Het hoofd van de profeet
1987-03-06
Na de kerstdrukte en bij het luwen van de nieuwsstroom kwam de Britse boulevardpers met een fonkelnieuwe stunt: de kop van de politiechef van Manchester moet er af! - Jaargang 31
- nummer 9
Jawel, zijn kop er af. De kranten hadden de rel voor elkaar, de BBC rende met camera's 'Om de man heen, spandoeken gaven de wens van het linkse Manchester-volk: zijn kop eraf! Want de man was stapelgek: hield zichzelf voor een profeet, zei dat hij de stem' van God doorgaf, liep met de Bijbel op zak, had een inkomen van E 40.000 (f 135.000), droeg een profetenbaard trad veel te hard 'Op bij onlusten, had zijn eigen "rechterhand" aangebracht, onder verdenking van samenwerking met de ondergrondse IRA, was voor een harde behandeling van drugsverslaafden en ontuig, dacht het vaderland te kunnen redden van ondergang en dat was teveel voor een chef van de grootste politiemacht van Engeland. Daar kwam nog van alles bij. HIj had zich al jaren aan "politiek" gewaagd, had bijvoorbeeld beweerd dat de politie niet onder democratisch toezicht behoort te staan, en dat zin de “Commissie. van Toezicht" niet, die blijkbaar wèl gevoelt voor democratisch toezicht op de hiërarchie der poIitie-autoriteiten. En dan graag links toezicht. En als klap op de vuurpijl had deze hoofdcommissaris (die we naar vaderlandse gewoonte met zijn initialen J. A. aanduiden), onlangs op een AIDS-congres gezegd: dat deze ziekte verband houdt met de verloedering van onze maatschappij, met drugsverslaving, ontucht en prostitutie. In zijn peroratie had hij zelfs verklaard: dat "homo's, drugsverslaafden en prostituees zich wentelen in 'een beerput vol menselijk vuil, door hen zelf geproduceerd" (met homo's zijn uitsluitend praktiserende homofielen aangeduid).
'Wie is J.A. eigenlijk? Zoon van een eerzame mijnwerker uit Wigan, begonnen als straatagent te Manchester, die ongelooflijk snel promotie maakte en op zijn 25e al hoofdinspecteur was.
Tien, 'jaar geleden, was hij de rangen, van oudere 'collega's gepasseerd en kreeg zijn eerste onderscheiding, werd hoofdcommissaris van hetzelfde corps Waar' hij als groentje begonnen was, werd in, 1980 de "man van het jaar" van zijn stad, en twee jaar later Commander British Empire. Zo iets geeft, vijanden, en niet weinige. Maar bovendien is J.A. een man van karakter. 'Voor problemen' gaat hij nooit aan de kant - zeggen zelfs zijn vijanden - en hoe groter rel hoe Iiever, zeggen ze. Toen, dan ook in zijn stad enkele jaren geleden grove rellen uitbarstten, was hij er snel bij om de orde te herstellen: harde aanpak, plastic kogels op de karabijnen,' brandslangen, schilden, klappen en' arrestaties. Dat gaf hevige kritiek en nog meer vijanden. J.A. mag dan een uitnemend politieman zijn, maar hij doet zijn werk met overtuiging en uit roeping .. Toen hij zijn eigen eerste assistent moest aanbrengen, heeft de, rechtbank deze vrijgesproken: op de verdediging van J.A. zelf, die geen zaakjes onder de tafel wenste te zien - maar een officieel onderzoek en (graag) vrijspraak. Hij is namelijk' een gelovig christen, zelfs preker in de Methodistische Kerk: niet te hoog om zijn medegelovigen te dienen met het woord van genade.
Daartoe leeft hij "met de Bijbel op zak". zoals de boulevardpers dat noemt (thumbed bible = beduimelde bijbel).
Zijn "hel- en verdoemenispreken" tegen het ontuchtige leven in deze slechtste van alle Britse .steden "hebben steeds meer evangelische gloed gekregen", smaalt de Daily Record. En als je ooit vijanden wilt maken, doe het dan met Gods Woord in een verloederde maatschappij.
De kranten putten zich uit in het vinden van compromitterende uitspraken. We zetten er enkele op een rijtje. Hij is "voor Engeland, God en het Recht" het wordt vet gedrukt als een lachertje. Hij is tegen de humanisering van de Britse gevangenissen; waarschijnlijk omdat gedetineerden steeds .hoger eisen stellen aan hun gratis pensions; waarom ze rechts en links' uitbreken, ' brand stichten of cipiers gijzelen. Hij meent dat men arbeidsschuwe delinquenten niet moet vertroetelen, maar ze naar werkkampen sturen, waar ze leren zweten zoals ze nog nooit geleerd hebben, totdat hun vernielzucht door harde tucht verdwenen is; Hij schuift de publieke kritiek rustig terzijde, wanneer met hem zijn harde aanpak van onlusten verwijt; maar in andere steden gingen bij dezelfde onlusten, tientallen agenten het ziekenhuis in; momenteel loopt de rechtszaak tegen zes mannen, die samen een politieagent, gelyncht hebben, omdat deze een brandweerman in bescherming nam. De kranten hebben nog meer gevonden. want vijanden slapen niet. In 1982 gaf J,A. toe dat hij, naar zijn mening, aan de redding van het vaderland diende mee te werken; let wel, op een vraag die hij niet wilde ontwijken. In een' recent debat "wist", hij de oplossing van 's lands problemen, die hij verweet aan ongenoemde agenten van buitenlandse mogendheden; wie zou ze niet kunnen noemen? Op de vraag of hij soms een profeet meent te zijn, heeft hij verwezen naar een hymn: God moves in a mysterieus way, Hij kan alles en ieder gebruiken. En eens heeft hij de verbaasde journalisten toevoegt, dat hij in .een vorige incarnatie Oliver Cromwell was geweest; ik hoor nog mijn goede Vader, bezig met Moeders afwas, eens gnuivend zeggen: "ja kinderen, in een vorige incarnatie ben , ik nog. keukenmeisje geweest!" Tenslotte, blijkbaar zat van het journalistieke bedrijf met schaar en lijmpot, heeft J.A. uitgelaten: "ik ga iets voelen van wat Christus moet hebben gevoeld voor de kruisiging"; hij dacht blijkbaar aan Davids klacht: de ganse dag verminken zij mijn' woorden, al hun overleggingen zijn tegen mij ten kwade, ps. 56.
Nu kwam dat AIDS-congres, waar waar men hem als spreker vroeg. Hoewel hij uiteraard zijn woorden met zorg op papier had gesteld (zelfs een communiqué aan de pers afgaf) moet hij gezegd hebben: "Op weg hier naar toe kreeg ik de ingeving, dat het eigenlijk zó zit". Daar kwamen de vragen los: u kreeg een ingeving? Van wie?
Krijgt u wel vaker ingevingen? Hoe weet u of dat een Goddelijke ingeving is, dan wel uw eigen fantasie?, Als, het goed is moet' zijn antwoord hebben geluid: door mijn ingevingen te verifiëren met Gods Woord. - En daar had men J.A. te pakken: dus u pretendeert Gods stem te horen, Gods Woord door te geven, eigenlijk dus een profeet te zijn ... ? "we hebben het zelf uit .zijn mond gehoord!" Laten we ons niet verbazen, Wij gereformeerden, die gewend zijn onze invallen en "ingevingen" te toetsen; die vertrouwd zijn met de opdracht om koningen, profeten en priesters te zijn; die geloven dat de Heere vandaag nog duidelijk tot ons spreekt; die naar onze predikers luisteren, en wèl onderscheiden wat de Heere zelf zegt en wat de theologie beweert; wij zullen in de taal van J.A. geen eigendunk aantreffen. Integendeel, we zullen blij zijn, wanneer iemand van zo hoge onderscheiding bereid is voor het Woord te buigen. Niet alzo de rioolpers. Dit is tegen elke discriminatie, vooral van wat kwaad genoemd wordt. Homo's? Geen discriminatie alstublieft. Hoerenlopers, publieke vrouwen? Geen discriminatie a.u.b. Drugsverslaafden, arbeidsschuwen, leeglopers" inbrekers, straatrovers, verkrachters, aanranders? Geen discriminatie a.u.b. En men schuift hem in ,de schoenen, dat' hij AIDSpatiënten hun eigen straf toewenst.
Het tuchtcollege; de CvT, koos partij voor de vijand: "De commissaris moest op zijn woorden passen, moest niet tegen zere schenen schoppen, Moest het' verschil weten tussen het goede en teveel van het goede. Was zijn boekje te buiten gegaan. Moest niet als een profeetoptreden want dan liep zijn gezag gevaar. Moest wat minder Sodom en Gomorra in zijn preken mengen - en wat meer evangelische genade uitstallen.
Die oudtestamentische baard moest er af." Eigenlijk, ja eigenlijk moest die hele kop eraf. Men besloot de minister van Binnenlandse Zaken (Hurd) te verzoeken de man te ontslaan, daar hij stapelgek was en niet 'gehandhaafd kon worden. ' Meteen kwam het rechtse deel van Manchester op de been: met spandoeken, luidsprekers en slagzinnen eisten ze de handhaving van 'hun hoofdcommissaris.
De pers vroeg J.A. om een uitspraak. "Geen commentaar", zei deze. "U wordt bij de minister ontboden. Bent u niet bezorgd?" - "Geen enkele vrees", was het anwoord."Voelt u zich wel helemaal goed?" "Ik weet wat ik doe en waarom ik het doe, goedendag heren."J.A: is bij minister Hurd geweest. Vandaag lezen we onopvallend, dat Hurd groot respect voor J.A. heeft uitgesproken. En de eerste minister, Mevrouw Thatcher, heeft gepubliceerd: "wij moeten de hemel danken dat er nog mannen zijn, die deze dingen durven te zeggen". Die op de Heere vertrouwen zullen niet beschaamd uitkomen.