Zending

1990-12-07
  • Jaargang 34
  • nummer 25
Filosofie en zending
Hebben filosofie en zending iets met elkaar te maken?
We zijn geneigd om die vraag ontkennend te beantwoorden. Het lijken twee totaal verschillende werelden.
Toch kan de zending niet zonder de filosofie - of de filosofie zonder de zending, beter: de missiologie kan, ik laat dat nu maar in het midden; in elk geval hebben niet veel filosofen, ook niet die van christelijke of zelfs reformatorische huize, zich met zending bezig gehouden. De enige naam die me te binnen schiet is die van Bennie van der Walt van Potchefstroom.
Maar wat nu volgt mag als illustratie dienen bij mijn overtuiging dat zending niet zonder de filosofie kan. En het is met dankbaarheid dat ik deze bijdrage aan Henk Geertsema opdraag ter gelegenheid van zijn 50ste verjaardag. Wat ik van filosofie weet, en te veel is het helaas niet, heb ik destijds op L'Abri van hem geleerd, en niet te vergeten uit zijn publikaties.

Op kaSodo mogen we dit jaar een verhoudingsgewijs grote groei van de kleine gemeente meemaken. Dat had ik niet verwacht. We werken hier al een jaar of vijf met tot nu toe weinig opzienbarend sukses. Vorig jaar werd een gezin gedoopt; er waren een paar regelmatige bezoeksters in de kerkdiensten. Maar dit jaar hoop ik geen zes maar vijftien belijdende leden in deze afgelegen streek aan de overkant van de Heila Heila Pas te hebben. Het aantal doopleden zal ook sterk toenemen. Dat is verheugend natuurlijk. Het leert ook om geduld te hebben. Om het vertrouwen te winnen van de mensen kost tijd. En een relatie op bouwen neemt geen maanden maar jaren in beslag.
En het is ook de Geest die het moment kiest voor de oogst. Dat vooral mag niet vergeten worden.

Ach, er zullen ook wel heel menselijke faktoren meespelen bij de keuze van onze gemeente hier. Een van de nieuwe leden is een aloude vrouw van roomse huize. Ik vroeg haar waarom ze nu haar eigen kerk verliet om zich aan te sluiten bij een gereformeerde. Haar antwoord was eerlijk: ik woon te ver weg van de roomse kerk; ik kan er nooit naar toe; ik zie ook nooit iemand van de kerk. Jullie kerk is fijn dichtbij; en jullie komen ook langs. Onze kerk was bereikbaarder voor haar: op zich geen slecht kenmerk voor een ware kerk. Ik bracht er tegen in: maar er zijn toch wel verschillen tussen de roomse en de gereformeerde kerk? Wel, dat wist ze niet.
Maar munye uNkulunkulu, nietwaar?
God is een, oftewel: God is in alle kerken de zelfde; dus met die verschillen zou het ook wel mee vallen.
Ik zal niet proberen haar de verschillen tussen Rome en Reformatie alsnog bij te brengen. Ze zal er vanzelf wel achter komen dat het in onze kerk anders toegaat dan in de roomse.
Maar ik had het er eerst wel wat moeilijk mee. Te meer omdat onder de andere nieuwe leden een paar oude, ongeletterde vrouwen zitten die geen flauw benul hebben van kerk en geloof. Ze klutsen van alles door elkaar: ze hebben ook een zionistische achtergrond. Hoe hen doopklas te geven? Zou ik ooit in staat zijn hen de geloofszaken uit te leggen, zodat ze zouden begrijpen waar het om gaat in het evangelie?
Hoe kun je nu lid zijn van een kerk zonder een goed begrip te hebben van wat het evangelie leert?

Ik cursiveer de woorden uitleggen, begrijpen, begrip en leren om duidelijk te maken waar mijn probleem lag. Geloven is in onze westerse wereld toch wel heel sterk een intellektuele aangelegenheid. Als we verstandelijk begrijpen wat de bijbel leert, als we intellektueel door hebben wat een kerk belijdt, denken we dat we ten aanzien van het geloof al een heel eind op weg zijn. Misschien dat een zekere, eenzijdige uitleg van Zondag 7 ons hier ook parten speelt: geloof is eerst een stellig weten en dan een vast vertrouwen. Op de doopklas maar hard werken aan dat stellige weten, dan zal het vaste vertrouwen wel mee komen. Maar als dat stellige weten, en dan verstaan als verstandelijk begrijpen, nu maar niet wil lukken, kan het dan ooit wel wat worden met het geloof als vast vertrouwen? Hoe kun je nu vast vertrouwen op God, als je ten aanzien van de bijbelse leer over God van toeten noch blazen weet?

Terwijl ik aan het piekeren was over mijn doopklassen op kaSodo, las ik het boek van de canadese christenfilosoof Hendrik Hart over de rol van de bijbel in post-moderne tijd. In dit lezenswaardige boek beschrijft hij hoe in de westerse wereld de visie op de bijbel bepaald werd - en nog wordt - door een sterk rationalistisch denken, dat al bij de Grieken weg komt en vooral ook via de Verlichting het Westen in haar greep heeft gekregen - en Henk Geertsema's L'Abri-lezingen over deze materie kwamen weer bij me boven drijven. Ik sla Harts betoog hier maar over, hoe interessant ook, maar vermeld slechts dat als gevolg hiervan onder andere de waarheid in de bijbel geopenbaard sterk verstandelijk werd benaderd, waarbij intellektueel begrijpen van meer belang werd geacht dan vertrouwend je overgeven aan de leiding die van de bijbel uitgaat en wandelen in het licht dat ze verspreidt.
Natuurlijk moeten we ook weer oppassen voor een andere uiterste: alsof het leren en begrijpen helemaal geen rol mag spelen in kerk en geloo"f. Dat is bepaald niet het geval.

Maar mijn gepieker werd sterk gerelativeerd.
Goed, die vrouwen zullen nooit greep krijgen op de bijbelse leer, laat staan de gereformeerde.
Maar daarom kunnen ze nog wel stellig weten dat God hun Vader en Jezus Christus hun verlosser is en dat de Geest in hen woont, en zo in geloofsvertrouwen op deze God leven. Waarschijnlijk zullen ze in de gemeenschap der heiligen waar liefde woont, meer opsteken dan ik in een klas hen zal kunnen bij brengen.
Het leerproces volgt hier nu eenmaal andere wegen dan in onze westerse wereld gangbaar geworden is. Zeker, die doopklas geef ik.
Maar mijn filosofisch uitstapje heeft me opgefrist en allerlei intellektualistische muizenissen verjaagd.

Een zendeling moet zijn eigen cultuur kennen, weten wat daar aangaat en hoe dat zijn leven beïnvloedt, wil hij in een heel andere cultuur goed kunnen funktioneren.
En daar kan de filosofie hem bij helpen. Filosofische scholing is onmisbaar voor een zendeling. Dit praktijkvoorbeeld heeft me daar weer eens bij bepaald. En ik hoop van harte dat op mijn weg die voorligt Henk Geertsema zijn filosofisch licht blijvend zal laten schijnen. Zeker als dat licht ontstoken is aan het Licht zal het voor menig struikelen bewaren.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief