Evenwichtig evangelisatiewerk

1987-11-13
  • Jaargang 31
  • nummer 43
De vorige week zagen we. dat de Schrift het gemeente-zijn en de wekelijkse eredienst aanreikt als de twee eerste vormen van evangelisatiewerk. Vermoedelijk zullen deze twee vormen niet al te dikwijls in gedachten komen bij een bezinning op evangelisatiewerk. Heel anders ligt dat bij de vormen. die in dit artikel ter sprake zullen komen: het persoonlijke en het gemeentelijke evangelisatiewerk.

Persoonlijk evangelisatiewerk
Over de wijze waarop een ieder van ons in zijn dagelijkse leven het evangelie kan doorgeven aan de niet-gelovige naaste is in het verleden meer dan eens nagedacht binnen onze kerken. Het is heel interessant om te zien hoc daarover werd nagedacht. Het mag typerend genoemd worden. dat het persoonlijke evangelisatiewerk in. het verleden "meer dan eens onopzettelijk evangelisatiewerk " werd genoemd.
Daarachter zit de gedachte dat de Schrift ons voorhoudt dat we op persoonlijk vlak ongezocht en onopzettelijk het evangelie hebben uit te dragen.
Het moet op een heel natuurlijke. ongeforceerde manier gebeuren. Tot een aktief verkondigen van het evangelie is een christen niet geroepen. Wél heeft zijn/haar leven van echt christelijk gehalte te zijn. Het gaat er om dat we in onze woon- leef- en werksituatie eenvoudig en oprecht als christen leven: trouw, vriendelijk, onbaatzuchtig, eerlijk enz. Het gesprek over het evangelie hoeft niet gezocht te worden. waar het om gaat is dat we altijd bereid moeten zijn tot verantwoording aan al wie ons rekenschap vraagt van de hoop die in ons is" (1 Petrus 3:15).
M.i. zitten er een aantal heel positieve momenten in deze visie. Inderdaad is een oprecht christelijke levensstijl een onmisbare basis voor een gesprek over het evangelie. Het belang van een christelijke levensstijl kan nauwelijks overschat worden! Vervolgens heeft een afwachtende. het van de HERE alleen verwachtende houding ook goede zin.
Het gaat niet aan om te pas en te onpas tot bekering te roepen.
Toch zou ik bovenstaande gedachtengang op een paar, punten aan willen scherpen.
Het eerste wat ik me afvraag is: Welke christelijke levensstijl is echt een goede basis voor het gesprek over het evangelie. Natuurlijk. Onkreukbaarheid, trouw, vriendelijkheid zijn heel kostbare momenten van het christelijke leven. Maar komt de persoonlijke betrokkenheid op de ander hierin voldoende tot uitdrukking. Om het wat prikkelend te zeggen: keurig christen-zijn kan heel risicoloos zijn. Je doet de ander geen kwaad. maar doe je de ander goed? Bestaat de christelijke levensstijl niet voor alles uit naaste-zijn? Een persoonlijke betrokkenheid op andermans verdriet; zorg, pijn, angst, wanhoop, lijden?
Is één van de essentiële momenten van het christen zijn niet: op zoek gaan naar de gekneusde, de gebroken mens, de mens ook achter het masker waarmee hij zich presenteert? Wanneer wij ons zó betrokken weten op de ons omringende medemens zullen we merken, dat de grens tussen christelijke levensstijl en missionair zijn vanzelf gaat vervagen.
Waar we als christen ingaan in de nood van de naaste komt het moment dat de enige troost aangereikt wordt als vanzelf nabij.
Het tweede waarover ik een opmerking zou willen maken is de sterk afwachtende houding, die als DE bijbelse houding naar voren wordt gebracht. M.i. brengt dit element te weinig situatiegevoeligheid bij. 1 Petr. 3: 15 wordt m.i. wel eens te eenzijdig naar voren gebracht.
Eerder al (1) wees ik er in "Opbouw" op, dat in onze bezinning op persoonlijk evangelisatiewerk ook woorden als Kol. 4:5, 6 moeten opgenomen worden: Gedraagt u als wijzen ten opzichte van hen die buiten staan, maakt u de gelegenheid ten nutte ... Waar we op moeten letten is het verschil in situatie tussen de verschillende brieven. In de 1e Petrus-brief leren we de christenen kennen als een min of meer verdrukte minderheid.
Zij hoeven niet tegen de klippen op te evangeliseren. Maar dát ze het evangelie uitgedragen hebben in hun gesprekken met buitenstaanders wordt wel verondersteld. Bijvoorbeeld in1 Petrus 3:1vv. "Evenzo gij, vrouwen, weest uw mannen onderdanig, opdat, ook indien sommigen aan het woord niet gehoorzaam zijn, zij door de wandel hunner vrouwen zonder woorden gewonnen worden ... "
De ons omringende ongelovigen in aanraking met het evangelie brengen is zo'n wezenlijke zaak! Uiteindelijk is het het Woord van God wat ons tot Christus brengt. Daarom is het wijs wanneer we onszelf aanleren flexibel te zijn. Ons niet op één grondhouding - bijvoorbeeld afwachtendheid - vast te pinnen.
Er zijn mensen, bij wie het onmogelijk is een gesprek over het evangelie te beginnen, omdat ze zich heel bewust en radikaal van de kerk afgekeerd hebben.
In zo'n situatie kunnen we alleen maar bidden en afwachten. Maar er zijn gelukkig nog een heleboel andere mensen, die veel opener en geïnteresseerder zijn!
Hoe attent zijn we hierop en hoe flexibel stellen we ons op'?
Deze vragen klemmen nog meer op grond van de enquête-resultaten. Een belangrijke meerderheid van de geënquêteerden - zo bleek - spreekt nooit over de essentie van het geloof, slechts een heel klein deel probeert bewust wel eens een ander tot inkeer, tot bekering te roepen. Wij Nederlands Gereformeerden lijken het moeilijk te vinden om in onze persoonlijke kontakten van de gekruisigde Christus te vertellen.

Gemeentelijk evangelisatiewerk
Ook over het gemeentelijk georganiseerde evangelisatiewerk is in het verleden meer dan eens nagedacht onder ons. Gerust opmerkelijk mag het genoemd worden, dat de uitkomst heel verschillend is. Enerzijds is betoogd, dat de Schrift de weg van het georganiseerde evangelisatiewerk niet wijst, en dat dit werk dan ook een vorm van ongeestelijk aktivisme is. Anderzijds beroepen ook degenen, die een warm voorstander zijn van georganiseerd evangelisatiewerk zich op de Schrift.
Wat hiervan te denken?
M.i. ligt in het werk van de oudtestamentische profeten een belangrijke aanwijzing voor onze omgang met georganiseerd evangelisatiewerk. Neem de, profeet Ezechiël. De wijze waarop zijn taak door de HERE omschreven wordt - Ez. 2, 3 en 33 lijkt me ook voor ons van belang. Op een aantal dingen valt te wijzen:
1. Op Ezechiël rust de verplichting Gods Woord te verkondigen. En de vrucht op Ezechiëls werk doet vrijwel niet ter zake, voor de uitoefening van zijn ambt tenminste. Immers: "En zij, of zij horen dan wel nalaten - want zij zijn een weerspannig geslacht - zullen weten dat er een profeet in hun midden geweest is" (2:5: 3: 11).
2. Zo zwaar is voor Ezechiël deze verplichting, dat ze voor hem persoonlijk levensvoorwaarde is! Hij is aangesteld tot wachter over het huis Israëls. Indien hij de goddeloze niet waarschuwt (ten einde hem in het leven te behouden), dan zal die goddeloze in zijn eigen ongerechtigheid sterven, maar van zijn bloed zal Ezechiël rekenschap moeten afleggen! (Ez. 3:16-21: 33:1-9).
3. De boodschap die Ezechiël heeft te verkondigen is scherp profetisch: aankondiging van Gods oordeel over alle goddeloosheid. Tegen de goddeloze heeft hij te zeggen: "Goddeloze, gij zult zeker sterven". Gods oordeel over de zondige mens staat centraal. Het doel echter is het behoud van de goddeloze.
Onvergelijkelijk verwoordt in Ez. 33:11...Ik heb geen behagen in de dood van de goddeloze. maar veeleer daarin.
dat de goddeloze zich bekeert van zijn weg en leeft. Bekeert u, bekeert u van uw boze wegen want waarom zoudt gij sterven huis Israëls? Profetisch-priesterlijk is Ezechiëls optreden. Heilige liefde: Brandende liefde.
4. Vervolgens zien we dan ook, dat Ezechiël op alle denkbare manieren moeite doet om het volk tot dit inzicht te brengen. Wie zijn profetieën doorleest komt tot de ontdekking, dat heel weinig middelen ongemoeid zijn gelaten om het afgedwaalde volk bij Gods Woord te bepalen. Proza én poëzie, toneel en mime, woord en beeld worden allen gebruikt.
Het taalgebruik is heel direkt en uiterst pakkend. De ene keer een breed uitgewerkte gelijkenis, de andere keer korte. afgebeten kreten die zeggen waarop het staat.
M.i. hoeft niet van iedere christen afzonderlijk een dergelijke ambtsvervulling verwacht te worden. Maar is het niet zo, dat het wachter-ambt van Ezechiël op de kerk in haar totaliteit, op de gemeente van Jezus Christus is overgegaan?
Men denke aan Op. 11:3: "En Ik zal mijn twee getuigen lastgeven, om met een zak bekleed, te profeteren, twaalfhonderdzestig dagen lang." M.a.w.: de kerk van Jezus Christus heeft op profetisch-priesterlijke wijze het evangelie van Jezus Christus uit te dragen - of men hoort, dan wel het nalaat - al was het alleen maar uit lijfsbehoud voor de kerk zelf. Daarbij gebruik makend van heel verschillende middelen. Men moet weten dat er een profeet in het midden van Nederland is geweest!
Gezien de beperkte ruimte moet ik het bij deze eerste aanwijzing laten. Hieruit valt mogelijk naar tweeërlei zijde wat te konkluderen. Allereerst denk ik dat het niet onverantwoord is het werk van Ezechiël "georganiseerd evangelisatiewerk" te noemen. Het weerspannige verbondsvolk wordt tot bekering geroepen buiten de bestaande kaders van eredienst etc. om. Gemeentelijk georganiseerd evangelisatiewerk is daarom een legitieme zaak. Ten tweede echter blijkt hieruit, dat evangelisatiewerk niets lievigs" heeft. Het is een hard werk, waarin profetisch-priesterlijk Gods Woord gestalte krijgt in een afvallige wereld.
Het lijkt hard nodig te zijn, dat we als Nederlands Gereformeerde Kerken en gemeenten onszelf de vraag stellen in hoeverre het wachter-ambt van Ezechiël door onze kerken in hun totaliteit vervuld wordt.

Tenslotte
Terugblikkende op het voorafgaande besef ik hoe beknopt één en ander geformuleerd is. Het gezegde behoeft wel nadere uitwerking. Ook is weinig aandacht besteed aan de samenhang tussen de verschillende door de Schrift aangereikte vormen van evangelisatiewerk.
Toch hoop ik, dat de bezinning op het evangeliserende bezig zijn van onze kerken met het bovenstaande gediend is.
Evangelisatiewerk is een totaalbegrip.
Omvat diverse aspekten, die diep in het gemeenteleven doordringen. Het gaat er om deze diverse aspekten met elkaar in evenwicht te brengen. Dat zal de nodige tijd vergen en per gemeente verschillend aangepakt moeten worden.
Mogen de bovenstaande opmerkingen daartoe een aanzet je zijn.


Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief