Terloops ...
1988-02-18
Gods ondoorgrondelijkheid - Jaargang 32
- nummer 7
In Trommius' concordantie wordt maar één tekst genoemd, waarin het woord ondoorgrondelijk voorkomt.
Verwezen wordt naar Psalm 145 : 3, waar staat dat de HERE groot is en zeer te prijzen en 'zijn' grootheid is ondoorgrondelijk'.
Dit woord heeft veel te maken met het woord wonderlijk, zoals dat bijv. voorkomt in Psalm 118: 23: " ... van de HERE is dit geschied, het is wonderlijk in onze ogen".
We kunnen God niet altijd volgen. We zien wel veel, maar doorgronden niet alles.
Zijn doen en laten gaat vaak uit boven ons logisch denken.
Met de dichter van Psalm 119 zingen we wel, dat we Gods wegen ten einde toe willen bewaren. Maar op die weg van God staan wel eens borden, waarvan wij de betekenis niet zo goed kennen.
We lopen met God mee, zoals die mensen uit Emmaüs kort na de opstanding van Jezus, maar we zien soms meer vraagtekens dan uitroeptekens.
Dat is niet zo vreemd, want we zijn echt niet slimmer dan b.v. Job of iemand anders.
-0-
We kunnen met Gods ondoorgrondelijkheid op verschillende manieren in aanraking komen. Ik denk aan de profeet Jesaja. In hoofdstuk 29 komt hij met een onheils boodschap voor het volk van God en in vers 13 lezen we: "Omdat dit volk Mij slechts met woorden nadert en met de lippen eert, terwijl het zijn hart verre van Mij houdt, ... daarom, zie, Ik ga voort wonderlijk met dit volk te handelen, wonderlijk en wonderbaar . . ." In het vervolg wordt dit wonderlijke handelen van God dan verder uitgewerkt.
In geheel andere situaties komt deze zegswijze in de bijbel vaker voor. We blijven even bij Jesaja. In de bekende profetie van Jezus' geboorte (Jesaja 9) wordt van Gods Zoon gezegd dat Zijn naam is 'wonderbare raadsman' en in hoofdstuk 28 : 29 staat, dat de HERE wonderbaar van raad is.
Gods doen is vaak wonderlijk en wonderbaar .
Paulus vat het alles samen in de bekende woorden uit Romeinen 11 : 33 : " ... hoe ondoorgrondelijk zijn Zijn beschikkingen en hoe onnaspeurlijk Zijn wegen ... "
-0-
In artikel Ivan de Geloofsbelijdenis belijden we dat God o.a. is onbegrijpelijk en onzichtbaar. Hier belijdt de kerk haar eigen begrensdheid tegenover Gods grootheid. We kunnen God hier vatten in onze menselijke berekeningen, we kunnen Hem geen plaats geven in onze menselijke plannen. Wij staan in onze menselijkheid nu eenmaal op een lager niveau dan God. God is met Zijn Woord wel vlakbij ons, in onze mond en in ons hart.
Maar Hij woont nog niet bij de mensen, zoals Hij straks na de wederkomst van Christus Zijn woonplaats onder ons hebben zal. .
God is ondoorgrondelijk, Hij is wonderlijk en wonderbaar .
Wij zien niet door al Zijn handelen heen, we dóórzien het vaak niet.
We staan vaak met een mond vol tanden.
Als we dan maar blijven belijden, dat God is almachtig en wijs en rechtvaardig en goed.
Komt, verwondert u toch mensen. Weet, dat God ons .in Zijn ondoorgrondelijkheid bemint.