Een diakonale gemeente (1)
1989-09-01
Bezinning op het diakonaat in de gemeente is van groot belang, om praktische en principiële redenen.- Jaargang 33
- nummer 18
Praktisch gezien moet in de eerste plaats gezegd worden, dat we leven in een individualistische tijd. Ook leden van de gemeente leven steeds vaker alleen, op zichzelf en los van de hechte familie-verbanden. Juist nu hebben we elkaar zo bijzonder hard nodig in allerhande noden.
Daar komt bij, dat de overheid bezig is, steeds meer terug te komen op de idee van de verzorgingsstaat, waarbij de staat zich verantwoordelijk voelde voor eigenlijk alle problemen.
Het eind van die ontwikkeling is nog niet in zicht.
Maar er is ook een principiële reden om ons op de verantwoordelijkheid van de gemeente voor het diakonaat te concentreren. Die principiële reden is, dat het diakonaat tot het wezen van de gemeente behoort.
Van Christus' wege zijn we geroepen om oog te hebben voor elkaar (vgl. het gelijknamige boekje van dr. J.P. Versteeg). In Rijswijk zijn we bezig ons als gemeente te bezinnen op deze zaken. Als leidraad daarbij schreef ik een brochure, waarvan ik hierbij een klein gedeelte doorgeef.
De brochure zelf is te bestellen, zie onder aan dit artikel.
Heel de gemeente
We moeten oppassen, dat we van het woord 'diakonaat' niet een gewichtige, verheven term maken om daarmee eer en aanzien te zoeken.
Diakonaat betekent dienen en het diakonaal karakter van de gemeente is dat de gemeenteleden klaar staan om elkaar te helpen. Overal in het Nieuwe Testament waar over 'dienen' wordt gesproken, zou je ook met diakonaat kunnen vertalen. En waar 'diaken' staat mag ook dienaar gelezen worden. Wie het eten voor de gasten op tafel zet is een dienaar of een diaken. Wie de voeten wast is een diaken of dienaar.
Heel belangrijk voor ons onderwerp is het feit, dat dit dienen in het Nieuwe Testament steevast een zaak van de hele gemeente is. Het is niet gedelegeerd aan bepaalde personen, maar. het is opdracht voor allen. In Galaten 5:13 stelt de apostel, dat de christelijke vrijheid geen aanleiding voor het vlees mag zijn, "maar dient elkander door de liefde". Dit is vrij zijn in de christelijke betekenis van het woord: dat we zoeken elkaar te dienen. Dat dit 'door de liefde' dient te gebeuren sluit uit, dat het ooit neerbuigend zou worden gedaan. We moeten bij dit dienen aan een heel breed scala van hulp denken. Dit wordt duidelijk in 1 Petrus 4:10, waar we lezen: "Dient elkander, een ieder naar de genadegave, die hij ontvangen heeft, als goede rentmeesters over de velerlei genade Gods". Dit dienen omvat in de eerste plaats heel praktische kwesties, zoals blijkt uit de voorafgaande zin: ..Weest gastvrij jegens elkander, zonder morren".
'Open huis' moet in de gemeente geen uitzondering maar regel zijn!
Maar een bemoediging vanuit Gods Woord hoort hier net zo goed bij, zoals uit de volgende zin blijkt: ..Spreekt iemand, laten het woorden zijn als van God".
Zo breed en veelzijdig als de genade is, zo breed is ook het diakonaat, het dienen van elkaar. En die genade omvat het totale menselijk leven. Er is niet aan de ene kant praktische hulp en aan de andere kant geestelijke bijstand. Maar alle genadegaven die God gegeven heeft mogen gebruikt worden in deze dienst. Van de totale hulp geldt: "..dient iemand, laat het zijn als uit kracht, door God verleend, opdat in alles God verheerlijkt worde.."
Jezus Christus is de bron
De bron van het diakonaat is stellig Jezus Christus zelf. Met die uitdrukkingwil gezegd. zijn dat Hij het begin is én dat nog elke dag alle werkelijk diakonaat bij Hem vandaan komt.
Aan het Avondmaal heeft Jezus de discipelen voorgehouden: ..Ik ben in uw midden als dienaar" (Lukas 22:27) of in de S.V.: ..Ik ben in het midden van u als een die dient", als de Diaken bij uitstek.
Daarmee bestraft Hij de discipelen, die zich onledig hielden met de discussie wie van hen als de eerste moest gelden. Dat is de stijl van de wereld, maar Jezus leert ons om te dienen. Hij zelf heeft dat gedaan, gekomen om te dienen en zijn leven te geven als een losprijs voor velen (Mat. 20:28).
Nu is veel van het werk van Jezus uniek. Zo uniek, dat we niet zomaar de lijn naar onszelf kunnen en mogen doortrekken. Juist zijn radicaal dienende houding heeft de Heiland echter uitdrukkelijk ook aan de leerlingen voorgehouden. Te denken valt aan Johannes 13, wel te beschouwen als het Magna Charta van de diakonie. In dat hoofdstuk wordt beschreven hoe Jezus, in het zicht van zijn lijden, de discipelen een indringende les in de liefde heeft gegeven. In het eerste vers staat, dat Jezus "de zijnen, die Hij in de wereld liefhad, liefgehad (heeft) tot het einde". Die uiterste liefde uitte zich daarin dat Hij, terwijl de discipelen aanlagen aan de maaltijd, een schort ombond en de voeten van de discipelen ging wassen. Een bezigheid, die in die wereld nadrukkelijk als slavenwerk gold. Tegen de protesterende Petrus zegt Hij, dat de discipelen dit later zullen verstaan.
Namelijk vanuit zijn komend lijden, dat zijn totale opoffering bewees.
Van die zelfopoffering was deze daad een symbool. En Jezus zegt nadrukkelijk: "..Indien nu Ik, uw' Here en Meester, u de voeten gewassen heb, behoort ook gij elkander de voeten te wassen; want Ik heb u een voorbeeld gegeven, opdat ook gij doet, gelijk Ik u gedaan heb. Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u, een slaaf staat niet boven zijn heer, noch een gezant boven zijn zender" (vs. 14-16).
Nederigheid
Het is opvallend, dat Jezus deze les in het dienen verbindt met het offer dat Hij gaat brengen. Als ze van het kruis weten, dàn zullen ze dit begrijpen.
Dat zijn zware woorden. We moeten bedenken, dat Jezus hiermee rechtdraads tegen de cultuur van zijn dagen ingaat. Nederigheid en dienstbaarheid golden in de Griekse wereld bepaald niet als deugden. Integendeel, men had daar minachting voor als voor de mentaliteit en het werk van een slaaf. Als Christus deze houding tóch zijn discipelen voorhoudt, dan gaat Hij daarmee tegen de geest van die tijd in. Misschien moeten we het overigens scherper zeggen. Jezus ging niet alleen in tegen de cultuur van zijn dagen, maar tegen de natuur van de mens. Ook voor óns geldt: wij kunnen dit alleen tot op de bodem begrijpen - en navolgen - wanneer we denken aan het éne offer van Christus - dat haaks staat op onze menselijke mentaliteit.
Het is daarom zo geweldig bemoedigend om de geestelijke overwinning te melden die Jezus Christus op dit punt onder zijn leerlingen behaald heeft. Het scherpst wordt dat zichtbaar aan Petrus, de man die zich hier zo fel verzet had en die ook overigens Jezus' lijden niet wilde accepteren. Van hem staat in 1 Petrus 5:5 de vermaning opgetekend: "Omgordt u allen jegens elkander met nederigheid, want God wederstaat de hoogmoedigen, maar de nederigen geeft Hij genade". Voor 'omgorden' gebruikt de discipel hier een ongewoon woord. Heel anders dan het "omgordt dus de lendenen van uw verstand" in dezelfde brief (1:13). Dat laatste betekent het om doen van een gordel, maar in 5:5 kunnen we beter vertalen met: omschort uzelf. Doe de schort van nederigheid om. Je hoort hier de herinnering doorheen aan dat moment dat Petrus zich zo goed herinnert.
Het moment waarop hij zèlf deze houding geleerd heeft, toen Jezus een schort omdeed en de voeten van de discipelen waste.
'Een diakonale gemeente' is de titel van de brochure, waaruit nu en in het komende nummer een deel wordt gepubliceerd. De brochure zelf (32 pag.) kost f 2,50 per stuk. De verzendkosten zijn f 2,- ongeacht het aantal. Te bestelln door overmaking op giro 620511 t.n.v.
Ned. Geref. Kerk van Rijswijk, te Delft, met vermelding: diakonaat.