Het Conciliair Proces
1989-07-07
Onlangs hield ik voor de Alle-Dag-Kerk de hier volgende (niet uitgezonden) toespraak. Omdat het nu niet, zoals gewoonlijk, een Schriftoverdenking was, zetten we hem niet op pagina 1 maar op pagina 2 van ons blad.- Jaargang 33
- nummer 14
Vrede, gerechtigheid en heelheid van de schepping
Het is jammer dat het Conciliair Proces met zo'n moeilijke en weinig aansprekende naam de wereld is ingegaan, want de zaak die het aansnijdt is de aandacht van ons allemaal meer dan waard. Het gaat om een initiatief dat is voortgekomen uit de Wereldraad van Kerken. In Vancouver is het gestart en het moet in het jaar 1990 in Seoul (Korea) zijn hoogtepunt bereiken. Op een wereldconferentie die dan in de taal van de kerk een 'concilie' heet of kan heten. Doel ervan is een bewustmakingsproces op gang te brengen.
Wij moeten ons bewust worden in wat voor gevaarlijke situatie de wereld zich vandaag bevindt. Bedreigd zijn daarin de vrede, de gerechtigheid en de heelheid van de schepping.
De vrede omdat het militair-industriële komplex maar steeds wapentuig blijft aanmaken waardoor de oorlogsdreiging wordt opgevoerd.
Want, zeg men, wapens die eenmaal gemaakt zijn willen ook een keer gebruikt worden. Dan de gerechtigheid. Die houdt zich verre omdat een nog steeds toenemend aantal mensen in de wereld onder de armoede-grens leeft. De rijken worden steeds rijker en de ármen steeds armer. Dat is de schreeuwende onrechtvaardigheid van onze tijd. En tenslotte is de heelheid van de schepping in gevaar vanwege de nijpende nood van ons milieu: de bodem, het grondwater, het oppervlaktewater, de lucht, de ozonlaag - om dan nog maar te zwijgen over het planten- en dierenleven dat door ons menselijk toedoen steeds meer in het nauw wordt gebracht.
Rond deze noden is het Conciliair Proces opgezet. De kerken willen daarmee aan de wereld laten zien dat de genoemde problemen ook hun een zorg zijn en dat zij voor hun deel eraan mee willen werken dat de mensen de hachelijke situatie waarin de schepping verkeert zullen gaan inzien en in beweging zullen komen om daarin naar vermogen verandering te brengen.
De eigen bijdrage van de kerk
Het is een goede zaak, dit bewustmakingsproces.
Het leven valt vandaag in zoveel terreintjes uiteen en de mensen raken daardoor zo opgesloten in hun kleine deelbelangetjes dat we allemaal wel de neiging hebben om wat de gemeenschappelijke zaken betreft als. een kip zonder kop te leven. Een totaalbesef ontbreekt.
Dat onze spuitbussen (toch een veel gebruikt huishoudelijk artikel) met hun drijfgassen de ozonlaag rond onze aarde aantasten, dat besef is slechts zwak en bij enkelen aanwezig.
Het is zeer goed dat wij op het verband tussen het een en het ander attent gemaakt worden.
Gelukkig zijn meer instanties dan alleen de kerken daarin werkzaam.
En mijn vraag is dan ook of wij van de kerk daarnáást niet nog een heel eigen aanpak van deze noodsituatie mogen verwachten. Wij leven in een tijd dat de noden der wereld ons heel duidelijk boven het hoofd groeien. Onoplosbare moeilijkheden doen zich voor. Verlegenheid alom.
Tegelijk leven we in een tijd waarin de mensen massaal God de rug toekeren en de kerken ontvolkt raken.
Ligt het voor het geloof niet voor de hand en ligt het voor de kerken niet op hun weg om tussen het een en het ander openlijk verband te leggen en de mensen op te roepen weer naar God en naar de publieke godsverering terug te keren?
“Toen begon men de naam des Heren aan te roepen", lezen we in het begin van de bijbel. Dat was in een tijd die uitliep op de zondvloed ...
Moeten wij vóór het te laat is, de gunst van God niet gaan zoeken?
De Flagellanten
Toen in de Middeleeuwen de zwarte dood (de pest) ons Europa teisterde, begonnen er groepen van mensen door de landen te trekken die hun medeburgers opriepen tot boete en inkeer. De Flagellanten of Geselaars, zo staan die mensen bekend.
Zij geselden zichzelf om daarmee de verootmoediging voor God zichtbaar te maken. Deze Flagellanten legden verband tussen de verschrikking van die tijd en de verhouding tot God.
Dat was een typisch christelijk reageren op een algemeen gevoelde noodsituatie. Eigenlijk mis ik dat geluid bij alles wat ik tot dusver over dat Conciliaire Proces gelezen of gehoord heb. De oproep tot verootmoediging voor God en het zoeken van zijn gunst, - wat zou er niet van uit kunnen gaan als de kerken zich gezamenlijk in die zin 'tot de samenleving zouden richten!
Wij moeten de gunst van de Here gaan zoeken. Ik bedoel niet dat we dat in de plaats moeten laten komen van de genoemde bewustmaking en het op alle manieren nadenken over en zoeken naar oplossingen. Nee, laat dat alsjeblieft gebeuren! Maar de kerk is er om nu juist daarover Gods gunst in te roepen. Dat Hij het zegenen mag. Want zonder zijn zegen vermogen onze inspanningen niets. Om het eens prikkelend te zeggen: zoals de kerk vroeger de wapens zegende zo moet ze nu de akties van Greenpeace zegenen. Het een is net zo hachelijk en toch net zo goed als het ander.
Abrahams voorbede voor Sodom
De gunst van de Here God zoeken.
Zoals Abraham dat deed voor Sodom. Onze westerse wereld is een soort Sodom geworden. Waarbij ik echt niet alleen aan sexuele zonden denk. 'Sodom' staat voor een zelfzuchtig leven op elk gebied. Abraham bad voor die plaats. Zo moeten wij voor onze planeet bidden. Bij Abrahams voorbede was eigenlijk meer het behoud van het milieu van de randstad Sodom dan de redding van de goddeloze mensen daar aan de orde. Hij protesteerde er niet tegen dat God de slechtaards van Sodom ging straffen, maar waar hij zich moeilijk bij kon neerleggen was dat bij de verwoesting van de stad de goeden met de kwaden zouden lijden en dat God vanwege de goddeloosheid van de meeste mensen de plaats, het milieu, de leefwereld van allen zou vernietigen. Hij vreesde bovendien dat als God zo met Sodom te werk ging er uiteindelijk geen enkele plek om te leven zou overblijven. Sodom was immers alleen maar een vooruitgeschoven post van het kwaad. Abraham bad dus voor de plaats. En daarin voor de wereld als leefomgeving.
Zo zeg ik dat wij in de kerken en thuis voor onze plaats, voor onze aarde moeten bidden. Dat God, om de vele zonden die erop gedaan worden, die aardbodem niet onder onze voeten vandaan zal trekken.
Dat ze toch een leefbare plek zal blijven. Niet om ons zelfzuchtig leven onbekommerd daarop voort te zetten, maar leefbaar in die zin dat God geëerd en het heil van de naaste gediend wordt.
Persoonlijke gehoorzaamheid heeft zin
Ik wil nog een les trekken uit die bijbelse geschiedenis van Abrahams voorbede voor Sodom. De aartsvader heeft 't erover dat tien rechtvaardigen mogelijk de plaats zouden kunnen redden door hun rechtvaardigheid.
Ik' wil daaraan een bemoediging ontlenen. Wat ons vaak remt bij het reageren op de geweldige problemen van onze leefwereld is de verlammende vraag: wat haalt het uit wanneer ik persoonlijk mijn levensstijl wijzig of bijstel? Wat zet het voor zoden aan de dijk dat ik wat meer de auto laat staan en de fiets pak? Dat heeft toch geen effekt? Wat wél zichtbaar effekt heeft, dat is slordigheid! De onzorgvuldigheid van één stuurman in de wateren van Alaska veroorzaakt een weergaloze ramp. Maar kun je nu zeggen dat omgekeerd één daad van zorgvuldigheid een even groot gevolg heeft? Dat zien we in ieder geval niet. Dat verlammende besef, wat kan ons dat moedeloos maken! Maar hier hebben wij het geloof nodig, juist als wij niet zien. Het geloof dat God die enkele daad van rechtvaardigheid kan en zal zegenen. Vanuit dal geloof heeft Abraham gebeden dat er toch tien rechtvaardigen in Sodom mochten zijn. Tien rechtvaardigen?
Wat zegt dat op een hele samenleving? Voor God genoeg om te zegenen. Wij kunnen elkaar niet voorrekenen hoe Hij dat doet, maar we geloven dat dat voor Hem geen probleem is. Zo bemoedigen wij elkaar in de kerk en zeggen tegen elkaar dat het zin heeft als een rechtvaardige te leven, ook al blijven we met die rechtvaardigheid tamelijk eenzaam.
Geen selectie uit de geboden
En tenslotte: denk bij de rechtvaardige daden niet enkel aan dingen die door de wereld voor goed en heilzaam worden gehouden. Let ook op die gebieden van het leven waar alleen God u ziet. Rechtvaardigheid, zegt onze oude Katechismus, heeft niet alleen met sommige maar met al Gods geboden temaken. Ook met die geboden die niets uitstaande lijken te hebben met de problemen waar we nu mee tobben en volkomen los schijnen te staan van bijvoorbeeld de milieunood. Zeker, het kan op gegeven moment een goede vraag zijn of wij niet teveel varkens houden. Vanwege de mest die onze dieren produceren. En als dat het geval is moeten we ons herzien. Het is de ons opgedragen zorg voor de' aarde die dat dan vergt. Maar een veel belangrijker vraag, 66k voor het milieu, is toch of wij misschien teveel als varkens leven. Wat heeft dat nu met de problemen van onze leefwereld te maken? Wel, het verband van deze vraag met vrede, gerechtigheid en heelheid der Schepping is gelegen in de ene God die zowel de Schepper van de aarde als de Gever van persoonlijke leefregels is.
Voor echte rechtvaardigheid moet je nooit een keus maken uit de geboden, maar moet je vragen naar de hele wil van God. Ook onze intieme gedragingen hebben alles te maken met de nood van de wereld die vandaag zo indrukwekkend op ons afkomt.
"Hoor Israël, de HERE onze God, de HERE is één." En omdat Hij één is, is zijn gebod ook één:
Tenslotte
Ik vat samen. Wat de wereld vandaag van de kerken mag verwachten is drieërlei: 1. Een oproep tot verootmoediging en gebed om in de nijpende nood waarin de schepping verkeert de gunst van de Here te zoeken, 2. Een bemoediging dat persoonlijke gehoorzaamheid ertoe doet omdat God bij machte is die te zegenen, 3. Een herinnering dat God niet enkel sociale rechtvaardigheid en milieuhygiëne wil, maar ook waarheid in het verborgene en persoonlijke levensheiliging.
Moge een proces in deze zin op gang komen, conciliair of niet.