Boekbespreking
1990-08-03
Persoon en werk van de Heilige Geest - Jaargang 34
- nummer 16
Dr. L. Floor - Persoon en werk van de Heilige Geest - serie: Bij-tijds geloven - Uitgeversmaatschappij J.H. Kok - Kampen - 118 pag.f 19,90.
Een duitse theoloog sprak over de 'Geestvergetelheid' van de kerk. Hij vergeleek de Heilige Geest met het reservepaard uit de tijd van de postkoets.
De reiziger moest voor dit paard wel extra betalen, maar kreeg het dier nooit te zien. Waarom, zo luidt de vraag, is het zo mistig in de kerk wanneer men het wil hebben over de werking van de Heilige Geest? Demonstreert dat bij al onze rijkdom niet een bepaalde armoe?
Er zijn in de loop der tijden allerlei barrières opgeworpen waardoor die Geest werd belemmerd in de voortzetting van zijn triomferende tocht in de gemeente. Als het traditionalisme ons in zijn greep heeft ebt het echte leven steeds meer weg. Dan wordt het alles bij elkaar een doodse boel.
Terwijl de Heilige Geest dynamisch is. Zijn Naam - Geest - windstroom - verraadt dat al. Zonder de Geest immers schiet het geloof geen wortel, heeft de hoop geen uitschieters, draagt de liefde geen vrucht en krijgt de kreativiteit geen kans. Als we het hebben over de Heilige Geest hebben we het als nieuwtestamentische gelovigen over de Geest van Christus als de andere Trooster, die Hij gezonden heeft. Zo is de Geest ook de Geest van het Woord. Het is de kracht van het boek van Prof. Floor, emeritus-hoogleraar in de nieuwtestamentische vakken aan die Teologiese Skool van die Gereformeerde Kerk te Potchefstroom (Zuid-Afrika), dat o.a. deze noties de opzet van zijn lezenswaardig geschrift beheersen.
Er wordt ruime aandacht geschonken aan de oudtestamentische Openbaring. Op de eerste bladzijde van de Bijbel treffen we al de H. Geest aan. Het gaat dan om die Geest van God als een persoon en als een kracht. Die Geest versiert met speciale gaven, zodat mannenbroeders als ware kunstenaars kunnen opereren in het kader van de tabernakelbouw. Die Geest stimuleert Simson en dirigeert een man als Gideon. Er zijn met de Geest gezalfde profeten, priesters en koningen.
Niet heel het volk, maar enkele uitverkoren personen delen in het bezit van de Geest. Maar in het O.T. wordt de nieuwe bedeling geprofeteerd. Dan zal de Geest continu en absoluut present zijn en zijn werk verrlchten.ç.De grote heilsl'listorische omkeer door kruis en opstanding is van beslissende betekenis voor het werk van de Heilige Geest, want dan ontplooit Hij zijn aktiviteit in de wereld in al zijn kracht." (p.17).
De zeer innige band tussen Jezus Christus en de Heilige Geest heeft eigen konsekwenties voor het leven van de gelovige. Ons heil staat of valt met de Heilige Geest. De auteur gaat èèn- en andermaal dieper in op de verschillen met het Pentecostalisme (de Pinksterbeweging) en de charismatische beweging. Zij poneren, dat er na de wedergeboorte een tweede daad van de H. Geest nodig is om met de Geest vervuld te worden.
Men noemt dat de 'second blessing' - de tweede zegen. Met name op grond van I Joh. 2:20 wijst Floor deze gedachte volstrekt af. Allen hebben de zalving met de Geest ontvangen en niet slechts een kleine élite-groep in de gemeente (p.38).
De Heilig Geest is de Parakleet - de Zaak- en Pleitbezorger, de Advokaat.
Hij wordt door Christus gestuurd om te geruigen en te overtuigen.
In het Johannes-evangelie is daarvan met name duidelijk sprake.
Dr. Floor gaat zo de betekenis van de werking van de H. Geest na in de verschillende geschriften van het Nieuwe Testament. Dit leidt tot de opsomming van verschillende interessante gegevens waardoor een helder licht valt op de bedoeling van bepaalde uitdrukkingen, die ten aanzien van de aktiviteit, die de Geest ontwikkelt, een eigen zeggingskracht hebben. Bij Paulus is de werkzaamheid van de Geest sterk gericht op de kerk als het lichaam van Christus. Via de kerk, dus via ons, wil de Geest de wereld benaderen.
Hij vernieuwt en bekwaamt.
Daartoe is veel gebed nodig. Uitvoerig komt dat aan de orde. "Deze Geest (nI. de Geest van de Zoon) heeft God uitgezonden in onze harten en van daaruit roept Hij, bidt Hij: Abba, Vader (Abba is het aramese woord voor Pappa). Het gelovige mensenhart is het bidvertrek van de Heilige Geest en diep vanuit ons binnenste roept Hij tot God' (p 69).
De Geest werkt door het Woord. C. Veenhof, die in dit verband door de Nieuw-Testamenticus uit Zuid-Afrika wordt geciteerd, heeft in zijn uitstekende inaugurele rede benadrukt, dat de Geest zijn Woord is. Hij is wat Hij zegt. Dit ligt in de lijn van Calvijn, die gezegd heeft, dat de Geest Zich sedert Pinksteren met een onverbrekelijke band aan het Woord gebonden heeft. Dit beperkt de souvereiniteit van de Geest niet, want Hij heeft Zich souverein aan het Woord gebonden.
In verband met de moderne theologie aksentueert Floor het individuele werk van de Heilige Geest.
Het gaat de Geest niet zonder meer om de strukturen, maar om de mensen binnen bepaalde strukturen.
"Nieuwe mensen kunnen in bepaalde gevallen nieuwe structuren te voorschijn roepen, maar nieuwe structuren geven geen nieuwe mensen."
(p.109). We zouden nog nader kunnen ingaan op de nauwe band tussen de sakramenten van Doop en Avondmaal en de Heilige Geest, maar willen het hierbij maar laten.
Hopelijk hebben we u zo voldoende inzicht verschaft in de rijke inhoud van dit boek, dat in de genoemde serie een voorname plaats inneemt.
Wil men iets weten over de Persoon en het werk van de Heilige Geest, dan vindt men in dit keurig uitgegeven geschrift het nodige om zich nader te oriënteren. Wel betreuren wij het, dat Prof. Floor geen uitleg heeft gegeven van termen als het bedroeven van de Geest en het uitblussen van de Geest etc. zoals de apostel Paulus het daarover heeft in zijn eerste brief aan de gemeente te Thessalonica. Ook vinden wij het jammer, dat een tekst- en zakenregister ontbreekt. Maar verder hebben wij alle lof voor deze fijne uitgave, die ons de Schrift en de belijdenis beter doet verstaan. Daarom eindigen wij met een hartelijke aanbeveling!!