Verbond en geschiedenis

1987-06-26
  • Jaargang 31
  • nummer 25

'Ervaring'
Het gebeurde in een bepaald gezelschap, dat één van de aanwezigen werd uitgenodigd te vertellen, wat hij van de goedheid en van de genade des Heren ervaren had. Na een poosje nadenken begon hij met de vermelding, dat de Here zijn overgrootouders tot het geloof had gebracht!
Toen werd hij in de rede gevallen. Men had natuurlijk een hoogst persoonlijke en puur directe ervaring bedoeld! En men vroeg de man in kwestie niet zonder enige spot, of de bekering van zijn overgrootouders dan ook al viel onder hetgeen hij zelf had meegemaakt. Behoorde die bekering werkelijk thuis bij zijn persoonlijke ervaringen? Een beetje verlegen antwoordde de man: Het is me toch zeker verteld en dat is niet niks! Daarna liep het gesprek eigenlijk vast, zoals vele gesprekken die toch beter zouden verdienen. Jammer, want de verteller had toch echt een paar voortreffelijke dingen gezegd. Hij had zijn vóórgeschiedenis zonder erg onder zijn ervaringen opgenomen. En bovendien had hij even veel respect voor wat hem verteld was als voor wat hij zomaar direct innerlijk beleefde. Twee erg goede zaken!

Merkwaardig gebruik van het woordje 'u'
In Jozua 24 wil Jozua het volk Israël nog 'éénmaal de grote daden van de Here inprenten, opdat het volk Hem zal blijven vrezen.
In Jozua's rede treffen we iets merkwaardigs aan. We lezen vers 5-s10ten 6 even: " ...en daarna leidde Ik u uit. Toen Ik uw vaderen uit Egypte geleid hadden gij aan de zee kwaamt, achtervolgden de Egyptenaren uw vaderen met wagens en ruiters, naar de Schelfzee". We zien daar zomaar op, elkaar volgen: uw vaderen - gij - uw vaderen. De Here wil kennelijk, dat de generatie van nu de geschiedenis van de vaderen als haar eigen geschiedenis zal beschouwen! Daar zien we de éénheid van het volk en delijn van de geslachten. Jawel, maar dat kan en moet nog dieper worden gezien en gezegd. We zien daar de lijn van het Verbond de geschiedenis door. We zien daar de Here, die ouders en kinderen aan elkander verbonden heeft. We zien , daar de Here, die in zijn wonderlijke trouwen macht de tijden omvat en die de kinderen en kindskinderen al op het oog heeft in zijn werk aan de vaderen. In de vaderen heeft Hij ook de kinderen al gered en beschermd! En daarom kunnen de generaties van toen en nu elkaar ook zo onbekommerd afwisselen in de woorden van Jozua!
Het Verbond van de Here verlost ons van de beperking van Gods goedheid tot wat wijzelf "hoogst persoonlijk"
ervaren.
Een verleden maal hebben we gezien, dat onze menselijke beleving een veel te klein kokertje is voor Gods goedheid en grootheid. Dat houden we vast. Maar nu geven we er een uitbreiding aan.
Onze hoogst directe levenservaring is veel te gering voor wat dé Here in de geschiedenis heeft gedaan! Ook al zou het leven van een Israëliet in de dagen van Jozua heel gewoon zijn geweest en zonder veel grote geestelijke gebeurlijkheden zijn verlopen, hij deelde toch in dat grootse en wonderlijke geheel van de daden Gods in het verleden, daden die ook op zijn leven waren gericht. "Het is hem verteld - nu weer door Jozua - en dat is niet niks!" - een mooi voorbeeld van wat de Engelsen een 'understatement' noemen.

Zin voor geschiedenis
Men hoort vaak de klacht, dat de tegenwoordige generatie zo weinig zin heeft voor geschiedenis. Ik geloof ook wel dat dat waar is. Maar het is natuurlijk ook de vraag, of een vórige generatie die geschiedenis goed verteld heeft.
Ik heb het afgelopen jaar veel aandacht besteed aan de Kerkgeschiedenis. Ben ik erin geslaagd die geschiedenis goed , te vertellen? Dat is alleen dàn het geval als de catechisanten die Kerkgeschiedenis als hun eigen geschiedenis hebben gehoord. Als ze hun weetjes over Calvijn en Guido de Brès en Hendrik de Cock net zo weten als hun weetjes over de manen van Jupiter en de ringen van Saturnus, dan is er iets mis! Eigenlijk àlles! Want dan is de geschiedenis als zodanig niet tot haar recht gekomen.
Dan blijven de voorgangers "oude knapen”' uit een àndere eeuw, waarmee we toch eigenlijk niets hebben uit te staan.' "Wij hebben er geen boodschap aan" - of beter gezegd: Zij hebben geen boodschap voor ons! Ja, dan is het mis!
En dan worden we natuurlijk geheel en al teruggeworpen op onszelf, op wat wij doen, op wat wij beleven. Zou er niet een verband liggen tussen dat gebrek aan zin voor de geschiedenis aan de ene kant en die overgrote drang naar de hoogst persoonlijke beleving aan de andere kant?
Dan komt ook de heilsgeschiedenis niet.
meer tot haar recht! En ook de lijn van de geslachten niet meer! En ook Gods Verbond niet meer! Jozua 24 wordt een vreemd woord in een vreemde taal!
Wanneer we het Verbond niet meer zien, dan valt de geschiedenis weg. Als we de geschiedenis alleen maar zien als het vage verleden, dan kan ook Gods, Verbond ons niet meer met zijn volle troost bereiken.

Vreemde jaloersheid
"Vandaag moest het eigenlijk in de kerk ,net zo zijn als in de dagen van de apostelen.
Toen werd de gemeente op alle mogelijke manieren door de Geest verrijkt.
Wat zie je daar vandaag nog van?"
- Zo horen we het vaak zeggen en verzuchten.
Jaloersheid op de eerste generaties in de kerk! Jaloersheid op tekenen en wonderen en op gaven des Geestes! De tijd en de ruimte ontbreken me om op deze zaak in te gaan. Ik wil één zaak evenwel naar voren brengen, omdat die zo nauw samenhangt met wat we nu bespreken. Vaak worden die verzuchtingen geslaakt in een totaàI gebrek aan inzicht in de heilsgeschiedenis en in een miskenning van het Verbond Gods.
Daarmee bedoel ik, dat Jozua 24 is ondergegaan in het niets, Daarmee bedoel ik, dat 'u' en 'uw vaderen' in het besef van velen zijn uiteengebroken tot geïsoleerde groeperingen en concurrerende grootheden, waartussen een wereldse jaloersheid haar kansen krijgt. Wie houdt nog vast, dat de werken, die de Here door zijn Geest aan die eerste generaties heeft verricht, ... dat die werken op ons gericht waren en met het oog op ons zijn verricht? Wie zegt nog: Dat was onze geschiedenis? Zeker, ook als dat vastgehouden wordt kan de roep uit de diepte opgaan: "Waar is Hij, die de herders zijner kudde voerde uit de wateren.
Waar is Hij, die zijn heilige Geest in, hun binnenste gaf (Jes. 63:11b).
Maar dan is die roep ontdaan van dat gekrenkte zich-gepasseerd-voelen en van dat zelf-isolement in zelfbeklag! En dan zijn we bevrijd van dat geschiedenisloze egocentrisme, dat zo gemakkelijk de vorm van egoïsme aanneemt!
Wanneer in een gezin één van de kinderen dodelijk ziek wordt en van die dodelijke ziekte mag genézen, dan zal - als het goed is - de Here worden geloofd en geprezen! Wat te denken van een kind in dat gezin, dat niet aan dat danken en prijzen zou willen meedoen vóórdat het diezelfde ervaring in eigen leven zou hebben opgedaan? We zouden allemaal zeggen, dat dat kind niets maar dan ook niets verstaat van het gezinsverband en - verbond en dat het opgeslokt is door een levensgroot egoïsme! , Dat weten we allemaal. Dat weten we ook in de gemeente van nu. We zijn met elkaar en over elkaar blij en bedroefd als leden van één 'lichaam, die het gebeuren met de ànder als een gebeuren met onszèlf aanvoelen.
Welnu, Verbond en geschiedenis komen pas ècht in ons leven tot hun recht als we dat besef, dat in het horizontale vlak van hier-en-nu zo goed werkt, als het ware gaan omklappen in het verticale vlak van heden-en-verleden en als we de Here danken voor wat Hij vorige generaties in de kerk gaf. Dankbaarheid tegenover wereldse jaloersheid! Looft de Here!
Wij loven de Here om zijn werk in onze Here Jezus Christus. Dat is goed! Maar het licht van Christus, de 'Wortel Davids en het geslacht van David', overstraalt de gehele geschiedenis en moet ook in die gehele geschiedenis worden opgemerkt. Dan komen in en door het verbond, al die elementen samen: Merk op, mijn ziel, wat de Here u aan goeds heeft gedaan - Looft de Here om Abraham, om David, om Petrus, om Paulus, om Willibrord en Bonifatius, om Luther en Calvijn en Guido de Brès, om Hendrik de Cock.
Ik weet natuurlijk maar heel weinig af van uw zeer persoonlijke, ervaringen en dat zal voor ons allemaal ook wel heel verschillend zijn en blijven. Maar wat heeft de Here ons àllemaal een gezamenlijke stof gegeven om Hem als onze Vader in Christus te loven en te prijzen!
'Een gezamenlijke stof. Wij zijn met onze vaderen samengevoegd in de grote lijn van het Verbond.
"Dat hebben ze ons verteld. Maar dat is niet niks!" Inderdaad!

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief