Dorcas
2010-12-10
Ooit kreeg ik op 5 december een surprise die een grote Dorcas vrachtauto moest voorstellen In het bijgevoegde gedicht stond dat ik in die bus goede gaven zou vinden voor mijn gezin. Of ik ze maar wilde uitdelen. Want daar staat Dorcas nu al 25 jaar voor. DorcasHulp is inmiddels zo bekend geworden onder ons, dat je bij het horen van die naam geneigd bent eerder aan de hulporganisatie te denken dan aan de bijbelse Dorcas van wie de naam geleend is- Jaargang 54
- nummer 24
Wat voor mens was zij eigenlijk?
Ze was een discipelin, vol van goede werken en aalmoezen, volgens de Statenvertaling. Ik zie haar voor me. Een wat oudere niet onbemiddelde vrouw. Waarschijnlijk veel meegemaakt. Dood, verdriet, zorgen. Worsteling met zichzelf, verleiding, jaloezie, onbegrip. Lijden aan de leegheid van het bestaan. Angst voor het onvermijdelijke einde.
Tot haar van Jezus wordt verteld. Vergeving van zonden en een eeuwig leven! Ze bekeert zich, wordt volgeling van die Heer en dat verandert haar leven radicaal.
Ze was altijd goed geweest voor haar personeel, maar nu ze Jezus kent moet ze haar ruime hart ook laten spreken voor anderen. Ze kijkt om zich heen en ziet het gehandicapt zoontje van haar buren. Wat kan ze voor dat kind doen? Ze ziet zieken die versterkende middelen nodig hebben. De bedelaar bij haar poort stuurt ze niet weg. Ze helpt bij bevallingen, troost stervenden. Mensen doen nooit tevergeefs een beroep op haar. In de gemeente van haar nieuwe Heer zoekt ze de eenzame weduwen op. Vooral hun nood trekt ze zich aan. Die vrouwen hebben warme kledingstukken nodig. Haar creativiteit wordt geactiveerd en in de naaikamer van haar huis gaat ze aan de slag. Zo bloeide Dorcas op tot de vrouw die in Handelingen 9 wordt beschreven. Ze gaf veel liefde omdat haar zoveel genade was geschonken door haar Heiland.
En dan, plotseling wordt zij ziek en sterft. Verbijsterd staan familie en vriendinnen om haar bed. Dorcas dood, dat kan toch niet? Ze kunnen haar nog niet missen!
Iemand zegt: ‘Petrus, de apostel, vriend van Jezus, is in Joppe, laten we hem halen!
Wat hopen ze?
Petrus komt. De weduwen drommen om hem heen en huilend laten ze hem het werk van Dorcas zien. Hij stuurt iedereen weg, knielt neer bij de dode vrouw en bidt. Dan zegt hij tegen haar: ‘Tabitha sta op!’ En levend brengt hij haar weer in hun midden.
Een mooi verhaal. Maar wat hebben wij daar aan, vandaag? Als de Dorcas die wìj kennen plotseling sterft? Petrus kunnen we er niet bij roepen – die is zelf dood. De dokters kunnen niets meer doen. Dan kunnen we alleen maar naar boven toe ‘help, help!’ roepen.
Roep je Mij aan, dan antwoord Ik, ben je in angst en vreze, dan kom ik nog dat ogenblik om je nabij te wezen.
Ytje Veefkind is lid van de NGK in Amersfoort-Noord.