Terloops

1989-06-23
  • Jaargang 33
  • nummer 13
Niske

U hebt Niske waarschijnlijk niet gekend. Ik heb meer dan twintig jaar haar belastingspullen bijgehouden en op kantoor hadden we het nooit over juffrouw die of die; neen, we hadden het steeds over Nis of Niske. Dat heb je soms. Hoe dat zo kwam? Ik denk door haar, niet door ons: Niske was een juffrouw, ze is nooit getrouwd geweest en als ik mevrouw tegen haar had gezegd, had ze waarschijnlijk gedacht dat ik 'er vanaf' raakte.
Niske was iemand met een gulle lach. Dat zei de dominee ook in de dienst, die aan haar begrafenis vooraf ging. Daar had hij gelijk in.
Een nicht van haar wees er bij het graf trouwens ook nog op: Niske was een tante om van te houden en de neven en nichten kwamen graag bij haar op bezoek en op haar begrafenis waren ze er allemaal. Voor zo'n tante kun je dankbaar zijn.

Niske is nooit getrouwd geweest.
Eerst moest ze haar ouders 'aan hun eind' brengen. Daarna waren er nog enkele ooms en tantes, die verzorgd moesten worden. En toen ze eindelijk alleen zat in het grote huis met prachtig antiek, hoefde het niet meer. Toen was ze de vijftig gepasseerd en vond ze het best om alleen te blijven. Nee, dat zeg ik verkeerd. Want Niske was nooit alleen. Er was altijd wel iemand in de buurt. En als er niemand was, zocht ze wel iemand op. En tot voor kort was er elke dag nog de oude knecht, die nog ouder was dan Niske. Maar 'hem opzeggen' wou de niet. Meer dan zestig jaar heeft hij om het huis gelopen: appels geplukt, voor de varkens gezorgd, koeien gemolken en de eieren uit het kippenhok gehaald. Dat laatste heeft hij het langst volgehouden.
Varkens en koeien waren er al jaren niet meer, maar de kippen bleven en die bleven hun werk doen, En op de dag, dat Niske begraven werd, liepen ze wat heen en weer op het erf, terwijl de luiken van het huis dicht waren.

U hebt het al begrepen: Niske is kort geleden gestorven, eind maart. Twee heupoperaties heeft ze doorstaan en ze was dankbaar, dat ze weer aardig lopen kon. Kort tevoren kwam ze' nog even langs en een paar dagen later viel ze op een avond na een bezoekje vlak bij haar huis op de grond. We waren er' allemaal even stil van. Geen Niske meer, geen gulle lach meer, geen gegrap dat ze de vierdaagse wel niet meer zou kunnen lopen.

De Heer is nabij
Op 3 april is Niske begraven. Op het kerkhof bij de kerk: In Heesselt aan de Waal. We zóngen: 'Wat kan op aarde mij bekoren? Alleen bij u wil ik behoren.' Dat had ze mee kunnen zingen, want dát was haar leven.
We zongen verder Psalm 23 op twee manieren. En de neven en nichten zongen mee. Voor sommigen was dat niet gewoon, maar ze deden mee. Om Niske durfden ze waarschijnlijk hun mond niet dicht te houden. En zo was Niske er nog, nadat ze gestorven was.
De dominee sprak een goed woord naar aanleiding van Filippenzen 4 : 5: 'Uw vriendelijkheid zij alle mensen bekend. De Heer is nabij.' Dát woord heeft Niske tot het hare gemaakt.
Háár vriendelijkheid was bij alle mensen in het dorp bekend. Het zal maar van je gezegd worden op je begrafenis; dat is pure genade.
Niske heeft het niet altijd gemakkelijk gehad, ze had wel eens te maken met ruzies, maar ze bleef vriendelijk.
En dat niet alleen: ze was oprecht. Want ze wist, dat de Heer nabij is.
Psalm 23 spreekt over het groene land en de frisse bron, over diepe duisternissen en het nachtmaal der genade, over zaligheid en liefde die ons volgen al onze levensdagen. De psalm spreekt ook over het welkom van mijn koning, dat we horen zuilen.
Niske wist ervan. Zalig de vriendelijke mensen, die sterven in de Heer.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief