Roemenië: Revolutie na lijden en gebed

1990-08-03
  • Jaargang 34
  • nummer 16
In Timisoara, de stad waar het allemaal begon, is aan de omwenteling een maand van bidden en vasten voorafgegaan. De christenen voelden dat het Gods tijd was!
Dit vertelden in een kerk in Wassenaar twee jonge vrouwen die dicht bij het vuur hadden gezeten.
In Oradea hield Paul Negrut, een voorganger van de plaatselijke baptistengemeente, een toespraak op het stadsplein, waar duizenden mensen verzameld waren. Hij getuigde van zijn geloof en riep de mensen op om voor het land te bidden. Duizenden inwoners van de stad, gelovigen en ongelovigen, knielden neer op het plein. Gelukkig stond er een foto bij dit bericht in Kruistochten, voor het geval we het niet zouden kunnen geloven.
De christenen in Roemenië hebben kleine kracht en naar men zegt weinig kennis, maar met hun 'mosterdzaadje' hebben ze datgene gedaan wat Christus zei: een berg in zee (een tyran van zijn troon) geworpen.

15 jaar stáán
Paul Negrut was een van de sprekers op de gebedsvriendendag van Kruistochten op 21 april in Harderwijk.
Het gaat op het ogenblik niet zo goed in Roemenië, vertelde hij. De voorlopige regering heeft verschillende vrijheden die de christenen na de omwenteling hadden, weer ingeperkt.
Zo mogen ze geen samenkomsten meer houden in de open lucht en in openbare gebouwen zoals stadions. Alleen in hun kerken, maar die zijn vaak veel te klein. De baptistengemeente in Oradea, waarvan Paul Negrut voorganger is, is de grootste baptistenkerk in Europa, maar het kerkgebouw is veel te klein om iedereen te herbergen. Sommigen volgen al 15 jaar stáánde de diensten: 's morgens drie en 's middags twee uur. AI heeft de voorlopige regering (nog) geen vergunningen verstrekt voor het bouwen van grotere kerken, in Harderwijk werd in geloof gecollecteerd voor een nieuwe baptistenkerk in Oradea met 4000 zitplaatsen. Paul Negrut kon met f 10.000 en de eerste steen naar Roemenië terugkeren.

"Ik heb u lief"
Paul Negrut haalde herinneringen op aan de tijd dat de onheilige Nicolaas met zijn onveiligheidsagenten het land in een ijzeren wurggreep hield.
Negrut was er altijd van uitgegaan dat hij in Roemenië zou blijven, wat er ook gebeurde, omdat God hem daar, bij de lijdende kerk, zijn plaats had gegeven. Zijn standvastigheid kwam onder zware druk te staan, toen de politie op een dag zijn huis binnenviel en dreigde zijn negenjarig dochtertje te verkrachten, als hij niet bepaalde namen aan hen zou doorgeven. Hij weigerde, en de politiemannen zeiden te zullen terugkomen.
Die nacht besprak hij met zijn vrouw de mogelijkheid van een vlucht naar het buitenland, maar ze besloten eensgezind op hun post te blijven. De politiemannen hebben diverse malen geprobeerd het dochtertje en ook de vrouw van Negrut te verkrachten, maar
iedere keer zorgde God ervoor dat het mislukte.

Een andere keer werd Negrut, om hem klein te krijgen, naar een militair trainingskamp gestuurd. Hij moest daar de vuile karweitjes opknappen: vloeren dweilen, W.C.'s schoonmaken. Hij beklaagde zichzelf diep dat hij, een arts van beroep, zulk vernederend werk moest doenen elke dag groeide zijn bitterheid.
Op een dag kreeg hij van een officier die hem goed gezind was, toestemming het kamp voor vier uur te verlaten.
Zo snel als zijn benen hem vervoeren konden, ging hij naar het huis van de bekende leider van het Leger des Heren (een beweging binnen de Roemeense Orthodoxe Kerk die zich nooit aan het regiem geconformeerd heeft), Trajan Dors.
Hij zou aan de grote man zijn nood klagen en die moest hem dan maar weer opbeuren. Hij trof Dors aan met het bebloede hoofd in de handen, de kleren gescheurd, in een wanordelijke kamer. "Wat is hier gebeurd, broeder Trajan," vroeg Paul Negrut.
"De securistas zijn net weg," antwoordde Dors. "Ze komen iedere week terug om me af te tuigen, maar ik heb God gebeden dat ik iedere week de gelegenheid mag gebruiken om te getuigen. Elke keer als ze me afgetuigd hebben, zeg ik tegen de officier die de leiding heeft: Ik heb u lief, ondanks alles wat u me aandoet.
Als we straks samen voor de troon van God staan, dan gaat u niet naar de hel omdat ik u zou haten, maar dan gaat u naar de hel omdat u liefde hebt afgewezen."
Paul Negrut meldde zich na vier uur weer bij het kamp: de bitterheid was uit zijn hart verdwenen.

Securisten
Later hoorde hij het vervolg op deze geschiedenis. De Securitate-officier ging op een dag weer naar Trajan Dors toe, ditmaal om vergeving te vragen. Hij had kanker gekregen en de woorden van Dors hadden hem niet losgelaten. "Ik heb nog maar enkele maanden te leven," zei hij tegen de leider van het Leger des Heren, "maar ik wil graag dat u weet dat, als we straks samen voor de troon van God zullen staan, we aan .dezelfde kant zullen staan - want ik heb de liefde aanvaard. Wilt u me nu onderwijzen in het evangelie?"
De leider van het Leger des Heren en de officier van de Securitate zijn beiden aan een ernstige ziekte gestorven.
Nu staan ze samen te zingen voor de troon van het Lam, dat zich heeft laten slachten voor goddelozen.

Dat Christus zelfs voor securisten gestorven is, ervoer ook een andere Roemeense christen, die in de dagen na de omwenteling per ongeluk voor een lid van de Securitate werd aangezien en, bij gebrek aan gevangenisruimte, met vierhonderd échte securisten op de bodem van een leeggelopen zwembad in Sibiu werd opgesloten. Toen hij de militaire bewakers niet van zijn onschuld kon overtuigen, maakte hij van de nood een deugd en begon onder zijn medegevangenen van zijn geloof te getuigen. Tot zijn verbazing toonden veel securisten belangstelIng voor het evangelie. Telkens als hij even rust wilde nemen, vroegen ze hem om door te gaan. Negen dagen bracht hij zo door, prekend op de bodem van het zwembad.
Heb je de kosten berekend, vroeg de Here. Jezus, toen iemand zei Hem te willen volgen. Christenen in Roemenië, die bereid waren de prijs te betalen, hebben ervaren dat Christus overwinnaar is!

Open huis
"Wat is het verschil tussen een held en een lafaard?" vroeg Anne van der Bijl ons, toen hij de gebedsvriendendag opende. "Een held rent in de goede richting: recht op de vijand af."
Toen broeder Anne kort geleden in het door strijd verscheurde Beirout een christen opzocht om hem te bemoedigen en zijn hand vast te houden, trof hij hem aan in een huis dat al voor de zesde keer door een bombardement was getroffen. De man vertelde dat toen zijn huis voor de vijfde keer was verwoest, hij tegen de Heer gezegd had: "Heer, voortaan zal ik niet alleen meer mensen van mijn eigen groep in mijn huis ontvangen, maar mijn huis zal openstaan voor mensen van alle groepen in deze stad." Hij hield woord, en zijn huis werd een plaats waar iedereen kon binnenlopen: een unicum in een land waar elke groep een eigen wereld vormt, te allen tijde bereid de anderen naar de andere wereld te helpen. In de twee maanden voordat zijn huis voor de zesde keer werd gebombardeerd, kwamen er in dat huis zeven mensen tot geloof. Geen huis, maar zeven mensen tot de Heer geleid.

