Over demonen

1990-11-23
  • Jaargang 34
  • nummer 24
We hebben over het rijk der engelen gesproken: Gods dienaars, die zowel boodschappers als strijders als beschermers zijn; talrijk als het zand der zee, immers zo talrijk als de wereldbevolking.

Wanneer het Godsrijk hiërarchieën van engelen bevat, is het aannemelijk dat ook de Satan overhiërarchieën van engelen, demonen, beschikt.
AI te zeer wordt het leger van Gods tegenstander genegeerd; als een pro memorie-post in ons religieuze denken genoteerd. Toch geeft de Schrift ons alle reden en aandrang, om in de geestelijke wereldstrijd, waarmee ons heil ten nauwste betrokken is, alleszins rekening te houden met de demonen.
Wellicht is juist het ignoreren van het Satansrijk de oorzaak van ons misverstaan van deze grote macht: enerzijds doordat onze onbekendheid met de ons omringende vijand ons tot occulte misbruiken kan verleiden - anderzijds doordat we alle 'occulte' zaken bijgelovig als demonisch beschouwen.

We herhalen daarom dat 'occult' slechts bedekt, onbekend, versluierd betekent. Pas wanneer we het occulte ont-dekken, kan blijken wat goed en wat kwaad is; wat uit de Boze en wat een goede gave van God is.

Krachtmeting op hoogste niveau
Toen koning Herodes bij de wijzen uit het Oosten informeerde naar de pasgeboren koning der Joden en een aantal onnozele kinderen liet afslachten, kreeg hij de naam van kindermoordenaar. Die naam verdiende hij. Maar uit Openbaring 12 weten we, dat hier de Satan zelf trachtte de Zoon van God te vernietigen; alleen door Gods directe ingreep werd het kind Jezus gered.

Toen Christus aan het begin van zijn openbaar optreden in de woestijn bij Jericho in verzoeking gebracht werd, was het weer de Satan in persoon, die huichelachtig met Schriftwoorden trachtte Jezus te onderwerpen.

En toen Jezus in de hof van Gethsemane nog eenmaal in de diepste beproeving werd gebracht, kunnen we er zeker van zijn dat ook hier de Satan zelf de krachtmeting met de Heiland aanging. Doordat zijn Vader Hem een speciale engel tot hulp gaf bleef Jezus overeind.

Krachtmeting op generaalsniveau
In Openbaring 12 is sprake van een strijd tussen Gods generaal Michaël en een Draak; nader-blijkt dat met de Draak Satan zelf bedoeld is. Beide vorsten, Michaël en Satan, beschikten over hun 'engelen'; hetgeen inhoudt dat Satan's demonen van huis uit engelen waren.

Ook bij Daniël (10) is sprake van strijd op generaalsniveau. De aartsengel Gabriël (die altijd aan Gods hand staat, Luc. 1:19) werd naar Daniël gezonden, op diens gebed.
Maar Gabriël werd door 'de vorst der Perzen' drie weken lang tegengehouden, waaruit blijkt hoe grote macht een nationale vorst kan hebben.
Pas toen Michaël hem te hulp kwam, kon Gabriël zijn opdracht uitvoeren.

Even belangrijk is wat Jozua overkwam, toen hij voor Jericho - de sleutelstad tot het beloofde landstond. Hem verschee.n "de vorst van het leger des Heeren" , we nemen dus aan Michaël. En zoals de Heere aan Mozes beloofd had ging nu de legermacht der engelen voor Israël uit om het land vrij te maken (1).

Licht en duisternis
Het 'Galilea der heidenen' wordt 'land van duisternis' genoemd. En de profetie van Jesaja luidde: dat dit land een groot licht zou zien. Inderdaad heeft Jezus, het grote Licht, een aantal jaren in Galilea gewoond en gewerkt: Kapernaüm, Gorazim, Bethsaïda. Hij deed daar zelfs grote wonderen (2).

Zodra Jezus zijn eerste genezingen verrichtte", is er sprake van 'bezetenen'.
Ook later bleek een 'maanzieke' bezeten te zijn door een boze geest; de boze geest werd bestraft en de patiënt was zowel bevrijd als genezen. Hetzelfde gebeurde met de dochter van een Kananese vrouw: deze was zowel ziek als bezeten, werd genezen en bevrijd (4). Elders was het een doofstomme, die bezeten bleek (5).

Ook de discipelen kregen macht en volmacht om ziekten, kwalen en onreine geesten te bestrijden, ja zelfs doden op te wekken", Het telkens samengaan van ziekten en bezetenheid geeft te denken. Zou die combinatie verleden tijd zijn? Volgens geleerden is ook nu de grens tussen bezetenheid en krankzinnigheid niet altijd te trekken.
Later genas ook Paulus ziekten en deed boze geesten uitvaren, in een adem genoemd? Toen de zeven zonen van Sceva hetzelfde probeerden te doen, werden ze aangevallen en overweldigd door een enkele demoon; waaruit de kracht van sommige demonen blijkt!

Ook blijkt dat een mens door verscheidene demonen tegelijk kan zijn bezeten. De demonen van twee bezeten mensen in Gardara voeren in een grote kudde zwijnen". Hetzelfde vinden we in de gelijkenis van Jezus over de gezuiverde mens", die voor zijn bezetenheid niets positiefs in de plaats stelde en daarna door zeven gevaarlijker demonen bezeten werd.

Juist door het verjagen van demonen, meer nog dan door het genezen van ziekten, werd duidelijk dat het koninkrijk der hemelen was aangebroken, waar 'geweldenaars' (elitetroepen van Satan?) zich op wierpen (10). Het Licht der wereld was verschenen, de duisternis moest wijken. Herinner u dat de secte der Essenen, die in Kumran leefde, sprak van zonen des lichts en zonen der duisternis; sommige geleerden zeggen, dat Johannes de Doper zijn opleiding bij die Essenen heeft genoten.

Toen eens beweerd werd dat Jezus demonen uitwierp met hulp van de Satan, antwoordde de Heiland dat Gods Geest ze uitdreef; en dat hiermee zijn koninkrijk was aangebroken.
En wee degene die het anders wilde stellen, die de frontlijn verdoezelde!

Krachtmeting op ons niveau
We kunnen het betreuren dat we vandaag geen apostelen meer grote dingen zien doen. Maar als we bedenken dat met Jezus' komst het koninkrijk Gods is begonnen te komen, waartoe wij elke dag ons gebed voegen, dringt het tot ons door dat wij op ons eigen niveau de krachtmeting moeten voortzetten.
Vromelijk, dapper, tegen de zonde, de Satan en zijn ganse rijk te strijden en te overwinnen, luidt onze opdracht. Want onze strijd is niet tegen vlees en bloed (stoffelijke, zichtbare vijanden) - maar tegen de onzichtbare geestelijke boosheden rondom ons, het rijk der demonen.
Daartoe staat een complete 'wapenrusting Gods' voor ons beschikbaar: een koppelriem van de Waarheid, een kogelvrij vest van de gerechtigheid, schoenen van evangelische paraatheid, een schild van geloof, een helm van heil en een zwaard van Gods Woord. En ons gebed! (12).
Mattheüs 13 geeft ons de les van kruid en onkruid. Iemand zaaide goed zaad in zijn akker, maar de vijand zaaide er onkruid doorheen.
Kinderen van Gods koninkrijk hebben aan alle kanten te doen met kinderen der duisternis. Zelfs binnen het zelfde hart komen vruchten des Geestes en vruchten van Satan aan het licht. Dit moest niet zo zijn, zei Jacobus. Maar de Heer van de oogst zegt: later wordt het wel gescheiden; later wordt met vuur verbrand wat niet deugt - en gelouterd wat wel deugt. In de geestelijke strijd - zegt de Schrift - zullen we niet onderliggen, ons niet laten overweldigen.
Want "die met ons zijn zijn meer dan die bij hen zijn'"!".

1 Joz. 5:14 - 2 Jes. 8:23-9:1 - 3 Matt. 4:24 - Mtt.17:18 - 4 Matt. 15:22 - 5 id. 9:33 - 6 id. 10 - 7 Hand. 19 - 8 Matt. 8 - 9 id. 12 -10 Luc. 16:6 - 11 2 Kon. 6:17 - 12 Ef. 6.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief