is ons gegeven, de heerschappij rust op zijn schouders. (en dus niet langer op de onze!)… Groot is zijn heerschappij, aan de vrede zal geen einde komen.’
Het tweede argument om ondanks alles toch rustig te blijven en ons geduld te bewaren, komt van Paulus.
In zijn brief aan de gemeente in het Griekse stadje Korinte schrijft hij, niet eens zo lang na het sterven van Jezus: ‘het zwakke van God is sterker dan mensen. ’
En daarom is het beter onszelf niet op de borst te slaan maar ons afhankelijk te maken van God. Alleen door dat te doen kunnen we één worden met onze Losser en Verlosser, Jezus Christus.
Dat lijkt onnatuurlijk, maar is het niet. Eigenlijk zegt Paulus er dit mee: lieve mensen, doe nou niet zo stoer en worstel je zelf nou niet door de sneeuw om er daarna ook nog eens lekker over op te scheppen, maar wees wijs en ga nou eens lekker op dat sleetje zitten dat door Jezus getrokken wordt. Daar word je pas echt gelukkig van.
Wij kunnen dus alleen maar een bijdrage leveren aan de vrede in de wereld door Hem te volgen. Dat lijkt behoorlijk sloom en betekent ook dat je vaak een bepaald soort roem en waardering misloopt waar je juist zo gevoelig voor kunt zijn. Maar echt, als je je maar laat meeslepen op dat sleetje door Hem, gaan zijn beloften onderweg vanzelf leven en (omhoog wijzen) gaat de hemel open.
En wat zien we dan? Dan zien we onze verlossing, zegt Paulus.
Dan zien we het licht van het eeuwige koninkrijk, zegt Jesaja. En daar, zullen wij Hem ontmoeten en zingen in het grote licht.
Daar zijn we geen anonieme, naamloze getallen meer, die volgens de even anonieme nieuwsberichten van onze wereld hebben geleden aan honger of welke ziekte dan ook. Daar sneuvelen we ook niet langer in oorlog of verkeer, daar zal de Grote veilige vrede zijn.
Daar heerst een Vorst die ons allemaal bij onze namen kent.
En daar mag Bono met Jesaja samen ‘Vrede op aarde’ zingen in de wetenschap dat zijn kritische refrein niet meer nodig is, omdat lam en leeuw en hoop of belofte en geschiedenis elkaar niet meer uitsluiten.
Daar is het kerstkind Koning en al onze boosheid, twijfel en onverschilligheid gesmolten, als sneeuw voor de zon. Halleluja!
Deze meditatie werd gehouden tijdens de kerstavonddienst van 2009 in Utrecht.
Peter Sierksma is historicus en journalist. Hij is lid van de NGK Utrecht.