Jacob bij Laban (Gen. 29)
1988-03-11
Armoe troef- Jaargang 32
- nummer 10
Daar is Jacob dan, bij Laban thuis. Maar het vergaat hem anders dan indertijd Eliëzer. Die had weinig of geen moeite om Rebecca mee naar Kanaän te nemen.
Maar Eliëzer bracht dan ook een vertrouwenwekkende bruidsschat mee: een gouden ring van een halve sikkel (7 à 8 gram) en twee gouden armbanden van tien halve sikkels (±150 gram).
Bij het zien alleen al daarvan kreeg Laban toen haast en werd gastvrij (24: 22, 30 v.v.). Izaäks financiële positie was boven alle twijfel verheven: de verdere geschenken logen er ook niet om (24: 53).
Maar Jacob komt berooid aan (vgl. 28 : 20), als vluchteling, met lege handen. En zijn toekomst wordt alleen maar gegarandeerd door een belofte van God. Maar daar koopt Laban niets voor: neefje Jacob kan er geen bruidsschat mee op tafel leggen.
Zo loopt de gastvrijheid - een volle maand en niet in ledigheid doorgebracht!
(29: 14, 15) - uit op dienstbaarheid.
In plaats van een bruidsschat zeven jaar gekapitaliseerde arbeid - dat is de prijs die Jacob voor Rachel betaalt. Twintig jaar in totaal zal hij daar veehoeder zijn (31 : 41).
Laban kan het nóg zo mooi verkopen, Hosea kijkt er door heen: " . .. Israël diende om een vrouwen om een vrouw was hij veehoeder". Daar zit al niet veel franje aan. Maar het vervolg is nog minder verheffend ...
,,Zie, het was Lea ..."
Als Jacob zijn tijd bij Laban heeft uitgediend ("mijn tijd is om", d.w.z. de prijs is betaald, 29 : 21) en om zijn vrouw (Rachel) vraagt en dus om de bruiloft (een publieke zaak, 29 : 22), dan doét Laban alsof alles rond is.
The show must go on: de bruid (met' slavin) wordt gesluierd naar Jacob gebracht. Maar (hoe knap wordt Jacobs ontdekking L een paar woorden geschetst): "zie, het was Lea.
... ". Als déze bruidegom uit zijn bruidsvertrek treedt (naar Ps. 19 : 6b) dan is dat niet stralend maar woedend.
Zijn woede geldt uiteraard de verantwoordelijke persoon, Laban: "Wat hebt gij mij daar aangedaan?"
(Wat heb je me nu geleverd? vgl. 12 : 18). "Heb ik niet om Rachel bij u gediend? Waarom hebt gij mij dan bedrogen?
Laban heeft zijn antwoord natuurlijk allang klaar: "men doet hier niet zo, dat men de jongste ten huwelijk geeft vóór de eerstgeborene. " .
Wie nu ook maar een beetje getraind is in bijbellezen, spitst hier zijn oren.
Want twee sleutelwoorden horen we hier terugkomen in de vraag van Jacob en het antwoord van Laban: "bedrogen" en "eerstgeborene". De mond van Jacob en de mond van Laban spreken bekende termen.
Komt boontje hier om zijn loontje?
Lacht God Jacob vierkant uit? Zegt God: de bedrieger bedrogen? En: je stond toch zo op het eerstgeboorterecht - nu krijg je als vrouw een eerstgeborene; wat beklaag je je nog?
Ongewild(e) stammoeder
Scheept God Jacob nu af met een ondergeschoven bruid? Dat zou betekenen dat we God het bedrog en de hebzucht van Laban in de schoenen schuiven.
Stond Laban misschien in zijn recht toen hij zich beriep op het plaatselijk gewoonterecht? Maar dan had hij zeven jaar de tijd gehad om Jacob daarover in te lichten (als dat al nog nodig geweest ware).
Nee, leugen en bedrog zijn "eigen werken des duivels" (H. Cat. Z. 43)-wie zich er ook mee inlaat - dat komt niet voor Gods rekening.
Maar wèl is er dat voornemen, dat plan van God dat Hij ten uitvoer gaat brengen. Noch het vroegere bedrog van Jacob noch het huidige van Laban kunnen Hem dat beletten.
Uiteindelijk is hier méér aan de hand dan: "en Jacob kiest een vrouw".
Denken we aan Calvijn, die sprak over de oorsprongen van de kerk, dan zien we hoe een stam-vader van Israël ongewild een stam-moeder van Israël krijgt toebedeeld. Lea-met-de-fletse-ogen wordt zijn éérste vrouw . .. een eerstgeborene nog wel.