Persschouw

1990-12-21
  • Jaargang 34
  • nummer 26

Twee emeriti-predikanten over hun vroegereleermmeester
Op 19 december 1890 werd Klaas Schilder in Kampen geboren.
Omdat hij uitgroeide tot een uitzonderlijk bekwaam theoloog en als zodanig gedurende een jarenlang predikantschap en professoraat de gereformeerde kerken heeft gediend en voorts via de Vrijmaking zo ontzettend veel voor ons heeft betekend willen wij in deze rubriek van dit blad de herdenking van het geboortejaar van dit begaafde kind van God afsluiten met het vragen van de aandacht voor twee artikelen, resp.
geschreven door twee emeritipredikanten uit de kring van de nederlands geref. kerken.
Eerst citeren wij uit een artikel van Ds. J. Goudzwaard te Nijkerk, gepubliceerd in: KERKBODE VAN NEDERLANDS GEREFORMEERDE KERKEN onder de titel: PROF.DR. KLAAS SCHILDER. Goudzwaard schrijft o.a.:

Schilder als gereformeerd theoloog
Als strijder voor de gereformeerde waarheid is K.S. in brede kring bekend geworden, zowel voor als na zijn benoeming tot Hoogleraar Dogmatiek te Kampen, in 1933. Heel zijn leven is hij overtuigd en van harte gereformeerd geweest, dat wil zeggen: de gereformeerde belijdenisgeschriften deden voor hem recht aan Gods Woord en verschaften de basis én volledig ruimte voor het dienen van de Waarheid. Onverschrokken en onvermoeibaar bestreed hij in eigen kerk en daarbuiten wat Z.Î. niet voldoende recht deed aan of in strijd kwam met de leer van de Schrift.
Hij was daarin scherp; daarin was hij overigens de enige niet. Maar ook oprecht, wat niet van alle polemiek toen gezegd kon worden. En hij was er nooit op uit mensen te kwetsen: hij bestreed záken, standpunten zei hij meermalen, en toonde ook dat hij de mensen achter die standpunten waardeerde.
Dat niet elk slachtoffer van zijn machtige kritiek eigen standpunt en eigen persoon even scherp kon scheiden als K.S. is natuurlijk wel te begrijpen. Maar wie niet meer eigenliefde dan waarheidsliefde had, moest erkennen dat zijn kritiek vaak hout sneed, of het nu tegen sommige ideeën van Kuyper, tegen Barth of tegen de N.S.B. ging, en dat hij daar de theologie mee verder bracht en gevaren scherp zag.
Zijn eerlijkheid bleek heel duidelijk daaruit dat hij de NSB fel bleef bestrijden na de Duitse inval in 1940.
Het kwam hem te staan op gevangenschap en daarna een schrijfverbod - maar velen had hij intussen wakker geschud en weer moed gegeven!

Het kerkelijk conflict
Daarom was en blijft het een trieste blamage voor de gereformeerde kerken in die tijd, dat ze juist deze man door hun bindende leeruitspraken en tuchtmaatregelen kwijt zijn geraakt. Of moet ik zeggen: voor de theologen, die tegen hem ingingen?
Neen. Want het meest verbijsterende was, dat de afgevaardigden van de kerken deze theologen aanvaardden als kérkelijke leiders, en meewerkten aan het tot kerkleer verheffen van een stuk theologie, en aan het sluiten niet alleen van zijn leerstoel, maar ook van de kansel voor hem (tegen het kerkrecht in!), omdat K.S. na het sluiten van de synode met zijn bezwaren tegen de daar genomen besluiten naar de kerkeraad ging ...
In 1988 hebben die kerken erkend, dat dit allemaal niet zo had mogen gebeuren. Gelukkig - maar erg laat; en dat nu de theologie daar op haar plaats is teruggebracht en de mondigheid en verantwoordelijkheid van de kerken zelf en hun verantwoordelijkheid beter wordt verstaan, is mij daaruit niet gebleken.
En het blijkt steeds duidelijker in onze tijd, dat het funest is voor een kerk, als men de theologen laat uitmaken wat men moet geloven. Iedere gelovige heeft rechtstreeks toegang tot Gods Woord, en dat is niet een theologisch woord. Wat God ons te geloven geeft en te doen geeft, is ook zonder theologie duidelijk, al kan de theologie hierbij hulpdiensten verlenen.
Vervolgens is Ds. Z.G. van Oene aan de beurt. Hij schreef in: ONDER DE LELIE - wekelijks orgaan van de nederlands
gereformeerde kerk van Zwolle - over: HERDENKING GEBOORTEJAAR PROF.DR. K. SCHILDER o.a. het volgende:

Eenheid
De man die als scheurmaker is veroordeeld, geschorst en afgezet, heeft juist in zijn leven gewerkt aan en gestreden vóór de eenheid.
Wat een ander kortgeleden typeerde als de beide brandpunten van zijn levensarbeid: de strijd voor de waarheid en de worsteling om de eenheid, kan niet minder van K.S., zoals we hem steeds noemden, gezegd worden.
Maar hij wilde niet de eenheid ten koste van de waarheid.
Daarom heeft hij vaak in felle polemieken de záken waarom het ging tussen hem en anderen aan de orde gesteld. Ik zei: in felle polemieken.
Fel was hij als hij merkte dat er gekonkeld werd, als er met ondeugdelijke argumenten gewerkt werd, als beschuldigingen zonder bewijs werden geuit. Dan ontzag hij ook (standpunten van) bekende mensen niet.
Maar zeer terecht is door de familie op de steen van zijn graf laten beitelen: 'opdat zij allen één zijn.' De vrucht van zijn arbeid - hoewel vele jongeren alleen de naam van deze gelovige geleerde gehoord zullen hebben - ondervinden de gemeenten nog dagelijks. We hebben dwalingen leren zien, we hebben de vastheid van Gods verbond en beloften mogen terugvinden. Die waren bij velen zoekgeraakt.
We hebben ook kleine van grote belangen leren onderscheiden en de unieke plaats van de kerk in het werk van God opnieuw mogen ontdekken.

Wij mogen met deze gegevens, door beide scribenten aangereikt, onze winst doen. Dat behoort zelfs - anders gezegd - tot onze christelijke opdracht! Onze Here God gooit zijn gaven niet te grabbel, maar dirigeert ze via bepaalde personen en in en voor bepaalde situaties. Als we dat verdiskonteren in het geloof zien we de lijn lopen van Gods Vaderlijke Voorzienigheid. Hij is de God, die geschiedenis maakt en daarbij mensen inschakelt, soms met een grote verantwoordelijkheid. Maar Hij zoekt bij ons de vrucht daarvan. Want dáár heeft Hij recht op. Laten we daarmee tot onszelf inkeren aan het eind van dit bijzondere herdenkingsjaar!!

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief