De "Open Brief" 1967·1987
1987-04-24
De "Open Brief' was gericht tegen het vrijmakingsgeloof: Wil de zaak van Jezus Christus in ons land nog een toekomst hebben, dan zullen we vooral gelijk moeten denken over de vrijmaking. Dat. vrijmakingsgeloof, een bepaalde opvatting over de leer van de ware kerk, werd door de "Open Brief' aangevallen. Toen, in 1967, én nu in 1987, heerst(e) in de vrijgemaakte kerken de idee dat door de "Open Brief' de 3FvE buiten spel werden gezet; o.a. Dr. W.G. de Vries in het Handboek 1987 Ger. Kerken (vrijg.). Vanwege dat geloof werden omstreeks 1967 predikanten geschorst en door deze .opvatting zijn de vrijgemaakte kerken tussen 1967 en 1969 gescheurd. De "Open Brief' kan het kernpunt van verschil worden genoemd tussen de Ger, Kerken (vrijg.) en de Ned. Ger. Kerken. De "Open Brief', de Ieer over .de ware kerk, de uitleg van art. 27'-29NGB en zondag 21 van de Heid. Cat. vormden de belangrijkste aanleiding tot de scheuring. Natuurlijk waren er meer zaken aan de orde, zoals: - Jaargang 31
- nummer 16
- de leer van ds Telder over: "Sterven en dan?";
- de leer van ds Oesterhof
- indepenpendistische trekken in sommige gemeenten;
- enz., enz.
Deze bijzaken zijn vaak als de belangrijkste geschilpunten aangevoerd.
Terwijl werd verzwegen dat het allereerst ging om de leer van de ware kerk. Hoofdzaken werden tot bijzaken gemaakt en bijkomstigheden werden tot kernpunten verheven.
Gelukkig komt er een kentering. Er wordt weer over hereniging gesproken.
De leer over de ware kerk, de "Open Brief', het vrijmakingsgeloof zijn' weer belangrijke discussiepunten geworden, Over het fundament van een eventuele hereniging zijn we het wel eens: de Bijbel en de daarop gegronde Drie Formulieren van Enigheid.
Onverkort en onbekrompen.
Op tal van punten deel ik de kritiek van vrijgemaakt-gereformeerden op onze kerken; de Nederlands Gereformeerde kerken. zijn echt niet volmaakt. Maar ik heb mij dikwijls verbaasd over de kritiek van de vrijgemaakten op de ,;Open Brief' en op onze kerkorde. In het licht van de Bijbel en van de belijdenis kan deze kritiek mijns inziens j niet overeind blijven.
Veel opvattingen van ds. B. J.'F. Schoep van nu vind ik onschriftuurlijk, maar de "Open,Brief' zou ik in 1967 hebben ondertekend en in 1987 nog willen ondertekenen.
Gelukkig wordt ér weer over hereniging gesproken. Als het goed is op basis van de Heilige Schrift en de 3FvE. Ik hoop van harte dat de HEERE de uiteen gescheurde kerken weerbij elkaar wil brengen.
Naschrift
Met de inhoud en strekking van het "ingezonden" van ir..A. Kadijk kan ik van harte instemmen. Inderdaad schuift men van vrijgemaakte zijde de genoemde "bijzaken" steeds naar voren, - vooral in het buitenland - ter rechtvaardiging van de handelingen in de jaren 1967 e.v, In het handboek 1987 schrijft ds. W. G. de Vries dat,voor de énige wettige interpretatie van de Open Brief gegrepen is naar een verklaring van ds.
B. J. F. Schoep. Nu heeft ds S. indertijd een toelichting gegeven voor de P.S. van Noord-Holland, waarin hij schreef: "Binnen deze vraagstelling van de Open Brief houdt men het algemeen karakter van het gereformeerd belijden vast, om er kerken,.die minder of op enig pûnt anders belijden, maar die . toch kerken zijn te achten, te dienen, opdat ook zij de volheid en zuiverheid van het gereformeerd belijden naar de Schrift mogen ontvangen".
Het is duidelijke taal, maar niet naar deze' verklaring heeft men de Open Brief beoordeeld, men beriep zich op een artikel door ds. S. in Woord en Wereld geschreven. Zo stelde men de énige wettige interpretatie vast. Naar de verklaringen van de ondertekenaars werd niet gevraagd en onverhoord werden zij veroordeeld aan de hand van een artikel dat ik nooit onder ogen heb gehad. . Een heel vreemde gang van zaken in een kerk.
Met de heer Kadijk deel ik de kritiek op de vrijheden t.a.v. van kerkverband en belijdenis die sommige kerken onder ons zich veroorloven, maar ik ben beducht voor het perfectionisme in de vrijgemaakte kerken. Verder ben ik het eens met wat de heer K. schrijft over opvattingen van ds Schoep in het heden en ik wens op die zaken niet aangesproken te worden.
Laat ons daarbij bedenken dat de "behandeling" die deze predikant in Amersfoort kreeg te verwerken allerminst geëigend was om ons voor eventuele dwaling te bewaren.