Mij geschiedde naar Uw woord
1992-12-04
Het is stellig waar dat in tegenstelling tot de Rooms-Katholieke traditie, de Maagd Maria in de diverse Evangelische tradities - bij Baptisten, Presbyterianen, Methodisten of Lutheranen - ten zeerste is verwaarloosd. Ze komt slechts als een soort voetnoot voor in de Apostolische en de Niceense Geloofsbelijdenis. Nu het onderwijs aangaande de maagdelijke geboorte voor maar al te velen facultatief is geworden, is dit stukje belijden ietwat genant. Deze uitspraak is voor velen een bevestiging van een mythe geworden in plaats van een betuiging van geloof in een ware, historische gebeurtenis. Kardinaal Newman had gelijk, toen hij zei dat degenen die Maria geringschatten alras ook haar Zoon kleineren. Het is hoog tijd dat een waarlijk evangeiische Marialeer wordt ontwikkeld.- Jaargang 36
- nummer 25
Viesturs Pavasars, Luthers theoloog 1
Gefascineerd
AI jarenlang ben ik - van tijd tot tijd gefascineerd door de figuur van Maria en vooral de verering die men haar in diverse Christelijke kring toedraagt. Met ons gezin ben ik in het Franse Lourdes en het Portugese Fatima geweest, twee bekende Mariaheiligdommen, plaatsen waar de Moeder-Maagd zou zijn verschenen.
De aanwezigheid van zovelen en hun uitbundige verering van 'de Moeder Gods' heeft me, zoals gezegd, gefascineerd, maar, eerlijk gezegd, soms ook afgestoten. We hebben Maria-verering meegemaakt in Spanje, Griekenland en Bulgarije, maar ook in de toenmalige Sovjet-Unie en Egypte. Op 15 augustus, de Dag van 'Maria Hemelvaart', van dit jaar wilden mijn vrouwen ik, die bij familie in Rome verbleven, een mis bijwonen in de St. Pieter, gewoon om iets te begrijpen van die opwinding rondom Maria. Op al die plaatsen werd, zoals te verwachten was, de 'Maagd' uitbundige verering toegezwaaid en dat begrepen we zover dat ging. De diepste redenen om zo op Maria betrokken te zijn als daar gebeurt zijn me echter tot op de dag van vandaag ontgaan! Je komt immers in de verering van Maria de 'historische Maria' niet of nauwelijks meer tegen.
Je ontmoet op zulke plaatsen meer de Kerkgeschiedenis dan de Schrift. ..Waar vinden we degene, die zei: "Mij geschiede naar uw woord", als we een Mariaprocessie vol zuidelijke pracht en praal bekijken?
Toch zijn twee dingen niet te ontkennen. De Maria verering heeft in de eerste plaats om zich heen gegrepen in de oudste kerken van de Christenheid! In de Kerk van Rome, maar, zo mogelijk, nog meer in die van het Oosten. De Kopten in Egypte en die van Ethiopië weten er ook wat van en de Armeniërs eveneens. Zou dat toeval zijn?
Ten tweede heeft die verering van Maria vanouds verbinding gehad met iets van uitzonderlijk belang in het verstaan van de Christelijke Kerk. En dat is dat Christus Zich aan het Gode gelijk zijn niet heeft vastgeklampt, maar mens geworden is, de gestalte van een slaaf heeft aangenomen. De verering van Maria staat er garant voor dat met die Menswording van de Heer niet de hand wordt gelicht. "Die ontvangen is van de Heilige Geest, geboren uit de Maagd Maria ..." De aanslagen op de Maagdelijke geboorte uit zoveel vrijzinnige pennen, die je als Christen moet weerstaan, hebben me, naar ik me plotseling bewust werd, van tijd tot tijd een halfbewuste sympathie voor dit 'verheven' spreken over Maria gegeven. De verering van Maria. die mij, zoals al gezegd, 'psychologisch' fascineert, maar 'esthetisch' soms ten zeerste afstoot, kent dus tenminste nog een derde element. Ik meen dat 'theologisch' vaak een (in oorsprong) zuiver element schuilgaat in het spreken over Maria.
In de uitspraken over Maria in de Oude Kerk was namelijk een 'Christologische bedoeling' meegegeven. Het ware menszijn van Christus moest worden gewaarborgd! Dat is een visie waarmee we als Gereformeerden van harte kunnen instemmen! Laten we bovendien niet vergeten dat, wat ook onze andere theologische verschillen mogen zijn, het de Orthodoxen zijn die bij zovele gelegenheden blijk hebben gegeven van hun brandende liefde voor de eer van de Drieënige God.
