Merrel Reitsma

1992-12-18
  • Jaargang 36
  • nummer 26
Voor de E.O. televisie zag ik Andries Knevel in gesprek met de zendeling Arie Reitsema. "Ach, dat is er één van ons", dacht ik, de zendende kerk van Kampen even royaal tot het eigen gebied verklarend, en ging er eens goed voor zitten.
Terwijl ds Reitsema de politieke klippen in het gesprek moeiteloos omzeilde en zich geen woorden in de mond liet leggen, begon ik nieuwsgierig te worden naar zijn vrouw. Hoe zou zij aankijken tegen een leven waar ze misschien niet eens voor gekozen had. Misschien was ze wel bang voor slangen of andere enge beesten, hoewel ja daar niet veel over hoorde. Kortom, hoe zou de vrouw van een zendeling zich voelen!

Een week later zit ik op Bereklauw 9 in Kampen. In de huiskamer bivakkeren twee van de zes kinderen Reitsema met hun vader. Ze zijn net terug van een zendingsavond. Eén van de serie die in hun verlofperiode door veel ondersteunende kerken georganiseerd wordt. Merrel, de vrouw van Ds Reitsema, klein, tenger, Amerikaanse van geboorte, wat aan haar manier van praten nog goed is te horen, komt met een blad met theekoppen naar de kamer binnen.
Ze is afkomstig uit Chicago en studeerde muziek in de tijd dat zij haar man leerde kennen.

Hoe leren een muziekstudente uit de V.S. en een student theologie uit Kampen elkaar kennèn ... De ontmoeting ligt niet direct voor de hand.

Merrel: "Ik was in Europa, voor mijn studie. In Salzburg. We hadden al diverse excursies gemaakt, orgeltochten enz... Eén van mijn vriendinnen, die in L'Abri bij ds Schaeffer gelovig was geworden, had ons, een klein groepje, zo enthousiast gemaakt, dat we graag eens naar L'Abri wilden. In die tijd voelde ik met soms eenzaam.
Ik wilde graag iemand om mijn leven mee te delen, en ik zei tegen de Heer: "Als het Uw bedoeling is dat ik mijn weg alleen ga is het goed-, maar ik zou hem zo graag samen met iemand lopen."
Ik bleef in L'Abri hangen. En daar ontmoette ik Arie voor het eerst. Ik voelde meteen dat er een vonk tussen ons oversloeg, maar hij had een andere nationaliteit dan ik en daar had ik problemen mee. Een Hollander! Ik sputterde in mijn gebed: "Ja maar Heer ... Ik heb om een Amerikaan gevraagd!"
Als ik schater, lacht ze hartelijk mee.

"Wist je voor je trouwde dat Arie zich aangetrokken voelde tot de zending en dat hij zichzelf, al tijdens zijn studie, niet in een pastorie in Holland zag zitten?

"Ja hoor ... Dat was heel duidelijk. Ik werkte toen trouwens full time in L'Abrio Er waren mensen die dachten dat we samen in dat werk zouden belanden. Maar het jaar dat ik daar gewerkt heb vond ik heerlijk en slopend tegelijk.
Je sliep altijd met een paar gasten op een kamer in de hoop dat ze een gesprek wilden beginnen en dat je daar op in kon spelen. Veel langer dan een jaar houd je dat niet vol. L'Abri viel dus af. Verder hadden we allebei iets van: we merken wel waar de Heer ons hebben wil. Toen kwam de vraag uit Kampen, of we naar het zendingsterrein in Natal wilden gaan en we voelden dat we daar naar toe werden gestuurd. We hadden toen we uit Nederland vertrokken 1 kind, onze dochter Liesbeth.
Liesbeth doet op het ogenblik evangelisatiewerk in de omgeving v:an Alkmaar, Heiloo, Limmen, Castricum ..."

Tja, zoals de ouden zongen, piepen de jongen. Hoe is het om een kind van een zendeling te zijn...

De 16-jarige Merrel-Jo, en Anne, 14 jaar oud, halen hun schouders op en lachen. Jo: "Hoe dat is... Gewoon."
Dan aarzelend "Ja ... Soms wel eens moeilijk. Je hoort nergens helemáál bij. Je bent geen zwarte, geen kleurling, geen Afrikaanse. Dan voel je je alleen staan." Anne: "Ik heb er niet veel moeite mee."
Merrel knikt haar dochters toe: "Als je alleen staat, dan kijk je maar om naar anderen die óók alleen staan. Misschien kun je die dan nog helpen."

Is er eigenlijk wel verschil tussen een emigrantengezin en een gezin van een zendeling?

Merrel "Ja ... Beslist! Emigranten moeten het echt gaan maken in hun nieuwe omgeving. Ze verwachten een bepaalde economische vooruitgang en zo. Als dat niet lukt hebben ze het gevoel dat ze falen. Die druk ligt niet op een zendelingsgezin. Wij werken niet voor onszelf. We vervullen een opdracht. Als we niet meten zichtbaar slagen is het geen reden om te denken dat we mislukken. Dat werkt heel ontspannend.”

Jo, welke taal spreken jullie op school?

Jo: "Afrikaans ... Of Afrikaans verbasterd Nederlands is? Het is een eigen taal met een eigen grammatica en regels."
Anne. "Van die regels snap ik niets hoor."
Jo: "Dat is zo moeilijk niet."

Even later converseren ze, op mijn verzoek, met elkaar in het Afrikaans.
Als je ingespannen luistert, is het goed te volgen, maar als het vlug gaat, is het, om het in het Zuid-Afrikaans te zeggen 'baie moeilijk' te verstaan. De voertaal in de huiselijke kring, is Engels.
De taal van de Zulu's wordt door het vrouwelijk deel van de aanwezige Reitsema's een beetje gesproken en redelijk verstaan. Arie Reitsema spreekt het vloeiend. Het Zulu-dienstmeisje, waar Merrel veel van op dacht te steken, sprak juist bij voorkeur Engels, want beheersing van die taal geeft een bepaalde status.

Een maandag uit het leven van Merrel.
Ik sta om kwart voor zes op om de kinderen naar de school in Pietermaritzburg te brengen. Het is een streekschool met zo'n 1000 leerlingen. De kinderen die te ver weg wonen, een kleine 100, blijven tot en met vrijdag op het bijbehorende internaat.
Dan doe ik wat boodschappen, ga naar huis, doe de was, zorg voor het eten, ik breng koffie aan Arie en zijn studenten.
Arie bestemt de maandag voor het onderwijs. 'Onderwijs' staat hier voor de opleiding tot predikant of evangelist.
Daarna werk ik het huis door enzorg voor de volgende maaltijd. Vanzelfsprekend niet alleen voor onszelf, maar ook voor de studenten. De laatste anderhalf jaar heeft wel verandering gebracht.
Vroeger kwamen we als zusters van de zendingsgemeente één keer in de week bij elkaar. Vaak in de tuin van de kerk. We lazen een stuk uit de Bijbel. Nee niet in het Engels, in de Zulutaal. Fat spreekt meer aan. Als er een zwarte zuster was die goed las, dacht ik 'gelukkig' en deed het lezen meteen aan haar over. Zo perfect is mijn 'Zulu's' nu ook weer niet.
Maar de laatste anderhalf jaar is het gewoon te riskant geworden."

Wat is er de laatste anderhalf jaar dan gebeurd?
"De politieke situatie veranderde. De stammenstrijd laaide op. A.N.C. en Inkatha bestrijden elkaar nog steeds en ontzien daarbij niemand ... moordpartijen gemeenteleden die moeten vluchten wraakacties. Een kerk die gesloopt moet worden omdat het dorp grotendeels verwoest is... Gemeenteleden die hun toevlucht zoeken op de zendingspost. De telefoontjes waarin Arie met de dood wordt bedreigd ..." Ben je bang als je man op pad is.
Merrel, heel beslist: "Nee, want we leven in de Hand van"de Heer." Na enig nadenken voegt ze er aan toe "Tot in de dood toe ... Want geloven is geen garantie dat er niets ergs kan gebeuren. De garantie is dat je, hoe dan ook, in de hand van de Heer leeft. "
Oppervlakkig gezien lijkt haar leven veel op het leven van een Hollandse huisvrouw.
HoeweL .. Als wij knallen horen zullen we denken dat er een straat verder op de banden van een auto springen, terwijl Merrel laconiek constateert dat er geschoten wordt en dat het beter lijkt om maar in huis te blijven.

Vertel eens iets over jullie woonsituatie in Richmond.
"In Richmond wonen ongeveer 500 blanken, 1000 Indiers en rondom die kern de zwarte woonwijken, de township, met 60.000 bewoners. Vroeger woonden blanken en zwarten gescheiden van elkaar, maar de laatste jaren is daar gelukkig verandering in gekomen. Mijn naaste buren zijn kleurlingen, ze zijn bijzonder aardig en we gaan erg goed met elkaar om.
Het is aan de andere kant wel jammer dat de meeste zwarten die er financieel en qua ontwikkeling goed aan toe zijn, artsen, verpleegsters, leraren enz. de zwarte wijken en bloc verlaten.
De armsten blijven over. Dat geeft een soort gettovorming. We gaan veel om met de andere zendelingen.
Ook is er een hechte band met de gezinnen van de inlandse evangelisten. De vrouw van Os Phungula, de predikant van Ndaleni, is toch wel zo'n sterke vrouw. Ze staat helemaal achter het werk dat haar man doet en vertrouwt in alles op de Heer.
Op het zendingsveld moet een vrouw achter het werk van haar man staan. Dat geldt voor ons allemaal. Anders gaat het gewoon niet." In de stem van Merrel Reitsema klinkt warme waardering voor mevrouw Phungula.

Muziek speelt een grote rol in het leven van het gezin Reitsema. Wat dat betreft treden de kinderen in de voetsporen van hun moeder. Vrijwel iedereen bespeelt een instrument. Jo bijvoorbeeld speelt cello en Anne dwarsfluit.
Ze zijn de weekends thuis en werken actief mee aan het zondagsschoolwerk onder blanke kinderen in Richmond.
Het zondagsschoolwerk onder de Zulukinderen en kinderen van kleurlingen, is naast de godsdienstlessen op een gewone school, het terrein van Merrel.

Je man en jij denken over veel dingen hetzelfde?
Hilariteit bij de dochters en ook Merrel schiet in de lach. "Nou, als je ons soms hoort! Over de grote dingen denken we wel hetzelfde. Maar de kleinere ... Ik vind, om maar iets te noemen, dat Arie soms veel te hard werkt en dat vindt hij niet. Dat geeft wel eens een botsing." "En hoe lossen jullie dat op," zeg ik, want dit meningsverschil komt me wel erg bekend voor.
"We bakkeleien en bidden," antwoordt ze. Verwacht je dat je, gezien de politieke situatie, in Richmond kunt blijven en dit werk doen.
Os Reitsema: "Ik heb er geen idee van. Dat valt niet te voorspellen. Op het ogenblik lijkt de Inkatha buiten spel gezet te worden. Dat kan naar mijn idee niet. Ik ben er van overtuigd dat er overleg moet zijn tussen A.N.C., de Klerk én Inkatha."
Dat is de enige kans op een vreedzame samenleving.

Als je nu, op dit moment zou moeten kiezen waar je voor de rest van je leven wil wonen, waar zou je dan naar toe gaan?
Arie Reitsema: "Ik wil niet kiezen, ik wil gewoon blijven waar ik ben... en het werk doen dat ik doe. Maar als ik echt moet kiezen ... Amerika. Om de vrijheid die je daar hebt. Daar zou ik me het meest thuis voelen. Niet helemaal! We zijn zo'n beetje internationaal, geloof ik. Overal en nergens thuis!"
Merrel Reitsema knikt instemmend en zegt dan: "Ik weet het...Ik wil dáár wonen waar minstens twee van mijn kinderen leven."

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief