Gedachteniswoord bij de begrafenis van ds Gijsbert Mul, op maandag 26 oktober 1987

1987-10-30
  • Jaargang 31
  • nummer 41
Het gebeurde eens dat een herder met zijn kudde op weg was naar de weide. Opeens brulde in de verte een leeuw. De herder floot de honden bij zich en stuurde ze de richting van het gebrul uit om de leeuw te verjagen. Die honden wilden wel. Die roken om zo te zeggen het avontuur en vlogen als een pijl uit de boog in de richting vanwaar het geluid gekomen was. Alle honden, behalve één. Die ene hond liep niet verder dan zo'n twintig meter bij de herder vandaan en daar hield hij jankend stil. En of de herder al probeerde duidelijk te maken dat 't beest zijn makkers achterna moest rennen, eerst zacht en vriendelijk, daarna luid en dreigend, het mocht niet baten. De hond verwijderde zich niet van zijn baas.
Toen, plotseling, was daar de leeuw. Niet de honden hadden de leeuw verjaagd, maar integendeel: hij de honden. Die stoven voor hem uit en stormden in razende snelheid de herder en de kudde voorbij, hun taak als herdershond totaal vergetend. Het duurde maar even of ze waren in geen velden of wegen meer te zien.
Behalve die ene, niet avontuurlijke hond. Die stond daar nog steeds op z'n plaatsje, zo'n twintig meter van zijn baas verwijderd.
Jankend, telkens naar de herder omkijkend, stond hij daar en hield hij stand tegenover de leeuw. En die deed niets, want hij voelde de kracht van de herder in die hond. Tenslotte ging hij daarom ook maar weg, onverricht ter zake.
Aan dit verhaal moest ik denken toen ik trachtte mij een beeld te vormen van dominee Gijsbert Mul, dienaar van het evangelie, herder en leraar bij de gratie Gods, onderherder onder de Goede Herder Jezus Christus.

Ds Mul was geen man van opsmuk en theater, van kouwe drukte en kapsones. Hij was integendeel een eenvoudig mens, die klein dacht van zichzelf en groot van zijn Heiland. Hij was sterker in de verdediging dan in de aanval, maar als verdediger sterker dan menig aanvaller. Hij was geen man die zich avontuurlijk ver vóór in het front waagde, maar wel iemand die ongelofelijk taai stand hield in een verantwoord gekozen positie. Je voelde dan de kracht van de Goede Herder zelf in deze dienaar van Hem.
Wij hebben de machtige woorden van Johannes 10 gelezen. Dit Schriftgedeelte heb ik gekozen als een hommage, een eerbewijs aan ds Mul. Hij verwees zo graag naar de Goede Herder, wilde eigenlijk niet anders dan dat. Hij wees als mens toch al gemakkelijk van zich af en helemaal als dat de Here Jezus ten goede kwam. En daarom hebben we nu van de Here Jezus gelezen als de Goede Herder. Om zo recht te doen aan wat ds Mul ten diepste verlangde, dat hij door zijn optreden, als dominee en als mens, de mensen bij Hem zou brengen.
Er staat in dat Schriftgedeelte een pijnlijk woord. Dat de herder een huurling kan zijn, die de schapen niet ter harte gaan. Helaas zijn vele herders huurlingen. Je hoort alleen al aan hun praat, waardoor zij zonder dat zij er erg in hebben zichzelf in de kaart laten kijken. "Dáár ben ik niet voor ingehuurd", zeggen ze dan.
Als ze de Bijbel nog zouden kennen, zouden ze op z'n minst andere woorden kiezen. Woorden die hen minder gemakkelijk als de huurling zouden ontmaskeren.
Ds Mul was geen huurling. Zonder werkboekje was hij dag en nacht beschikbaar voor de gemeente. De schapen gingen hem ter harte.
Maar nu heeft ook dat iets pijnlijks. Als herder huurling zijn is pijnlijk, zei ik. Maar als herder geen huurling zijn, dat heeft ook zijn schaduwkanten. Hier denk ik natuurlijk aan de gezinsleden van de dominee. Zijn vrouw, maar zijn kinderen in 't bijzonder.
Die hebben hun vader af moeten staan, altijd maar weer af moeten staan. En als vader vrij was, dan viel dat op tijdstippen waarop iedereen werkte of naar school toe moest. Daar zullen ook de kinderen van ds Mul het wel eens moeilijk mee gehad hebben.
Dat altijd beschikbaar zijn dat moest mede door hen betaald worden. Voor een kind is dat moeilijk te vatten.
En nu is vader definitief weg, juist nu je de kinderleeftijd ontgroeid bent en je voor dat alles een beetje meer begrip hebt gekregen.
Dat is opnieuw moeilijk om te verwerken.
Hoe zal ik hierin troosten? Laat ik dit zeggen. Domineesgezinnen zijn in het algemeen een soort van sociale haarden in de samenleving.
Kinderen nemen daaruit vandaan heel wat uitstraling mee. Het is dus eigenlijk zo dat juist datgene waar je als kind altijd zo tegenaan gebotst bent, tegelijk (misschien zelfs jouws ondanks) je eigen talent geworden is, je eigen werkmateriaal in de maatschappij. Maar liever zeg ik toch nog iets anders. Dat je namelijk deze schaduwzijde van je jeugd het best zult verwerken, als je je ouders volgt in hun brandende liefde voor de Here Jezus. Dan zul je het graag voor je Heiland over hebben datje als kind misschien wel eens wat te kort gekomen bent. Het was toch ook geen egoïsme van vader dat hij zo weinig beschikbaar was. Maar inderdaad, nu is ds Mul uit ons midden weg.

Ds Mul is zieker gebleken dan wij allemaal dachten. Zijn sterven heeft ons werkelijk overrompeld. Wij wisten dat hij het moeilijk had, maar wij verstonden niet dat hij zover in de gevaren-zone verkeerde. Wij waren meer bezorgd om zijn levensgeluk dan om .zijn leven zelf. Zo stierf hij vrij onverwachts.
Ik ben geneigd om ook dit kenmerkend voor hem te vinden. Het lag niet in zijn aard om veel aandacht voor zichzelf te vragen. Hij slaagde er altijd weer in de blikken van de mensen van zichzelf afgewend te krijgen. Hij stelde je trouwens ook door zijn eenvoudige opgewektheid gerust. ,,O, Gijsbert redt 't wel", dacht je dan.
Zo kon je je gemakkelijk in hem vergissen en we hebben ons dan ook in hem vergist.
Maar op een belangrijker niveau hebben we ons in hem niet vergist.
Mocht hij zich dan wat zijn gezondheid betreft beter voordoen dan hij was, in zijn eenvoudige geloofsblijheid was hij doorschijnend.
Dat kijken zonder bijbedoelingen van hem! "Indien dan uw oog zuiver is", zegt Jezus, "zal geheel uw lichaam verlicht zijn" (Matth. 6:22). De waarheid van dat woord merkte je aan hem.

Ds Mul is nu naar Huis. Hij heeft daar altijd van gesproken. Van het Vaderhuis hierboven waarheen wij op weg zijn en waar de Here Jezus ons een plaats bereidt. Zo bezien ligt zijn heengaan in het verlengde van zijn boodschap en hoeft zijn sterven niemand die gelooft te verwarren.
Maar wij allen kennen de kracht van de aardse banden. En hoe nader wij hem staan, des te sterker doen die zich gevoelen. Zijn vrouw, zijn kinderen, zijn familie, zijn vrienden, zijn gemeente, zijn kerkeraad, zijn kollega's, zijn vele kontakten in de kerken die allen zullen hem zeer missen en het betreuren dat 't zo vroeg al afgelopen is. We hadden van zijn nuchtere wijsheid en van zijn pastorale inzet graag nog lang willen genieten. Ook van zijn warme katechese - als ik me even de tolk van de jeugd mag maken.

De apostel zegt: "Houdt uw voorgangers in gedachtenis die het Woord Gods tot u gesproken hebben. Let op het einde van hun wandel en volgt hun geloof na". Dat in gedachtenis houden, daaronder hoort ook wat wij hier doen. Wij leveren daar vandaag een kleine bijdrage aan.
Maar nadat de apostel dan aansporing tot gedenken gedaan heeft, zegt hij vervolgens: "Jezus Christus is gisteren en heden dezelfde en tot in eeuwigheid" (Hebr. 13:7,8). Met dit woord haalt hij ons dan weer bij de voorgangers weg. Wij moeten niet te lang bij hem stil staan. Herders immers zijn in vergelijking met de Goede Herder slechts onderherders.
Al het fijne dat ze hebben, ook wat ds Mul had, het is uit Hem.
En daarom gaat de apostel met dit woord over de Jezus Christus die dezelfde blijft, terug van de rank naar de wijnstok, van de gave naar de Gever.
En nog eens, zo is eigenlijk die Schriftlezing uit Johannes 10 ook bedoeld, als een teruggaan van de rank naar de wijnstok, van de onderherder naar de Goede Herder. Uit Hem was en is alles.

Ds Mul is niet meer onder ons. Maar de Here Jezus Christus blijft en gaat verder. Met het gezin van onze kollega, met de gemeente van Amsterdam- Tuinsteden-Zuid- West, met onze kerken.
Laten we ons dan ook aan Hem toevertrouwen. Dan zullen wij het geloof van ds Mul navolgen, zoals de apostel ook aanspoort.
Want het is vooral met zijn diepe geloof dat hij onder ons gestraald heeft. Zijn diepe geloof, ook toen het in de laatste jaren voor hem erg moeilijk werd.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief