De herberg van het laatste geluk (2)

1989-12-22
  • Jaargang 33
  • nummer 26
De één na de ander wordt gelukkig gemaakt door de geboorte van onze Heer, Jezus Christus. Zelfs de engelen loven en prijzen God: "Ere zij God in de hoge, en vrede op aarde bij mensen des welbehagens".

Hierbij wordt dikwijls verwezen naar Psalm 51. Psalm 51? Dat is toch dat boetelied van David na zijn overspel met Batseba en de moord op Uria, en na Davids berouw en bekering? Wat heeft deze psalm nu met het Kerstfeest te maken?
Wel, ook in die geschiedenis gaat het om een man die doodongelukkig was en die zielsgelukkig werd.
David was zijn blijdschap kwijt - en dat raak je natuurlijk altijd: je blijdschap kwijt, als je op zo'n lompe manier de Here God voor de voeten loopt. Dan heb je geen echte vreugde meer. Daarom vraagt David daar ook telkens om in Psalm 51: "Doe mij blijdschap en vreugde horen, laat het gebeente, dat Gij verbrijzeld hebt, weer jubelen.
Hergeef mij de blijdschap over uw heil, laat mijn tong over uw gerechtigheid jubelen.
Here, open mijn lippen, opdat mijn mond uw lof verkondige".
In dit verband zegt David: "Want Gij hebt geen behagen in slachtoffers.
aan brandoffers hebt Gij geen welgevallen.
Doe wel aan Sion naar uw welbehagen.
Dan zult Gij behagen hebben in offers naar de eis".

En dit is nu precies hetzelfde als wat die draak van een Eustaas heeft ondervonden: je kunt jezelf niet redden.
"Je zult het mij moeten laten doen", zegt de Leeuw die een Lam is. Niet aan mijn offers heeft God een welbehagen, maar aan zijn eigen goedheid!
Onze vertaling van Psalm 51 gebruikt hierbij de woorden 'behagen', 'welbehagen' en 'welgevallen'. Maar de Griekse vertaling gebruikt hier telkens hetzelfde woord als de engelen in hun Ere-zij-God, namelijk: "vrede op aarde bij mensen des welbehagens".
En hiermee kijken we recht in het hart van de engelenzang, recht in het hart van het Kerstevangelie en recht in het hart van God.
Kerstfeest is het feest van de blijdschap, de vreugde, de jubel, het loven en prijzen van God. Maar dan wel op de manier van Psalm 51! Je kunt jezelf niet redden, ga dan tot Jezus! Of beter nog andersom: je kunt jezelf niet redden, en daarom komt Jezus tot jou!
Dat Gods Zoon eraan te pas moet komen om jou en mij te redden, bewijst wel wat een hopeloze gevallen - wat een draken! - we eigenlijk zijn.
Inderdaad, een blijdschap op de manier van het draakje Eustaas: dat je doodsbang bent voor de klauwen van de Leeuw. En de allereerste haal van zijn klauw gaat zo diep dat je denkt dat hij dwars door je hart heengaat. En als Hij je lelijke huid eraf gaat trekken, doet dat meer pijn dán alle andere dingen die je ooit gevoeld hebt. Het enige waardoor je het kunt verdragen is: dat het echt een fijn gevoel is als dat spul loslaat.
Het doet hartstikke zeer, maar het is zo leuk om te zien hoe het eraf komt. Het doet eventjes ontzettend pijn, maar daarna is het gewoon verrukkelijk.

Dat fijne gevoel, dat leuke en verrukkelijke van de verlossing door Jezus, hebben alle personen die door het Kerstevangelie heenlopen, ondervonden.
Zacharias en Elisabet, Jozef en Maria, Simeon en Anna, de familie en vrienden in het bergland van Juda en de herders in de velden van Bethlehem.
Zij allen hebben de klauw van de Leeuw gevoeld, die eerste haal die zo diep gaat dat je bang bent dat hij dwars door je hart heengaat. En de levenwekkende kracht van zijn warme adem, de glans van zijn gouden manen en het geluk dat door je heen stroomt als je na zoveel dwaalwegen Hem om de hals valt.
Dat is dan ook het typische van het Kerstfeest: het is een feest van menselijke onmacht en van Goddelijke kracht. Een feest van een Kind in de kribbe en een soldatenkoor op het veld. Het feest van de mensen van het welbehagen. Verderop in Lucas 2 is sprake van Simeon die "de vertroosting van Israël" verwachtte. En van Anna die sprak tot allen "die voor Jeruzalem verlossing verwachtten".
Er waren ook in die tijd mensen, die - waarschijnlijk door schade en schande - hadden geleerd dat je jezelf niet kunt redden, maar dat de Redder tot jou moet komen. ' "De vertroosting van Israël" - Israël moest dus vertroost worden. "De verlossing van Jeruzalem" - Jeruzalem moest dus verlost worden. Het waren standaarduitdrukkingen,voor de Messiaanse tijd, het koninkrijk Gods, de nieuwe hemel en de nieuwe aarde. Die nieuwe wereld moest tot stand gebracht worden: door God, door zijn Gezalfde, door zijn Geest.
Daar waren deze mensen van overtuigd.
Waarschijnlijk tegen de stroom van de meerderheid in. Deze mensen hadden de haal van de leeuweklauw door hun hart gevoeld en de onuitsprekelijke vreugde erna. En ze hebben begrepen dat ze het zelf niet konden, dat ze het Hem moesten laten doen: : "Lam van God, Gij hebt gedragen alle schuld tot elke prijs...
Mensen van het welbehagen: roept op aarde vrede uit."

Voor Jezus was geen plaats in de herberg. Voor ons is er wel plaats in de herberg van het laatste geluk.
Ik denk aan die film 'De Herberg van Het Zesde Geluk'. Na een tocht vol ontbering komen een Engelse zendelinge en de aan haar zorg toevertrouwde kinderen eindelijk op de plaats van bestemming aan. Moe, hongerig, gehuld in lompen, met kapotte voeten, met tranen in de ogen en verdriet in het hart ... Maar dan beginnen de mensen van de stad hen te verwelkomen. De eerste hoeraatjes groeien uit tot een oorverdovend gejuich.
En dit lijkt mij een goed beeld voor de heiligen die na een leven vol ontbering de nieuwe aarde op en het nieuwe Jeruzalem in komen marcheren.
God is bij de mensen en Hij zal alle tranen van hun ogen afwissen. Een oorverdovend gejuich klinkt op, het overspoelt heel Gods nieuwe wereld: "Hem, die op de troon gezeten is (de Grote Keizer over de Zee), en het Lam (de Leeuw uit de stam van Juda, de wortel van,
David) zijde lof en de eer en de heerlijkheid en de kracht tot in alle eeuwigheden!"

Bekering-4

Geboorte
kinderziektes
opgroeien
trouwen
kinderen
klachten
aftakeling
dood
dokters vechten voor een verloren zaak

maar in die korte tijd
tussen geboren worden en sterven
gebeurt er toch iets nieuws
iets Goddelijks

evangelie
Heilige Geest
leven
gebed mensen richten hun gezicht tot God
en zij stralen van vreugde
tranen lopen hun over de wangen
en niemand weet wat het zijn
tramin van verdriet
of tranen van vreugde
of beide tegelijk
maar er is iets nieuws
toegevoegd aan hun leven
iets wat geen dokter heeft bedacht
iets dat boven de wetenschap uitgaat
iets dat van boven komt

wedergeboorte
geboorte van boven
beginsel van eeuwige vreugde
geloof
hoop

de Geest is hier geweest
Jezus is hier geweest

God is hier geweest
de grond waar ik op sta
is heilige grond
onderpand van de nieuwe aarde
en de eeuwige vreugde.
(Bij Lucas 9:28-36).

Bekering-3

Ik ben een paar keer
tot de orde geroepen
door mijn eigen naam

mijn moeder
heeft dat wel eens gedaan
en mijn vrouw

"Koos" zeiden ze
en dat was genoeg
om me tot inkeer te brengen

het is een eenvoudig middel
heel scherp
en heel barmhartig

"Mariam", zei Jezus
en de vrouw antwoordde
"Rabboeni"

Jezus noemt je naam
en jij zegt ja
dat is het hele verhaal

dat is de roeping
en de bekering
van de mens.
(Bij Johannes 20:16)

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief