Boekbespreking
1990-12-07
Mary Batchelor 'Kinderbijbel in 365 vertellingen' Oorspronkelijke titel 'The Childeren's Bibie in 365 stories'.- Jaargang 34
- nummer 25
Eerder verschenen onder de titel: 'Elseviers Kinderbijbel in 365 vertellingen Bewerking Cor Ria Leeman.
Uitgeverij: Kok Voorhoeve Kampen, 1990. Prijs: f 39,90.
De kinderbijbel die mij dit keer ter hand werd gesteld om te beoordelen is geen nieuwe uitgave. Kok Voorhoeve nam hem over van Elsevier en brengt hem opnieuw onder de aandacht van het publiek.
Het is een prachtige uitgave van 416 pagina's in een hard kartonnen, fleurige band, die geplastificeerd is.
De tekst staat in een duidelijk lettertype in twee kolommen gedrukt. Bij elk verhaal staat een mooi gekleurde illustratie. De platen zijn zo levensecht en zo passend bij de tijd en de cultuur van de Bijbel, dat ook volwassenen ze graag bekijken.
De verhalen zijn kort en bondig, voor etkedaq van het jaar één verhaal.
Ze lezen prettig en zijn geschikt om voor te lezen aan kinderen vanaf ongeveer zes jaar. Oudere kinderen, die zelf kunnen lezen, zullen met weinig moeite elke dag een verhaal willen lezen.
Aan de orde komen niet alleen de algemeen bekende verhalen, maar ook minder vaak vertelde, uit Koningen en Kronieken, Ezra, Nehemia, Esther, Ezechiel, Psalmen, Spreuken, Maleachi, brieven van Paulus, Petrus en Jakobus en één verhaal uit Openbaring. De bedoeling van de schrijfster is, volgens het voorwoord met dit boek belangstelling voor de Bijbel te wekken bij de kinderen.
Er wordt eerbiedig over God en de Here Jezus gesproken, de vertelstijl is vrij zakelijk, maar toch boeiend.
De schrijfster laat het niet bij het weergeven van de Bijbelse gegevens, maar geeft er voor de kinderen ook kommentaar bij.
Bij voorbeeld: Als David Bathseba bij zich laat komen staat er ... David wist dat het niet mocht, maar hij wilde er niet aan denken".
Dit zijn alle positieve punten voor een kinderbijbel.
De opzet om de verhalen niet langer te laten worden dan drie minuten, houdt wel in, dat er in de verhalen diverse details weggelaten zijn. Op zichzelf is dat niet zo bezwaarlijk. In een volgende kinderbijbel, die de kinderen onder ogen krijgen, komen de bijzonderheden hopelijk wél ter sprake. (De kinderbijbel van Ingwersen kan ik aanbevelen om zijn uitvoerig en gedetailleerde vertellingen voor kinderen vanaf een jaar of negen.) Wel bezwaarlijk vind ik het als de gegevens, die ter sprake komen niet kloppen met de bijbelse gegevens.
Als de drie hemelse gasten Abraham komen vertellen, dat Sara en hij over een jaar een zoon krijgen, begint volgens deze kinderbijbel Sara hard te lachen, volgens Genesis 18 lachtte zij in zichzelf. De koning van Sodom was een dief, wordt verteld op bladzijde 25. Hij stal alles van Lot en nam hem ook nog gevangen.
Toen Abraham dat hoorde, bevrijdde hij Lot weer. De -geschiedenis met Kedorlaomer wordt hier wel erg verdraaid en verminkt. Ook kwam ik gefantaseerde bijzonderheden tegen.
In deze beknopte vertellingen hadden deze beter ingeruild kunnen worden voor bijbelse bijzonderheden, die weggelaten zijn. Als Jozef en Maria de Here Jezus van twaalf jaar zoeken, wordt er niet verteld, dat ze Hem pas op de derde dag vinden, maar wel wordt er een gefantaseerde man opgevoerd, die hen verteld, dat ze Jezus in de tempel kunnen vinden. Deze voorbeelden zijn geen uitzonderingen. In bijna elk verhaal zijn er voor de oplettende lezer onjuistheden en onzorgvuldigheden te vinden. Soms lijkt het alsof de auteur het verhaal heeft geschreven zonder eerst de Bijbel er zelf op na gelezen te hebben.
Voor een kinderbijbel vind ik dit erg.
Het is noodzakelijk, dat de Bijbel zonder fouten aan kinderen wordt doorgegeven. Veel kinderen komen zelf nooit aan bijbellezen toe. Zij zullen het in hun verdere leven moeten doen met de kinderbijbelgegevens uit hun jeugd. Als die gegevens dan ook nog fout zijn geweest, moeten wij ons niet verbazen over de wonderlijke beelden !die veel jongeren van God hebben.
Storend in deze kinderbijbel vind ik verder, dat in de vertellingen uit het Oude Testament niet wordt heengewezen naar de komst van de Messias.
In het verhaal van de zondeval ontbreekt zelfs de tegenstelling tussen het zaad van de slang en dat van de vrouwen tevens wordt de moederbelofte niet genoemd. Ook de verdere pogingen van de satan om Gods heilshistorisch werk te verhinderen worden als zodanig niet herkend en vermeldt. Volgens het voorwoord geven de Oudtestamentische verhalen ..inzicht in de groei van het zwervende Hebreeuwse volk tot natie, maar ook, en vooral, in het zoeken van een volk naar God. Dat de Bijbel ons juist het omgekeerde leert, namelijk dat God in Zijn liefde steeds Zijn volk opzoekt en leidt teneinde Zijn verlossend werk in Christus te kunnen volbrengen, komt in deze kinderbijbel niet tot uiting.
Dat is jammer, omdat de Nieuwtestamentische verhalen wel heel goed weergeven, dat Jezus Christus gekomen is om de mensen te verlossen van hun zonden en dat Hij daarvoor Zijn leven gaf.
Tenslotte wil ik nog wijzen op sommige storende (ver)taalfouten en op het feit, dat op enkele bladzijden de illustratie niet bij het verhaal past, maar bij het voorafgaande. Ook zijn de teksten van de pagina's 322 en 323 verwisseld. AI met al is dit een kinderbijbel waar verschillende bezwaren tegen in te brengen zijn, maar die ook positieve punten heeft.
Onder begeleiding van ouders, die de Bijbel goed kennen en daardoor voorkomende fouten kunnen korrigeren, kan deze kinderbijbel ter afwisseling van andere wel gebruikt worden voor enige tijd. De kinderen zullen het zeker waarderen, mede door het aantrekkelijke uiterlijk en de prachtige platen.