Studenten werven (kan ik daar wat aan doen?)
2008-01-18
Hoe zou u het vinden als uw zoon of dochter op een dag zou aankondigen dominee te willen worden? Zou u blij zijn? Of zou u hem of haar adviseren maar aan iets anders te denken?- Jaargang 52
- nummer 2
‘Kind, waar begin je aan?’
De dominee heeft een imagoprobleem. Niet alleen buiten, maar ook binnen de kerk. Ook bij hen die vinden dat een predikant niet ‘een genetisch gemanipuleerd schaap met minimaal vijf poten’ moet zijn, voldoet hij vaak niet aan de verwachtingen. Niet inspirerend genoeg, te saai of te vlot, te weinig oog voor de jeugd of de ouderen, te moeilijke of te oppervlakkige preken. Geen wonder dat veel predikanten tobben over de zwaarte van hun ambt en er geen geheim van maken het maar een zware klus te vinden. Ik begrijp dat ook wel. Het is tegenwoordig niet eenvoudig om dominee te zijn.
Predikantenopleidingen krijgen minder jonge studenten. Ook de NGP. Ik vind dat jammer. Maar soms denk ik: ‘Kun je menselijkerwijs anders verwachten?’ Als gemeenteleden vaker kritiek op dan lof voor hun predikant hebben en als predikanten gebukt onder hun ambt door het leven gaan, is het dan gek dat jongeren het niet aantrekkelijk vinden om dominee te worden? Natuurlijk, ik generaliseer en ik ken wel degelijk jongeren die zich blijmoedig geroepen voelen tot het ambt van predikant en er is uiteraard veel meer over dit onderwerp te zeggen, maar toch.
Ik zou zo graag meer predikanten ontmoeten die ondanks alle moeiten en tegenslagen die zij ervaren gegrepen zijn door de ‘schoonheid van het ambt’ en dat ook uitstralen. Die met alle gebreken en beperkingen fungeren als rolmodel voor jongeren. Die tegen jongeren durven zeggen: ‘Heb je er wel eens aan gedacht om dominee te worden? Het is zo’n mooi beroep’.
Ik zou zo graag willen dat wij, gemeenteleden, meer oog zouden krijgen voor de goddelijke dimensie van het ambt van predikant en dat dát ons spreken met en (vooral) over de predikant, ook met onze jongeren, zou kleuren. Ik pleit niet voor herstel van de vroegere verheven plek van de dominee, maar wel voor meer besef voor het gegeven dat de predikant ‘een gezondene’ is.
Laten we maar veel bidden om de komst van nieuwe theologiestudenten.
En laten wij, predikanten en gemeenteleden, er maar aan werken om dat gebed te ondersteunen.
Vooral aan ons zelf.
Bram Wattèl