Genealogie
1988-03-25
Het woord genealogie betekent geslachtsrekenkunde en dan weet u al, gezien ons vorig artikel, waar het over gaat. Over de opstelling van onze voorgeslachten, ten behoeve van ons nageslacht. - Jaargang 32
- nummer 12
Al voor de laatste wereldoorlog waren vrij veel families hiermee bezig. De Duitse nazi-politiek, in Nederland nagevolgd in de Z.g. sibbekunde, beperkte het onderzoek tot het bewijs dat een familie "arisch" was. Arisch betekent ongeveer indo-germaans; maar het hield toen in, dat men niet-Israëlitisch wilde zijn. Van hogerhand werd de sibbekunde aangemoedigd: door deze liefhebberij werden vanzelf de Joodse burgers openbaar. Dat was natuurlijk verre van wetenschappelijk; want wetenschap begint niet - maar eindigt met resultaten; of die gewenst zijn of niet. En zo is in ons land de genealogie jarenlang na 1945 veronachtzaamd, zo niet verworpen wijl besmet.
Daar is sedert enkele tientallen jaren verandering in gekomen. Vandaag staan de archieven voor elke burger, boer of buitenman open. Dikwijls zijn ambtenaren in staat en bereid u met name genoemde gewenste gegevens, tegen een nette prijs, te verschaffen. Zo niet, dan kunt u zelf op jacht gaan naar uw voorouders en bejaagd wild smaakt altijd beter dan gekocht wild. Om elk misverstand af te snijden: hier wordt geen kannibalisme noch voorouderverering aanbevolen.
-0-
Het opstellen van een genealogie eist enig gezond verstand, een zekere vasthoudendheid, een pen en wat papier.
Zonder al te veel moeite zet u uw eigen gezin op papier: volledige namen met geboortedata, doop-, trouw- en overlijdensdata.
Bent u al zo ver dat u getrouwde kinderen hebt (welgefeliciteerd, zegt psalm 127) dan worden die gezinnen eveneens compleet aan het papier toevertrouwd. Elk gezin voorlopig op een vel papier - later brengt u ze wel over op speciale losbladige formulierpapieren: uw groeiende genealogie.
Nu komt het tweede hoofdstuk. De complete gezinnen, waaruit uw vader en moeder zijn gesproten, zijn eveneens zeer waard opgetekend te worden. Bent u gehuwd dan geldt dit natuurlijk precies zo ten aanzien van uw schoonouders.
Tot zo ver kunt u alle gegevens wel los krijgen, van nog levende personen.
Met enige navraag (en controle!) lukt het u stellig. En nu moet u tevens de plaatsen bij de data voegen, zo mogelijk met een fotocopy van een geboortebewijs, voorzover het rechtstreekse (voor)ouders betreft. Idem van een huwelijksacte, idem het beroep en het kerkelijk lidmaatschap.
Hebt u zo uw eigen gezin plus de ouder lijke gezinnen vastgelegd, met ooms en tantes, neven en nichten, dan komt het derde hoofdstuk. Voor u daar aan begint moet u zich enige theorie eigen maken.
-0-
Een "stamboom" is een opstelling van alle nakomelingen uit één persoon of één huwelijk. Die opstelling vormt een piramide, met de stamvader aan de top en alle huidige nakomelingen (met wat geluk uzelf ook) aan de basis. U gaat dan uit van een bepaalde stamvader; laten we zeggen: Karel de Groote, of bisschop David van Bourgondië of Constantijn Huygens. Maar zo lang u er niet zeker van bent van hem af te stammen, kunt u beter bescheiden van uzelf uit in de historie terugwerken. Misschien sluit u, met wat geluk, aan op prins Willem I, of Benedictus van Spinoza of de Hertog F. A. Alva, maar dit is volstrekt niet zeker.
Van uzelf uitgaande en in de historie teruggaande, neemt uw overzicht de vorm van een omgekeerde piramide aan, met uzelf nederig aan de voet en uw voorouders hoog aan basis. Want van u (en uw echtgenoot) uitgaande komt u op 4 ouders, 8 grootouders, 16 overgrootouders, 32 betovergrootouders en zo voort. En nu wordt het de moeite waard. Wat u nu krijgt heet niet een stamboom maar een "kwartierstaat".
Een kwart is immers een vierde? Wel, het gaat om vier (groot)ouders en hun kwartieren vormen samen uw voorgeslacht.
Het kan zijn nut hebben, in leven zijnde neven en nichten eveneens vast te leggen: niet alleen voor het aanhouden van familiecontacten - maar ook om informatie los te krijgen. Twee weten meer dan een en alle visies zijn niet gelijk.
Want behalve de vaststaande burgerlijke gegevens moet u trachten zoveel mogelijk gegevens van sociale en religieuze aard op te sporen. Op deze wijze vormt u banden met uw voorouders en kunt u eigen geaardheid en karaktertrekken beter doorgronden.
U moet zich in dezen weten te begrenzen.
In de beperking toont zich de meester.
Het eindeloos uitmeten van verwante families, of zelfs families met uw naam, maar families die niet tot uw bloedlijn hebben bijgedragen, is een tijdrovende en oeverloze bezigheid. Het afgaan op namen levert meestal geen resultaten, behalve teleurstelling en hoofdpijn.
-0-
Nu u aan het derde hoofdstuk toekomt, kunt u waarschijnlijk niet meer op mondelinge gegevens rekenen; hoewel u alle informatie van de oudste familieleden naarstig moet vastleggen. En controle- ren. Bovendien hebben die oudjes vaak dozen en boeken vol portretten: vraag hun tijdig welke namen u aan de achterzijde mag schrijven, voor later!
U moet dus nu naar de openbare archieven: eerst bij de Burgerlijke Stand, die in 1838 begon. Daarvoor naar de provinciale archieven, waar ook de oude kerkelijke archieven zijn ondergebracht.
Die kerkelijke archieven bestonden uit doop-, trouw-, en begrafenisboeken, kortweg met DTB-gegevens aangeduid. Ze zijn, daar de kerken voorheen de burgerlijke administratie voerden, de authentieke bron. Ook hier zijn kopieën van actes of inschrijvingen zeer gewenst. De getuigen bij een doop vertellen u bijvoorbeeld iets over de sociale omgeving van uw voorouders, het land van afkomst, enz.
De hugenoten, Franse geloofsvervolgden, zijn te vinden in een speciaal kaartregister, waarin alle DTB-gegevens uit vluchtelingenkerken zijn ondergebracht.
Die brengen u een reuzenstap vooruit. Maar voor zover u van Nederlandse archieven afhankelijk bent, doet u goed telkens 1 onderwerp tegelijk voor te leggen; waarbij u alles opgeeft wat u van een betreffende persoon weet, en alles vraagt wat u van hem wenst te weten. Dit kost tijd en een beetje zakgeld, maar roken is duurder.
-0-
In Tollens' officiële volkslied (het Wilhelmus is nooit tot officieel volkslied verklaard) werd gezegd: "Wien Neerlands bloed door d'aderen vloeit, van vreemde smetten vrij ... " Groter kolder is moeilijk denkbaar. Want het Nederlandse bloed is een optelsom van vreemde smetten en daarom interessant.
Voor u het weet zit u bij Duitse, Franse, Engelse, Scandinavische, Zwitserse of Oostenrijkse voorouders en van elk van hen hebt u wat meegekregen.
Zelfs de geïsoleerde Zeeuwse eilanden (en wat geeft meer isolement dan een eiland?) hebben een gezonde portie Spaans bloed uit de 80-jarige oorlog overgehouden.
De historie verbergt schatten voor u.
Schatten aan verrassingen, goede en kwade - maar door de tijdsafstand wordt het kwade minder kwaad. En als u de voorouders van niemand minder dan onze Heere Jezus nagaat, stuit u op enige merkwaardige en treurige feiten: een hoer, overspel, bloedschande en meer; maar hierin blijkt dat onze Heiland letterlijk "in alles" ons gelijk is geworden.
U behoeft dus niet meer te schrikken van een moeder, die een kind teveel en een man te weinig blijkt te hebben: zulx komt in de beste families voor.
Wanneer u serieus overweegt aan de voorgaande wenk gevolg te geven, kan het goed zijn zich aan te sluiten bij de Nederl. Genealogische Vereniging (postbus 976, 1000 AZ Amsterdam) en/ofhet Centraal Bureau voor Genealogie (postbus 11755, 2502 AT 's Gravenhage). Deze beide stellen u alle formulieren, mappen, werkboeken en adviezen ter beschikking; ook lijsten van personen, die voor u tegen een redelijke vergoeding de archieven in hun omgeving napluizen. En de ledenvergaderingen vormen een gezellige ruilbeurs van familiegegevens!
Maar - hoe meer u zelf uitzoekt, hoe meer genoegen u van dit werk zult hebben.
Schrijver dezes is met H.M. reeds bijna een halve eeuw op jacht naar onze voorouders en de buit is veel aanzienlijker dan toen we de schaarse gegevens van een grootvader als uitgangspunt namen.
Goede jacht en weidmansheil