Toen op de laatste Assemblée van de Wereldraad van Kerken in Canberra (Australië) die Zuid koreaanse theologe op het podium haar eigen nationale demonen ging staan oproepen, waren het de Orthodoxe leiders die onder luid protest als eersten de vergadering verlieten. Dat mag ons op zijn minst voor hen innemen! Waar zich vandaag de dag ook in de Protestantse kerken allerhande nieuwe 'New Age-achtige' ketterijen manifesteren, blijft de Kerk van Rome en ook die van het Oosten, onwrikbaar overeind.
Waar de inhoud van de Christologie in het geding is, waar al in de eerste eeuwen der Christenheid de Gnostiek de leer der Kerk in de omhelzing van een boa constrictor probeerde te nemen, is er in die Kerken een Rechtzinnigheid ontstaan, waar we ons volledig mee vereend mogen weten.
Na dat opgemerkt te hebben, keer ik tot mijn uitgangspositie terug en verklaar ik dat ik, ook na herhaalde pogingen daartoe te hebben ondernomen, de diepste motivering van de verering van Maria nog steeds niet begrijp!
Reden om in dit artikel en in de volgende een onderzoek in te stellen waar de Maria van de Kerk van Rome en de Kerken van het Oosten 'vandaan komt'. Dat deze serie in der Adventstijd verschijnt is uiteraard niet geheel zonder reden.
De apocriefe evangeliën
Voor de hele ontwikkeling van de Maria-verering in de Kerk van Rome en in de Kerken van het Oosten zijn niet alleen de Evangeliën van belang, maar ook - en vooral - de Apocriefe Evangeliën. AI in de tijd van de Vroege Kerk waren er minstens drie van zulke 'Evangeliën' in omloop, die in brede kring ruime aandacht trokken.
Dat zijn: Het zgn. 'Voorevangelie van Jakobus'. Het 'Evangelie over de Geboorte van Maria'. De zgn. 'Pseudo-Mattheüs'.
Deze geschriften worden uiteenlopend gedateerd; van sommige wordt een datum van rond 100AD aangenomen.
Persoonlijk lijkt me dat erg yroeg!
Wat de inhoud betreft, alle gaan voornamelijk over de grootse geboorten issen die aan de geboorte van Christus voorafgaan. Vandaar ook die term 'het Vóórevangelie'. De gebeurtenissen geven aan waarom het nu uitgerekend Maria was, die de Moeder van de Verlosser werd. Overigens, de term 'de Moeder des Heren' die we in de Bijbel herhaaldelijk tegenkomen, is in de Griekse Kerk, de Russische Kerk, de Koptische Kerk van Egypte, de Abessijnse Kerk en noem maar op, geworden tot 'de Moeder Gods', 'Theotokos'. begrijpelijke zaak en wellicht ook niet geheel af te keuren; het hart van degenen die haar zo gingen noemen "zat op de goede plaats", zogezegd.
Anderzijds heeft die term op zijn minst aanleiding gegeven tot zeer griezelige ontwikkelingen in de Mariologie!
In het meest ongunstige geval moet je je zelfs afvragen of hier geen sprake is van een van de Schrift totaal afwijkende Verlossingsleer ... Maar eerst terug naar de inhoud van deze Apocriete Evangeliën. Die blijken grond leggend voor latere tendenzen in de Dogma-ontwikkeling. En, niet te vergeten, ze zijn van enorm belang gebleken voor de ontwikkeling van de Kunst. Alleen als we de ontwikkeling van de Mariologie enigszins kennen, kunnen we de fijnere trekjes in b.v. onze Middeleeuwse Mariaafbeeldingen op hun waarde schatten.
In de ikonen van de Oosterse Kerk blijven ook veel elementen onopgemerkt, als we van dit alles geen weet hebben. Een hele serie gravures van de grote Duitse kunstenaar Albrecht Dürer over Maria's lotgevallen zijn alleen met kennis van de Apocriefen, en met kennis van de ontwikkeling van deze Traditie, te begrijpen. En dat geldt voor letterlijk duizenden kunstwerken!
Een gewoon meisje
In de Evangeliën, met name dat van Lukas, gaat het om een jong meisje Maria, dat 'ondertrouwd is'. Haar aanstaande man heet Jozef en hij is uit het geslacht van David. Over Jozefs leeftijd horen we niets. Hij is mogelijk ouder geweest dan Maria, al valt die stelling op geen enkele Bijbeltekst te gronden. Ten tijde van Christus' lijden en dood komt Jozef in het verhaal op geen enkele manier voor; de gedachte ligt voor de hand dat hij in die tijd niet meer leeft. Maar als er op dit punt iets te melden valt, is het 't opmerkelijke zwijgen van de Schrift. We merken dat Jozef, begrijpelijk, niet erg gretig is om met Maria te trouwen.
Als ze zwanger blijkt, denkt hij niet in de eerste plaats in de richting van een maagdelijke ontvangenis! Maar een engel van God weet hem te overtuigen dat hij ondanks alles met haar moet trouwen; het kindje dat zij draagt is een zoon van de Allerhoogste.
Later in de Evangeliën lezen we over de mensen in Nazareth die weten uit welk 'nest' deze Jezus komt. Ze kennen zijn broers en zusters. Ook lezen we hoe Maria "zijn broeders en zusters" bij de Heer komt. En hoe Jakobus onbekommerd "de broeder des Heren" wordt genoemd. We trekken, op Bijbelse gronden, de konklusie dat Maria en Jozef kennelijk nog een aantal kinderen hebben gekregen, waarvan Jozef wel de vader was. De Apocriefe Evangeli5n gaan echter rechtstreeks tegen deze stelling in.
Een ongewoon meisje
Wie de Apocriefe Evanqeliën'' leest moet wel tot de konklusie komen dat de geboorte van Christus een ontzagwekkend wonder was; het was echter nauwelijks een wonder dat Maria de Moeder des Heren werd! Zij was op dat Moederschap immers al heel lang voorbereid. Haar moeder Anna en haar vader Joachim hadden heel lang op een kind moeten wachten, zoals Sara en Abraham eeuwen voor hen, en Elkana en Hanna. We zien, ook in de kunst, veel afbeeldingen van een oude Joachim en Anna die elkaar begroeten nadat een engel de komende zwangerschap heeft aangekondigd.
Maria is door die vrome ouders uiterst godvruchtig opgevoed; als jong kind wordt ze, met andere meisjes, in de Tempel opgevoed. Als ze zo oud worden dat ze binnenkort zullen gaan menstrueren, wordt door de tempel autoriteiten overlegd wat te gaan doen. De meisjes worden door hen aan goede mannen uitgehuwelijkt. Maria weigert echter pertinent op die suggestie in te gaan. Ze is zo volhardend dat er in een soort 'godsoordeel' moet worden uitgemaakt hoe het nu verder moet. Waar er een aantal mannen graag bereid is Maria als bruid uit de Tempel mee te nemen, is het tenslotte Jozef die haar meekrijgt. Hij was volgens de verhalen niets vermoedend bij die gelegenheid aanwezig, maar het blijkt dat alleen zijn staf voor Gods aangezicht is gaan bloeien. Aärons bloeiende staf (Numeri 17) krijgt dus een opvolger in Jozefs staf! De aloude Jozef, die kennelijk geen seksuele verwachtingen van deze relatie koestert, is degene die Maria's eer voortaan mag beschermen.
Dat doet hij feitelijk niet goed genoeg; als hij na een reis weer thuiskomt, merkt hij tot zijn ontzetting dat Maria in verwachting is. Daar pakt het verhaal uit het Evangelie de draad weer op.
Anders echter dan de nieuwtestamentische tekst in hoge mate doet vermoeden, stellen de Apocriefe Evangeliën dat Maria nooit een ander kind gedragen heeft dan de Verlosser der mensen.
Hoe zou het denkbaar zijn dat zij na dat kind ooit een ander kind had kunnen ter wereld brengen? Maria was eeuwig maagd! De in het Nieuwe Testament vermelde kinderen zijn haar stiefkinderen, uit een vroeger huwelijk van Jozef. Zo komen we in het verhaal van Maria en Jozef en 'de Heilige Familie' een consistent beeld tegen, maar of het daarmee ook juist is? We zouden dat alles schouderophalend naast ons neer kunnen leggen, ons eens te meer verbazend over de kracht van 'vrome verbeelding', ware het niet dat deze ideeën in de loop van de Kerkgeschiedenis zo invloedrijk zijn gebleken.
Noten
1 Viesturs Pavasars is direkteur van een theologische opleiding van de Evangelisch Lutherse Kerk in Colombia.
Het is een zinsnede uit een ingezonden brief in het uitnemende blad over religieuze bewegingen 'Areopagus', dat in Hong Kong verschijnt. Jaargang 5. nr. 3. Pinksteren 1992, p.50.
2 Ik weet van geen recente nederlandstalige editie van deze 'Evangeliën'. Er is echter een 'uitleg' van de Franse pater Jacques Hervieux, De Apocriefe Evangeliën. pp. 11 vv.
Een al wat oudere tekst (uit de jaren twintig) is die van H. Bakels. De Nieuwtestamentische Apocriefen, hfdst. XIX en XX.