Ingezonden
1988-02-25
Als iemand het gebruik van een tekstverwerker aanbeveelt, kan ik dat waarderen.- Jaargang 32
- nummer 8
Al ben ik zelf niet in het bezit van zo'n apparaat, ik heb er enige ervaring mee en zal de voordelen ervan beslist niet ontkennen.
Als iemand die aanbeveling bovendien in een humoristische vorm giet, kan ik ook dat best waarderen. Maar zoals ik het in de "Pastorale Notities" van 15 januari j.l. aantrof, daar heb ik toch moeite mee. Allereerst vraag ik me af of deze rubriek zich er wel voor leent.
Een enkele keer er iets over zeggen in deze rubriek, akkoord. Bezig zijn in het pastoraat brengt allerlei - ook technische - zaken met zich mee. Maar de aandacht voor die dingen moet niet een eigen leven gaan leiden. Hebben we er allemaal niet een beetje last van, dat we soms zo'n ongezonde belangstelling hebben voor de bijzaken - wat wordt er inderdaad niet gedacht en gekletst over de technische kant van het preken maken en het werk van hoorcommissies - terwijl we over de serieuze hoofdzaak veel minder weten te vertellen. Ik vraag me af, of deze "Pastorale Notities" nu juist niet hebben bijgedragen aan deze af te remmen praktijk, in plaats van ons op te bouwen met iets van het hárt van het pastoraat.
Bovendien zou ik nog weleens serieus willen discussiëren over de voor- en nadelen van de tekstverwerker voor een predikant, zonder in een sfeer terecht te komen die predikanten in twee kampen opdeelt: die mét en zónder tekstverwerker: De zekerheid dat de eerste groep alleen maar zal toenemen en de andere zal afnemen, heeft een genuanceerd gesprek over dit onderwerp nog niet overbodig gemaakt. Ik ben er van overtuigd dat ook de tekstverwerker-bezitters eerder gebaat zijn met zo'n gesprek, dan met een artikel dat hen meer schertsend op de voorgrond wil zetten.
Overigens: ik schreef dit "Ingezonden" met een Parker balpen met vulling F, DIN 16 55412.
Casper C. Koolsbergen, Ermelo