Geen veilig nest

2008-02-15
  • Jaargang 52
  • nummer 4
Hoezo: het gezin als hoeksteen van de samenleving? Er zijn duizenden kinderen die binnen het gezin ernstig risico lopen. Statistisch gezien zitten er in iedere schoolklas in Nederland kinderen die het slachtoffer zijn van enige vorm van mishandeling. Wat is er mis met onze gezinnen?

Kindermishandeling komt veel te vaak voor. Voor twee op de drie kinderen is het gezin een veilig nest, maar voor één op de drie kinderen kan dat niet zo gezegd worden.
Op 26 januari organiseerde het netwerk van christen-pedagogen binnen het Christelijk Studiecentrum ICS (www.icsnet.nl) in de Jeruzalemkerk in Utrecht een congres over kindermishandeling.
In deze bijdrage volg ik de lijn van de inleiding die werd verzorgd door mevrouw drs. Nella van Dijke-Reijnhoudt, jeugdpreventiemedewerker bij Eleos. Daarnaast voeg ik een aantal eigen kanttekeningen toe.

Geschiedenis
Eerst een duik in de geschiedenis.
Rond 1900 begon men aandacht te krijgen voor het verschijnsel kindermishandeling.
Men vermoedde dat er een verband bestond tussen een onveilig gezin en (latere) criminaliteit.
Er was dus vooral een maatschappelijk belang in het geding. Rond 1960 verschoof het denken naar het interne functioneren van het gezin en de gevolgen die dit heeft voor het individuele kind.

Wat is kindermishandeling?
Een definitie van kindermishandeling is te vinden in de recente Wet op de Jeugdzorg. Het gaat (ingekort) bij kindermishandeling om elke vorm van bedreigend of gewelddadig contact waardoor ernstige schade wordt berokkend of dreigt te worden berokkend aan een minderjarige. Daarbij wordt gedacht aan zowel fysiek als psychisch letsel.
Toch zijn we er dan nog niet. Het blijkt namelijk dat de normen aanzienlijk verschillen. Zo wordt 'slaan' in veel culturen heel gewoon gevonden, als een passende pedagogische maatregel.
En is het dwingen een bord leeg te eten een vorm van kindermishandeling?
Sommige mensen menen van wél. Er zijn ook mensen die de godsdienstige opvoeding een vorm van mishandeling vinden. Het kind wordt immers in zijn keuzevrijheid beperkt en daarbij ook nog eens bang gemaakt voor God.

Opvoeden en straf
Daarmee raken we het onderwerp straffen. Wat is een passende straf?
Naar de kamer sturen, een tik op de vingers, zonder eten naar bed? Er bestaan enkele criteria die als denkkader zijn te hanteren. Als a) de straf regelmatig voor komt, b) ook in de eigen omgeving als buiten-proportioneel wordt gezien en c) als het dient om de woede van de opvoeder te bekoelen (afreageren) gaan opvoeders zéker een grens over.
Het is dus belangrijk dat een opvoeder eerlijk naar zichzelf kijkt. Straf ik mijn kind omdat ik het beste met hem voor heb, of straf ik omdat ik mijn eigen woede niet onder controle heb?
Ook de duur van een straf is van belang. Een kind een week lang straffen omdat het op één dag niet wilde luisteren is buiten
proportie. De dag moet goed worden afgesloten: 'Laat de zon niet onder gaan over jouw boosheid!'

Gezin en geloof
Voor kinderen die in een christelijk gezin opgroeien is kindermishandeling in zekere zin extra belastend. Een mishandelende vader op aarde verduistert het beeld van een liefhebbende hemelse Vader. En hoe vallen de verhalen die moeder vertelt uit de kinderbijbel te rijmen met haar dagelijkse gedrag? Een door God geschapen unieke relatie waarbij het kind een kostbaar geschenk is valt daarmee als beeld in gruzelementen. Dat is de harde werkelijkheid van een gebroken wereld.
Gelukkig is het niet zo dat kinderen die geen veilig thuis vinden daarmee persé het geloof vaarwel zeggen. Er zijn kinderen die dwars door alle ellende heen blijven vertrouwen op God, die hen nooit los zal laten.

Wetgeving
Kindermishandeling komt vaak voor.
Wat kun je daar nu aan doen? Er is een ministerie voor Jeugd en Gezin gekomen. Inmiddels vinden we de wet aan onze zijde. Er zijn veel duidelijker grenzen gesteld. Het mag niet, het mag nooit!
Toch is er nog een lange weg te gaan.
Veel te lang heeft Nederland een gedoogcultuur gekend. Ieder gezin moest het zelf maar uitzoeken. Van deze individualisering plukken we nu de wrange vruchten. Daarnaast zijn er stadsdelen waar gezinnen zich voor een deel onttrekken aan het zicht van de overheid. Om over de pedagogische verwaarlozing maar te zwijgen.
Scholen waar kinderen standaard zonder ontbijt in de klas zitten. Kinderen die nooit geknuffeld worden? Peuters en kleuters met een dermate verwaarloosd gebit dat alles getrokken moet worden. Geen blauwe plekken, maar ze komen wél veel te kort.
Kindermishandeling staat gelukkig duidelijk op de politieke agenda.
Maar voordat de samenleving als geheel doordrongen is van de noodzaak om hier iets aan te doen (tot achter de voordeur) zullen we heel wat jaartjes verder zijn. Er is veel pedagogisch werk aan de winkel....

Signalen van kindermishandeling
Er bestaan lijsten die bruikbaar zijn bij het vermoeden van kindermishandeling.
Deze lijsten zijn o.a. via internet gemakkelijk op te zoeken (Google: signalen kindermishandeling).
Daarnaast is er inmiddels veel (meer) bekend over risico's binnen het gezin.
Te denken valt aan de ouders (psychische situatie, de relatie tussen de ouders). de woonomgeving en de financiële situatie van het gezin. Ook het gedrag van het kind speelt een rol. Het ene kind is moeilijker de ouders te begrijpen dan een ander kind (temperament, gedrag).

En wat nu?
Je kunt nóg zoveel lijsten in je hoofd hebben, het blijft moeilijk om daadwerkelijk stappen te nemen. Vaak gaat het over vermoedens en weten we niet wat we daarmee aan moeten.
Er is sprake van een grote mate van verlegenheid. Professionele hulpverleners stellen meldingen vaak uit omdat ze proberen het vertrouwen van de ouders te winnen. Het kan ook zijn dat ouders zó boos worden dat geweld jegens het kind, de leerkracht of de hulpverlener een reële bedrei ging vormt. Ondertussen blijft het kind risico lopen als er gezwegen wordt.

In je eigen omgeving
Maar wat doen wij als buren, familie, vrienden als we vermoeden dat kinderen in een gezin in hun bestaan bedreigd worden? Wat doe je als dat vermoeden binnen de eigen kerkelijke gemeente bestaat? Het kan helpen als mensen beter de signalen herkennen én als er een soort protocol bestaat ('wat te doen bij vermoeden').
Dat geldt voor scholen, het zou zelfs in het pastoraat kunnen).
Ondanks alle goede voornemens vraagt het vooral om moed om op het gezin af te stappen. Als die stap te groot is valt zeker te overwegen om de vraag neer te leggen bij het AMK (het meldpunt kindermishandeling).
Dat mag ook anoniem. Het AMK denkt dan mee en geeft dan een oplossingsrichting aan.
Een extra moeilijkheid is het feit dat kinderen oneindig loyaal zijn jegens hun ouders. Als het er op aan komt proberen ze hun ouders toch weer in bescherming te nemen. Op zo'n moment ga je toch weer twijfelen: was het kind niet aan het fantaseren?
Het is belangrijk om in de gaten te houden dat loyaliteit maakt dat vaak lang niet alle informatie boven water komt.

Preventie
In het verleden heeft het accent vaak gelegen op de risicofactoren. Welke omstandigheden zijn 'gevaarlijk' voor het kind? Veel belangrijker zijn de preventieve factoren. Op welke manier kunnen we kind en gezin beschermen en sterker maken.
De beste manier om kindermishandeling tegen te gaan is natuurlijk preventie.
Eén van de mogelijkheden is het aanbieden van een laagdrempelige cursus (zie ook Opbouw 2008/01).
Opvoeden doe je niet alleen. Het is goed als ouders met elkaar van gedachten kunnen wisselen en ideeën op kunnen doen. Daar kan de kerk zéker een rol in vervullen.

Drs. Henk Algra is orthopedagoog. Hij is lid van de NGK/CGK in Alkmaar.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief