Tussen kerk en keuken
1989-11-10
Half oktober worden bij ons gewoonlijk de eerste speelgoedkrantjes in de brievenbus gegooid. Ik stop ze altijd listig weg tot dat ik denk dat de tijd rijp is voor Reinier om ze te bekijken.- Jaargang 33
- nummer 23
Meestal is dat op een tijdstip dat hij vervelend is. Dan kom ik met een stapeltje kadokranten op de proppen en een paar uur lang heb ik geen kind aan hem. Minstens eenmaal per jaar vraag ik me geprikkeld af, waarom er zulke krankjoreme dingen worden aangeboden en wie er zulke belachelijk hoge prijzen voor kinderkado's betaald ... (echt drumstelletje ... maar 150 gulden).
In die folders dringt men er op aan vroeg en voordelig (hoezo voordelig?) sinterklaasinkopen te doen. Er wordt geschermd met 'ren' en 'ster' prijzen en een beetje slimme moeder koopt dan ook kadootjes in oktober.
Nu ben ik meer een werker van het elfde uur, dus daar komt bij mij nooit wat van. Op het allerlaatste' moment ren ik langs de. winkels om de buit binnen te halen en ik loop. in mezelf gedichten te brabbelen die ik dan ook nog op papier moet zetten.
Gezien het aantal mensen, dat zich de laatste dagen voor 5 december verdringt in de winkels ben ik niet de enige met zo’n instelling. Dat beurt mij wel op.
Vlak voor de zomervakantie kwam Reinier een keer proestend van het lachen thuis. "Marloes zegt dat ze naar Spanje gaat" vertelde hij, toen we de reden van zijn hilariteit wilden weten: "Nou én! Wat is daar zo vreemd aan", zei ik.
"Ze zegt dat ze met de auto gaat...
Dat kan toch nooit. Naar Spanje ga je toch met de boot!" verklaarde hij.
Ik liet het maar voor wat het was, mezelf voornemend in ieder geval voor zijn achtste verjaardag het sinterklaassprookje te ontmantelen.
Daar had ik nog ruim de tijd voor, want hij was net jarig geweest.
Het was al niet meer nodig. Vorige week ging hij met een zorgelijk snuitje tegenover Janneke en mij aan tafel zitten. "Mam, Janneke ... Sinterklaas ... bestaat die wel echt?", vroeg hij. "Op school zeggen de jongens uit groep vijf dat hij niet echt bestaat".
"Nou ... Om je de waarheid te zeggen", begon ik, "is het meer een spel. Heel lang geleden leefde er een man die Nicolaas heette." Janneke nam het over en vertelde de legende van Sint Nicolaas. "Dus die boot komt niet echt uit Spanje", was zijn reactie. "En die man, die voor Sinterklaas speelt, is zeker wel erg rijk, dat hij al die kadootjes kan kopen."
Hij wilde kennelijk nog geen afstand doen van het Sinterklaas verhaal.
Onze oudste was ook zo'n hardnekkige gelovige. Hij zat in de tweede klas lagere school en zag in het plaatselijk dagblad een foto staan van Sinterklaas in vol ornaat. Nadrukkelijk las hij voor, "Tandarts de Vries uit Heiloo. AI twintig jaar Sinterklaas."
Peinzend keek hij ons aan. "Dat hebben ze me nog nooit verteld over Sinterklaas: .. dat hij ook tandarts is."
"Sinterklaas zorgt voor zijn eigen klandizie", glimlachte mijn man.
Wij hebben overigens in ons gezin de verhalen over Sinterklaas erg sober gehouden. In mijn achterhoofd zeurde altijd de reactie van een nichtje van mij. Mijn tante vertelde haar dat Sinterklaas niet echt bestond.
Een beetje teleurgesteld vroeg ze haar moeder vertrouwelijk, "Zeg dat verhaaltje over de Here Jezus dat is zeker ook niet waar."
Ongetwijfeld heeft u deze reactie wel vaker gehoord. Wel iets om in de gaten te houden, vind ik.
Mocht u nu tot de conclusie zijn gekomen dat bij ons thuis niets werd gevierd, dan heeft u het mis. Helemaal compleet met schoenzetten, zingen bij de schoorsteen en de geheimzinnigheid die er bij hoort.
Maar Sinterklaas wist niet alles. Hij was maar een gewone sufferd, net als iedereen en zwarte Piet nam nooit iemand mee naar Spanje, hoewel ik de kinderen tegen etenstijd best eens in die richting wenste. En als deze stout waren hoefden we er niemand bij te halen. Moe knapte die klusjes zelf wel op. Zonder roe.