Enkele ontvangen boeken
1992-09-25
De onbekende Hitler - Jaargang 36
- nummer 20
De schrijver van dit boek, P.F.M.Fontaine is historicus. Hij heeft een jaar gewerkt bij het Rijksinstituut voor Oorlogsdocumentatie, is leraar in het voortgezet onderwijs geweest en heeft aan de Rijksuniversiteit in Utrecht gedoceerd. Hij heeft getracht een antwoord te geven op de vraag wie Hitler eigenlijk was. Wat voor een mens was hij? Wat dreef hem?
We worden uitvoerig geïnformeerd over zijn afstamming, over zijn ouders, zijn verhouding tot hen, zijn ziekte en aftakeling, de verhouding tot vrouwen en zijn onrustige zwerversleven. Vervolgens maken we kennis met HitIer als soldaat; hij was beslist niet bang uitgevallen, was eerder een fanatiek soldaat te noemen, werd enkele keren onderscheiden, maar kwam niet in aanmerking voor een leidende functie. In de laatste twee hoofdstukken komen we steeds dichter bij de vraag: wie wás hij eigenlijk? Fontaine noemt hem een 'killer', een moordenaar voor anderen en voor zichzelf. Was HitIer gek? Beslist niet; geen psychiater zou hem niet toerekeningsvatbaar noemen. Was hij dom? AI weer: beslist niet. Hij had een heel sterk, bijna fotografisch geheugen, kon problemen snel doorzien en tot de hoofdzaken herleiden. Maar hij had wel een heel hoge dunk van zichzelf; Fontaine spreekt van "de godgelijke Führer"; hij leed aan een bijna onvoorstelbare zelfoverschatting.
De laatste paragraaf heeft als titel de vraag van het begin: Wie was Adolf HitIer? Uiteindelijk moet ook de schrijver van dit boek bekennen dat hij het niet weet. De laatste zin luidt: "God alleen weet het antwoord."
We krijgen in dit boek veel informatie, maar er staan in mijn kast méér boeken waarin minstens zo veel te vinden is. Toch heb ik dit werk met grote interesse gelezen. Iedereen die belangstelling heeft voor de Tweede Wereldoorlog kan ik het aanbevelen.
Uitgever: Ambo te Baarn; Omvang 333 bladzijden; Prijs: f 49,50.
De dominee heeft een beroep
Er dwarrelen boeken van heel uiteenlopende soort op mijn bureau. Zo ook: De dominee heeft een beroep. Het is geschreven door drs. M.A. v.d. Berg en het verscheen al ongeveer een half jaar geleden. Eerst was i.kvan plan er in Opbouw geen aandacht aan te schenken, maar het is zó'n merkwaardig boekje dat ik het toch even wil noemen. De schrijver heeft geput uit ongeveer vijfenzeventig. brieven van zo'n honderd jaar geleden en we krijgen een aardige kijk achter de schermen. Ik moet zeggen: het ging niet altijd erg fijn toe bij het beroepinqswerk.
Soms probeerde een dominee duidelijk een beroep uit te lokken, om niet te zeggen dat hij eigenlijk solliciteerde.
En als een predikant al binnen een jaar een nieuw beroep aanneemt, dan is er toch wel iets vreemds aan de hand. Wij kunnen ons ook niet voorstellen dat het tamelijk normaal was als iemand al na twee of drie jaar naar een andere gemeente vertrok. Toch komt er heel wat bevindelijkheid om de hoek kijken. Het lijkt me echt een boekje voor liefhebbers van 'kleine kerkgeschiedenis' . Er komt in het boek één zinnetje voor dat ik u niet wil onthouden. Iemand die een bepaalde predikant wil aanbevelen, schreef: "Hij is goed gereformeerd, ik geloof zelfs dat hij God vreest."
Uitgever: De Groot Goudriaan, Kampen. Omvang: 88 bladzijden. Prijs: f 15,90.
Schrijvend op wegis een bundel die zichzelf omschrijft als: verhalen, gedichten, liederen en essays in èhristelijk perspectief. Het is een uitgave ter gelegenheid van het tienjarig bestaan van de vereniging van protestantschristelijke auteurs 'Schrijvenderwijs'.
Zo gevarieerd als de inhoud is, zo verschillend is ook de kwaliteit van de bijdragen. Het proza kon mij het meest boeien. Er staat bij voorbeeld een stuk in van Hans Werkman; daarin beschrijft hij twee jongens tijdens een kerkdienst, in toom gehouden door de dwingende blik van hun kennelijk erg dominante vader. Een wat ironische beschrijving van de kerkdienst, het begrip voor het gedrag van de jongens en een goed waarnemingsvermogen leveren prettige leesstof op.
Het verhaal van Gerbrand Fenijn, De gesloten stad, deed me aan Belcampo denken. Maar het vreemde gebeuren wordt uiteindelijk verklaard door: het was een droom! Zo doen veel scholieren het ook in hun opstellen en het is toch wel een wat té gemakkelijk trucje. En hoe vroom en waar ook het slot mag klinken, het ligt er net iets te dik op.
Henk J. van As heeft een goede bijdrage geleverd over de dichter Keuls, die tot de generatie van 1910 wordt gerekend, net als bij voorbeeld Roland Holst, Bloem en Gossaert. Keuls verdient inderdaad meer aandacht dan hij in het algemeen krijgt. Het laatste gedeelte in proza is van Bert Hofman. Hij schrijft dat het christendom in onze tijd steeds meer naar de achterste gelederen verwezen wordt, maar dat tóch het geloof blijft bestaan en dat er dus ook christelijke literatuur kan verschijnen. We mogen niet toegeven aan doemdenken. De christelijke literatuur moet op eigen benen leren staan en inspelen op de situatie van nu. Wat Hofman haar vooral verwijt, is het tekort aan belijdende kracht. Aan het einde schrijft hij: "We moeten duidelijk doorbreken naar een nieuwe situatie. Dat wil zeggen op zoek gaan naar de voedingsbronnen van het verleden en naar het perspectief van de internationale ruimte, zeker ook naar een wijze van leven in het Europa van na 1992.
De gedichten in deze bundel kunnen voor het overgrote deel tot de 'pastorale poëzie' gerekend worden.
Uitgever: J.J. Groen en Zoon, Leiden. Omvang: 171 bladzijden. Prijs: f 22,50.
De agenda van Bakker, geschreven door Lenze L. Bouwers, vertelt over een gebeurtenis op een middelbare school: de agenda van een leraar is gestolen en aangezien daarin ook alle cijfers voor proefwerken e.d. staan, wordt het erg moeilijk straks rapportcijfers vast te stellen. Lenze Bouwers kent uit eigen ervaring het leven op zo'n school. Hij tekent de leerlingen zoals ze zijn en eveneens de reacties van ouders en van collega-leraren. Een aardig boek om te lezen; veel scholieren zullen er het een en ander in herkennen. Er zit wel een zwak element in: we hebben kennelijk te maken met een christelijke school, maar van dat christelijke merken we niets.
Uitgever Kok Voorhoeve, Kampen. Omvang: 85 bladzijden. Prijs: f 15,90
De poorten van Sion is oorspronkelijk in het Engels geschreven door Bodie Thoene, de Nederlandse vertaling is van Nico Hart. Het boek is een roman over gebeurtenissen in het laatste jaar voor de oprichting van de staat Israël.
Bij de gegevens staat: "Het beeld dat de schrijfster schetst, is weliswaar geromantiseerd, maar historisch juist." Nou, ik heb over dat laatste mijn twijfels. Er staan zo veel onwaarschijnlijke voorvallen in dat het erg moeilijk wordt in die historische juistheid te geloven. En kan iemand mij vertellen wat ik mij voor moet stellen bij: 'de trottoirs werden opgerold?' Ik heb ook nog nooit een film in een camera 'geschoven' of iemand gezien die 'ja schudde'.
Uitgever: J.H. Kok, Kampen. Omvang: 256 bladzijden. Prijs: f 27,50