Postmodernisme
2011-03-18
Het postmodernisme: dat is een wat apart verhaal. Heel lang is er in en door de kerk gewaarschuwd dat het ‘moderne’ denken slecht was, gestempeld als het was door de filosofie van de Verlichting. Als reactie op dat moderne denken is het postmodernisme opgekomen. Vreemd genoeg zijn er nu christenen die zich opwerpen als verdedigers van het eerder zo bestreden denken van de moderniteit. Ook binnen kerken en tussen kerken onderling speelt het verschil tussen modern en postmodern naar mijn overtuiging een grotere rol dan vaak wordt onderkend.- Jaargang 55
- nummer 6
In het Kerkblad voor Nederlands Gereformeerde Kerken van 18 februari schrijft dr. C.P. Kleingeld over het postmodernisme; niet als filosofisch begrip, maar als levensgevoel dat ons allen raakt. Hij maakt onderscheid tussen het Europese en het Amerikaanse postmodernisme:
Bij de Europese postmodernistische denkers overheerst achterdocht. U hebt vast wel eens gehoord van ‘het einde van de grote verhalen’. Daaronder verstaat men ideologieën en religies(!) die een samenhangend ‘verhaal’ hebben over doel en betekenis en opdracht van het leven. U moet hierbij niet alleen aan kerken en religies denken, maar ook aan bijvoorbeeld het klassieke socialisme.
Het Europese postmodernisme zoekt achter dat verhaal een verborgen machtsstreven. Daarin heeft het niet altijd ongelijk. Zie maar eens de geschiedenis, ook de kerkgeschiedenis.
Daarom worden die grote verhalen afgewezen.
Ieder moet zijn eigen verhaal maken. Het kan geen kwaad als wij wat achterdochtig kijken naar de pretenties van allerlei organisaties. Hoe vaak zie je het niet: iemand wordt als volksvertegenwoordiger in de Tweede Kamer gekozen en vervolgens gaat het niet om land en volk, maar om het behouden van die Kamerzetel. Een ander voorbeeld is de gezondheidssector.
Onder het voorwendsel van gezondheidszorg strijden sommige specialisten meer om macht en geld dan om het goede voor hun patiënten.
Overigens is dit iets wat ook in kerkelijke organisaties voorkomt. Fraude in megakerken en bij TV-dominees haalt regelmatig de pers. Het kan dus geen kwaad dat het postmodernisme ons wat achterdocht bijbrengt. Maar daarmee is niet gezegd, dat de grote verhalen afgedaan hebben. Wij hebben als Christenen een groot verhaal en dat moeten wij vasthouden. Ik heb met het voorgaande dus zeker niet willen betogen dat wij het postmodernisme moeten aanhangen. Het bergt grote gevaren in zich, vooral de ik-gerichtheid.
Die ik-gerichtheid komt ook naar voren in wat wij noemen de dood van de auteur. Bij een boek moet je niet vragen naar wat de schrijver heeft bedoeld.
Nee, de lezer bepaalt zelf helemaal zelfstandig wat dit boek hem of haar te zeggen heeft, ook al zou dit haaks staan op de bedoeling van de auteur: ‘Wat heeft dit boek, deze tekst, voor míj te betekenen?’ Hoe vaak heb ik dit overigens niet op kringen horen zeggen!
U begrijpt wat dit voor betekenis heeft voor de bijbel-uitleg. Niet de bedoeling van de auteur of de Auteur(!) speelt meer een rol, maar wat ik persoonlijk vind dat die bijbeltekst mij te zeggen zou kunnen hebben. Een Schriftuurlijke vermaning is er dan natuurlijk niet meer bij.
Bij de Amerikaanse postmoderne denkers treffen wij nog iets anders aan.
Zij brengen namelijk een forse dosis pragmatisme mee. Dat wil zeggen: iets is goed en waar als het werkt, en wij moeten streven naar succes. Dat is het hoogste. Het berust op de mythe van vooruitgang, ook in de kerk. () De bekende Engelse bisschop Tom Wright wijst () in het Amerikaanse protestantisme een vorm van gnostiek aan die niet alleen in de kerken, maar ook in de samenleving onheil heeft gesticht.
Er is () een elitaire religiositeit ontstaan die meer waarde hecht aan het zelfbewuste individu dan aan de gemeenschap der gelovigen. Deze religiositeit onttrekt zich aan de politiek en de maatschappij en zoekt slechts eigen identiteit en zelfontplooiing. Dit is kenmerkend voor het Amerikaanse postmodernisme. Vanuit twee richtingen zien wij dus een diagnose die dezelfde trekken aanwijst.
Wright spreekt hier van gnostiek omdat deze religiositeit in feite de schepping minacht en dus verwaarloost.
Niet voor niets hebben de Amerikaanse Republikeinen niet zoveel met het milieu. De schepping wordt immers vaak als intrinsiek boos gezien.
Denk aan het radicale dualisme van de “Left Behind” reeks met zijn zogenaamde ‘opneming van de gemeente’ (“De laatste bazuin”, Tom Lahaye en Jerry B. Jenkins). Zo ontstaat een dubbele agenda: Een spirituele voor een toekomstig hemelleven en een materiële voor onze tijd hier op een aarde die er eigenlijk niet toe doet en die je dus kunt uitbuiten voor je eigen genot. Ons voorland is echter niet de hemel, want die is voor de engelen, maar een nieuwe, een vernieuwde aarde. En voor wij die beërven, zullen wij rekenschap moeten afleggen van ons rentmeesterschap over Gods oorspronkelijk goede schepping. Laten wij dus met een gezonde dosis achterdocht alles wat zich aan ons opdringt beoordelen, ook als er het etiket ‘christelijk’ op wordt geplakt en laten wij vooral het grote verhaal van schepping, zondeval, verlossing, herschepping niet uit het oog verliezen.
Drs. Menko Biewenga is predikant van de NGK Enschede.