Bijbellezing in onze gezinnen
1992-10-09
Ds. F. van Deursen te Wezep (Gld) behandelde bovengenoemd onderwerp op de ambtsdragerskonferentie d.d. 21 september 1990. Wij namen van zijn referaat nader kennis via 'ONS KERKBLAD'-'Orgaan van de Ned. Geref. Kerken Aalten-Winterswijk, Neede' en citeren daaruit het volgende: Misschien moeten we als gemeente bedenken, dat verreweg het meeste in de Schrift niet gaat over ons en ons leven - ook niet over de gelovigen, wier namen in de Schrift vermeld staan - maar dat de Heilige Schrift in de allereerste plaats een Boek is over onze God en Vader en over onze Here Jezus, die de Christus is. Feitelijk is dàt een reden te meer voor ons om eerbiedig naar die Stem van de Geest - want dat Gods Woord toch? - te luisteren.- Jaargang 36
- nummer 21
We lezen de Schrift niet om ons op te warmen in het godsdienstige tot een God welgevallig mens, maar om te leren wie God voor zijn volk wil zijn en wat dat volk voor Hem moet wezen.
De Schrift is het Boek van Gods verbond( enheid) met zijn volk. Zij spreekt van Gods beloften en hun vervulling, maar ook van zijn geboden en eisen, met de bedreigingen voor wie die .geboden niet doen. Deze dingen spreekt Gods Geest in het Woord tot de miljoenenkerk van alle eeuwen en alle plaatsen. En als die Hemelkoning zijn volk toespreekt, ja, dan kom ik ook onder die onáfzienbare menigte te staan, leg m'n hand aan m'n oor en luister goed wat Hij tot zijn volk en dus ook tot mij te zeggen heeft.
Een goede vraag lijkt mij ook of u de gewoonte kent bij bijzondere gelegenheden de dagelijkse volgorde te onderbreken voor een btizcnderSchriftgedeelte: voor een verjaardag is Psalm 103 een passend gedeelte of Spreuken 31 als moeder jarig is. Bij die psalmwoorden kan men ook gemakkelijk zijn gebed aansluiten.
Op Koninginnedag zou u Psalm 72 kunnen lezen of een andere koningspsalm (96-99, 145) en bij aangrijpende gebeurtenissen in het leven der volken Jesaja 40. Gebeurt dat ook; denkt vader er bij zulke gelegenheden van te voren over na wat hij zal lezen? Ik sprak al even over bijbellezing bij alleenstaanden. Hebben de grotere jongens en meisjes de gewoonte al aangenomen de bijbel persoonlijk te lezen? Vindt men het in onze gezinnen 'raar' als iemand de bijbel pakt en daar eens ee'n uur lang in gaat zitten lezen. Misschien is de vraag gepast of men ooit van zijn leven wel eens een uur lang in de bijbel gelezen heeft? Als dat niet zo is, vrees ik voor onze kerken en dan word ik bang voor dode orthodoxie, die haar kracht zoekt in vormendienst; zo van "even een stukje lezen", vader leest en het gezin hoort nauwelijks wat hij zegt, handen samen, ogen dicht - en we hebben het weer gehad. Ik vrees dat er nog veel te veel verlegenheid is in onze gezinnen om open en gewoon over de Here te spreken. Juist als u de bijbel van voren naar achteren leest, ontrolt zich het hele leven voor u uit en krijgt u gelegenheid om de hand des Heren in allerlei gebeurtenissen te zien.
Wordt de Schrift ook door u gezongen? Een prachtige gelegenheid om samen de Here te spreken is ook Hem samen toezingen. De Psalmen zijn niet alleen berijmd om ze in de kerk te zingen!
Waarom doen wij dat thuis niet? In veel kerken heeft men een 'psalm van de week', een kort psalmvers dat moeders hun kinderen door de weeks leren en dat 's zondags gezongen wordt. Kinderen vinden het prachtig als ze in de kerk ook een vers kunnen meezingen. Ook hier geldt: Jong geleerd, oud gedaan. Hoe vaak roept het Psalmboek ons niet op met het woord Hallelujah? Dat betekent anders letterlijk: zingt psalmen voor Jahweh! Nu, waarom zouden we de woorden van de Schrift niet als gezinnen zingen. Men zal antwoorden: "Dat doen wij niet". Nee, maar hoe zou de Here dat vinden? "De lof is betamelijk; het is goed de Here te loven", zegt Psalm 92. Hoe staat het met de lof van de Here in onze gezinnen?
We moeten de bijbel trouwen ijverig lezen; als we daarin zelf slap zijn, hoe zullen we dan anderen daarover vermanen.
Als we deze dingen in onze eigen gezinnen nalaten, hoe zullen we dan andere gezinnen daartoe kunnen opwekken? Misschien hebben we wel en ommekeer in ons eigen leven nodig voor we anderen daartoe kunnen oproepen. Maar laten we dan maar beven voor wat de profeten al opmerkten, namelijk, dat het bederf onder Gods volk vaak bij de voorgangers begon.
Moderne mensen worden ondergesneeuwd door drukwerk. Telt u voor uzelf eens de minuten of uren die u besteedt aan het lezen van kranten en tijdschriften en vergelijkt u daarmee eens het aantal minuten, dat u aan de Heilige Schrift besteedt.
AI de Schrift is van God ingegeven, en is nuttig tot lering, tot wederlegging, tot verbetering, tot onderwijzing (!), opdat de mens Gods tot alle goed werk volmaakt toegerust zij (2 Tim. 3:16 SV).
Wij hebben aan deze opmerkingen van kollega Van Deursen niets toe te voegen! We bevelen ze graag in uw welwillende overweging aan!