Gat in de vlag
De gebedsvriendendag stond in het teken van de omwenteling in Roemenië.
Op het podium hing de Roemeense vlag, met het inmiddels legendarische gat in het midden: de communistische symbolen zijn er uitgeknipt. Paul Negrut gaf ons zijn uitleg van de kleuren van de vlag.
De onderste rode baan is het bloed van de martelaren, in stromen vergoten.
De bovenste, blauwe, baan zijn de Roemeense christenen die naar de hemel hebben opgezien. De middelste, gele, baan stelt het land voor en het gat in het midden het vacuüm waarin het land na de omwenteling is terechtgekomen. Negrut pakte een Roemeense Bijbel om daar het gat mee te dichten: hij hoopte dat Gods Woord in Roemenië de deur zal worden waardoor velen zullen binnengaan in een nieuw leven. De geschiedenis van de Roemeense Kerk is de geschiedenis van martelaren, aldus Negrut. Martelaren staan ook bij de bron van die geschiedenis. Toen in de tijd van de Pax Romana de gevangenissen in Rome te vol werden, stuurden de keizers de christenen als ballingen naar Dacië. Die brachten daar het evangelie aan de bevolking en zo werd Roemenië door martelaren gekerstend.

Leprozenkerk
In de pauze zagen we een videofilm van een Kruistochtenteam dat kort na de omwenteling in Roemenië aankwam. Het was voor deze notoire smokkelaars een hele ervaring overal openlijk Bijbels te kunnen uitdelen. Ontroerend was de vreugde bij de ontvangers. We zagen hoe een vrouw het Boek aan haar hart drukte en een schapen hoeder het in zijn herderstas stak.
In een leprakamp brachten ze medicijnen en medische apparatuur. De dokter had in geen twintig jaar een stethoskoop en een bloeddrukmeter gezien. Het bleek dat onder de 45 leprapatiënten in het kamp 15 christenen waren. Ze vormden een gemeente, waar geen enkel kerkverband zich mee bemoeide. Ook de predikant was een leprapatiënt. Wat waren deze misvormde mensen dolgelukkig toen ze Bijbels kregen!

Pakgoed
Na de pauze vertelden (ex-)smokkelaars hun avonturen uit het nabije verleden, toen alles nog in het geniep moest gebeuren. Uit alle verhalen bleek hoezeer' de Heer zelf·medewerkt met hen die de lijdende kerk bezoeken. Vaak ontkwamen ze op wonderlijke wijze aan controle door de douane.
Een van de smokkelaars bemoedigde de mensen die bij het pakgoed gebleven zijn, d.w.z. hen die, zonder al die bijzondere ervaringen, zijn blijven bidden en geven voor de lijdende kerk. "Geloof me," zei hij, "ik heb mijn loon al: de vreugde van de mensen die de Bijbels ontvingen.
Maar uw loon komt nog!"
Een aansporing om, zittend bij het pakgoed, de pakjes en de handen te blijven vouwen. Omdat Christus overwinnaar is!

Danklied na de omwenteling

1 Prijst, dankt nu God de Heer!
Hij bracht een ommekeer:
aan de landen in banden gebonden
gaf Hij de vrijheid weer!
De mannen van de nacht,
vertrouwend op hun macht,
met hun hamers, hun sikkels, hun leuzen.
heeft Hij ten val gebracht.

2 Zijn volk ging diep gebukt.
vervolgd en onderdrukt.
maar de gesels waarmee zij het sloegen
heeft Hij uiteengerukt.
Hij hoorde hun gezucht;
tyrannen zeer geducht
met hun hamers, hun sikkels, hun leuzen,
God joeg ze op de vlucht.

3 Een Krijgsheld is ontwaakt
en heeft zich naam gemaakt.
want het zuchten en vluchten der kleinen
had Hem het hart geraakt.
Hun roep heeft Hij gehoord.
De leuzen zijn gesmoord
en verdwaasde, verbaasde misleiden
gaan vragen naar zijn Woord.

4O God, bestel uw recht.
zoals Gij hebt gezegd.
Doe de laatste verdwaasde tyrannen
omkomen op hun weg!
Dat iedereen belijdt
dat Gij de Koning zijt.
die uw vrinden, beminden, uw kindren
met sterke hand bevrijdt.

Tekst: Johan Klein (1950)
Melodie uit Valerius' Gedenckclanck 1626:
Heer. als ik denk aan 't goed

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief