De dubbele bodems van Pinksteren
1989-05-12
Het Paasfeest en het Pinksterfeest zijn als met een onzichtbaar touwtje met elkaar verbonden. Als Pasen laat valt is Pinksteren laat en als Pinksteren vroeg is, dan is Pasen ook vroeg. De oorzaak is natuurlijk duidelijk: Pinksteren valt 50 dagen na Pasen. Maar Pasen en Pinksteren hebben meer met elkaar te maken dan alleen een toevallige afstand van 50 dagen op de kalender.- Jaargang 33
- nummer 10
Pasen en Pinksteren komen we in het Oude Testament tegen als Pésach en het 'Wekenfeest'. Het zijn oogstfeesten. Met het Paasfeest wordt het begin van de graanoogst gevierd, met Pinksteren het einde van de graanoogst. Paasfeest is het feest van de gersteoogst, Pinksteren is het feest van de tarweoogst.
Wat met Pasen is begonnen, wordt met Pinksteren voltooid.
Nu zijn Pasen en Pinksteren niet alleen maar oogstfeesten. Het Paasfeest was in het Oude Testament ook, of juist het feest van de uittocht, van de bevrijding uit Egypte.
Het feest had daarmee een diepere dimensie, een dubbele bodem. Alsof het wilde zeggen: De God van het leven, die leven geeft door het brood uit de aarde te doen opspruiten, die God heeft vrijheid gegeven aan het slavenvolk. En zo was dankdag voor de gersteoogst geworden tot bevrijdingsdag, de dag van de herdenking van de geboorte van de natie.
Bij het oude wekenfeest werd afgesloten wat met Pasen was begonnen.
Is er bij dat wekenfeest ook een diepere dimensie gekomen, vergelijkbaar met de diepere dimensie die aan Pasen was toegevoegd?
In het Oude Testament komen we niet zo een dubbele bodem, een omzetting van het wekenfeest tegen.
Het bleef gewoon het feest van de afsluiting van de oogst.
Maar in de Joodse traditie vinden we wél dat aan het Pinksterfeest een diepere betekenis wordt toegekend.
In de traditie wordt het Pinksterfeest verbonden met de wetgeving op de Sinaï. Nu is het niet zeker wanneer precies die verbinding voor het eerst is gelegd, maar het lijkt zeer waarschijnlijk dat die traditie bekend was ln.de tijd van Jezus.
En het is een traditie, die blijk geeft van het verstaan van de Schrift. Als immers de uittocht samenviel met de datum van het Paasfeest, dan komt het wel uit dat de Israëlieten na ongeveer vijftig dagen bij de Sinaï waren. In Exodus 19:1 staat "in de derde maand". In populaire vertalingen staat: "na drie maanden", maar 'in de derde maand' kan alles betekenen tussen één en' drie maanden (vergelijk 'de derde dag' van het opstandingsverhaal).
Het is op zijn minst een mooie gedachte: Wat met Pasen was begonnen (de uittocht) wordt met Pinksteren voltooid (de wetgeving).
Op de vijftigste dag of, naar onze wijze van tijdrekenen op de negenenveertigste dag, na zeven weken breekt een volmaakte dag aan.
De voltooiing van de uittocht is de wetgeving. Het volk is verlost uit Egypte, maar waartoe is het verlost?
Het antwoord vinden we na zeven maal zeven dagen: De woorden van Gods Verbond. God zelf verbindt zich aan zijn volk en laat zien hoe de grondwet van het verbond eruit ziet: De Tien Woorden uit Exodus 20, de Tien Geboden.
Tien voorschriften om te leven. Om echt te leven. Want daartoe was het volk uit Epygte verlost.
In het Nieuwe Testament krijgt het Paasfeest wéér een nieuwe dimensie.
De symbolen van het Paasfeest worden opgeëist door Jezus. De èchte bevrijding komt door Hem, de èchte verzoening niet door het bloed van een lam maar door het bloed van Jezus Christus.
Pasen wordt méér dan de geboorte van de Joodse natie, het wordt de dag van de geboorte van de wereldkerk.
Vanaf dat moment worden de volken genodigd.
"Het is volbracht!" En de Paasmorgen levert daarvan het stralende bewijs.
In het Nieuwe Testament krijgt ook het Pinksterfeest weer een nieuwe dimensie. Ook hier kunnen we zeggen:
Wat met Pasen is begonnen, wordt met Pinksteren voltooid.
Het lijden en sterven, het offer van Christus is op zichzelf natuurlijk volmaakt, dat heeft geen voltooiing nodig."
Maar hoe zal de werkelijkheid van dat offer, van die verzoening naar de mensen toekomen?
Je zou het de mensen kunnen vertellen!
Ja, lag het maar zo eenvoudig. Je kunt de mensen het evangelie wel vertellen, maar tussen vertellen en overtuigen ligt een hele kloof. Hoe komt de boodschap nu één bij de mensen. Hoe wordt hun hart geraakt, zodat ze niet alleen maar horen over verlossing, maar ook werkelijk verlost worden.
De kloof tussen vertellen en overtuigen kan alleen worden overbrugd door Gods Geest. Hoe zouden wij deel krijgen aan Christus dan door Gods Geest. Het evangelie is niet een aardig verhaal dat redelijk in de markt ligt. Het evangelie is een teken van tegenspraak. Het botst met onze eigen gedachten. Het dringt ons tot een keuze, tot overgave of tot verzet.
Hoe kunnen zwakke mensentongen die boodschap ooit verwoorden I Daar spreekt het Pinsterfeest van.
Het Pinksterfeest gaat gepaard met tekenen. Met richtingwijzers.
"Toen de Pinksterdag aanbrak waren ze allen bijeen." Zo begint Handelingen 2.
Je zou ook kunnen lezen: "Bij het vervuld worden van de yijftigste dag". Dat geeft aan dat die dag niet zo maar kwam na de vorige, maar dat de tijd rijp was. "Zij waren allen bijeen". Hoevelen dat waren laten we nu even in het midden. Laten we eens letten op de tekenen, die gebeuren en' wat die betekenen.
Er is sprake van een geweldige windvlaag en van tongen als van vuur.
Een windvlaag, een storm, die stormenderhand over de hele wereld gaan zal, als teken van Gods Geest - zó zal het gaan. De Geest wordt vaker samen genoemd met de wind. Bijvoorbeeld bij Nicodemus: "De wind blaast waarheen hij wil, gij hoort zijn geluid en weetniet vanwaar hij komt of waar hij heen gaat - zo is een ieder die uit de Geest geboren is" (Johannes 3:8).
De wind is iets raadselachtigs. Onzichtbaar en toch met grote kracht.
Hij kan grote schade aanrichten en is niet te vangen. Daar komt nog bij, dat voor Joodse oren geest en wind hetzelfde woord is. Beide betekenen: adem. De geest van de mens is zijn levensadem. De wind wordt genoemd: de adem van God.
Zo is een stormvlaag, of liever, het geluid ervan, zonder dat een blad opwaait, een krachtig en verstaán-: baar teken van Gods Geest, die niet te berekenen is en die waait waarheen hij wil.
De windvlaag is een teken, bestemd voor het oor. Een teken om te horen.
Maar er valt ook iets te zien.
Tongen als van vuur.
Ook vuur staat vaak als teken van Gods tegenwoordigheid. Denkt u maar aan Mozes en de brandende braambos. Een vuur, zonder dat er brand was. Bij de wetgeving op de Sinaï waren er ook bliksemstralen te zien geweest.
Op de Pinksterdag is er vuur op de discipelen, zonder dat ze in brand staan.
Ook Johannes de Doper had reeds gesproken over 'dopen met vuur'.
Hier ondergaat de gemeente de vuurdoop.
Vuur. Het kan verwarmen, licht geven, maar ook verteren. Een teken dat luide spreekt.
Maar er gebeurde nog méér.
Zij beginnen te spreken in 'andere tongen. .
Let wel, dat is niet een geïsoleerd gebeuren. Het is één van de tekenen die te zien en te horen zijn. Zij spreken in andere tongen.
Wat gebeurt er precies?
Spreken ze allen een andere aparte taal of is er sprake van tongentaal, zoals we die op andere plaatsen in de Bijbel tegenkomen? Hebben de discipelen werkelijk gesproken in andere talen of hebben ze gesproken in geestvervoering en hebben de omstanders daarin ieder hun eigen taal herkend? Och, het maakt eigenlijk weinig uit. "
Het ene. is even wonderlijk als het , andere. Het gaat om het teken. Een teken dat er grenzen worden overschreden, dat taalbarrières worden overwonnen.
Zoals bij het sterven van Jezus graven open gingen als teken van de overwinning op de dood - een voorproeve van wat er komen gaat - zo is bij de uitstorting van de Heilige Geest even duidelijk wat er zal gebeuren als de Heilige Geest"
barrières, ook van de taal, doorbreekt.
Het is het omgekeerde van.
het gebeuren bij de torenbouw van Babel. Toen werden de mensen die één taal spraken verward. Hier vallen grenzen weg.
Er is een Joodse overlevering, dat toen de wet van God op de Sinaï werd afgekondigd, al de zeventig volken van de wereld; die in hun eigen taal hebben gehoord. Als die traditie reeds in Jezus' dagen bekend was, zou het teken daardoor nog sterker spreken; Wij hoeven in onze situatie alleen maar Nederlands te spreken om de grote daden van God door te vertellen.
En, dan, dan kan het wonder zich opnieuw voltrekken. Dat via u, Gods Geest iemand aanspreekt en overtuigt. Pinksteren is daarvan een hoopvol teken.
De Here God wil in zijn dienst mensen gebruiken. Gebruiken. U mag instrument zijn.
Gods Geest wil zich via mensen een weg banen naar het hart van andere mensen. Bent u bereid in dienst te staan van de Geest? Dat is de vraag die we elkaar op het Pinksterfeest moeten stellen.
De kracht van Gods Geest is onbegrensd, daar zal het niet aan liggen.
Dat bewijst Pinksteren.