Persschouw
1987-11-27
"Een fluistering; Er is hoop"- Jaargang 31
- nummer 45
Onder deze titel schreef ds G. van den Brink uit Rotterdam-Overschie in “Koers" een uitvoerig en uitstekend artikel naar aanleiding van het feit, dat de Vrijgemaakt Gereformeerde synode besloten heeft. dat de kerken. die zij vertegenwoordigt( de) weer gaan praten met de Christelijke Gereformeerde kerken.
Dat kan van betekenis zijn voor de Nederlands Gereformeerde kerken.
Wie weet wat de Chr. Geref. broeders nog voor ons kunnen doen.
Kollega van den Brink besluit zijn impressies als volgt:
Samenspreking?
Tenslotte voer ik het pleit voor opening van besprekingen tussen de kerken. die voor 1968 één waren. Toen we in Rotterdam vroegen om samensprekingen met de Vrijgemaakte kerken kregen we een lijvig. maar duidelijk neen te horen: eerst bekeren dan spreken! Samenspreking "op geen enkele hoge heuvel en onder geen enkele groene boom".
Beseft men niet hoe grievend het is tot de Baäl en Astarte-dienaars te worden gerekend?
Misschien is de uitdrukking wat speels bedoeld. maar het “niet" en de angst voor besmetting zijn er niet minder duidelijk om: Ik ervoer het als buitengewoon kwetsend. dat de Vrijgemaakte synoden tot de Dopperkerken in Zuid-Afrika zeiden geen zusterkerkrelatie te kunnen aangaan “om des Heren wil".
Dit "om des Heren wil" dat enkele malen werd herhaald: gold dan het feit dat onze kerken door de Doppers reeds aanvaard waren als zusterkerk. Zijn wij dan de vlieg die de zalf van de apotheker stinkende maakt? En zo ja, wil men dan maar eens komen en met profetische kracht “het recht des Heren" aan ons bedienen in een christelijk gesprek.
Als ik de Vrijgemaakte synoden hoor spreken over onze kerken, ervaar ik buitenaardse vrieskou en duisternis: een kerk van de ene planeet spreekt over een kerk op de andere: men kent ons niet meer, laat staan dat er sprake zou zijn van liefde. De aangekondigde samensprekingen tussen de GKV en de CGK vonden een zeer hooggestemde motivering.
We lazen: "De Heilige Schrift dringt ons te staan naar kerkelijk samenleven met allen die met ons door één Geest, één Here aanbidden, en éénzelfde geloof belijden, opdat allen zich door de Here Jezus laten vergaderen in de eenheid van het ware geloof. Dat is schoon gesproken, maar horen onze kerken daar niet meer bij? Geldt “de hartelijke begeerte deze kerken krachtens de roeping van het evangelie nog te zoeken" ons niet meer? En “de Bijbelse roeping om bijeen te brengen wat bijeen hoort"? Tot nu toe hebben onze Landelijke Vergaderingen zich niet tot Vrijgemaakte synoden gewend met een verzoek om samenspreking uit motieven van wijsheid: in vrieskou bloeien zelfs geen viooltjes!
Maar als ik zie dat de Chr. Gereformeerde broeders eindelijk een positief antwoord gekregen hebben op hun vele malen herhaald verzoek, zou ik willen voorstellen, dat ook wij voor de deur van de Gereformeerde kerken Vrijgemaakt gaan liggen met een dergelijke vraag: “Bedien Gods recht maar aan ons. We zullen luisteren. Wij menen namens onze Here God ook u iets te zeggen te hebben".
Als de Christelijke Gereformeerde broeders ons daarbij zouden kunnen helpen....
Vandaar onze fluistering: er is hoop!"
Deze woorden zijn mij uit het hart gegrepen.
Ik ben er voorts van overtuigd door verschillende kontakten met Christelijke Gereformeerden, dat zij zeer zeker ons in het gesprek met de Vrijgemaakten niet zullen vergeten.
Het blijft voor hen evenals voor ons een kompleet raadsel hoe dit alles in de zestiger en zeventiger jaren heeft kunnen gebeuren. God geve in zijn goedheid en genade, dat er openingen komen. We moeten elkaar weer in de ogen kijken, met elkaar praten, elkaar zoeken in liefde tot de waarheid en tot de gerechtigheid.
Dat is immers de teneur van de christelijke liefde naar Paulus' woord aan de Korintiërs (1 Kor. 13). Laten niet in de laatste plaats onze jonge mensen van deze dingen kennis nemen! Er is vaak zoveel onkunde op dit gebied waardoor het kerkelijk besef taant terwijl het toch gaat om zaken. die direkt het Koninkrijk van God raken!
Als twee druppels water
Het is al weer enkele jaren geleden, dat ik op bezoek moest bij een echtpaar, dat overgekomen was van een andere plaats naar de gemeente waar ik toen predikant was.
Op het adres aangekomen, werd ik ontvangen door de vader van een van de echtgenoten. Hoewel het echtpaar niet thuis was, moest ik toch maar binnen komen want hij wilde wel eens weten wie de wijkpredikant van zijn kinderen was.
Binnen vijf minuten kwamen we aan de praat over het geloof. Deze oude vader bleek te horen bij een oud-gereformeerde gemeente.
Toen ik in de loop van het gesprek de Bijbel citeerde, keek hij mij een beetje meewarig aan en repliceerde: “Dominee, u moet door de tekst van de Bijbel heen kijken. U moet zien: wat er achter zit."
Aan deze ervaring moest ik denken, toen ik in het blad “Koers" las over dr C. P. van Andel die geïnterviewd is in Trouw door A. Schipper.
Dr van Andel zegt daar:
“Door het fundamentalisme zijn mensen niet in staat te lezen wat er eigenlijk staat in de Bijbel. B.v. in de Bijbel lijkt het alsof homosexueel gedrag verboden wordt, maar ik denk, dat homosexualiteit in de Bijbel in een heidens cultische context stond, los van het jahwisme. In een stad als Korinthe in de dagen van Paulus waren hoeren en homosexuelen in de tempel te vinden. Dáár werd het om veroordeeld. Niet vanuit een overweging van medemenselijkheid, maar vanwege het je prijs geven aan een religieuze context. Die kon je niet scheiden van de sociale vorm. Maar nu kan dat wel. Ik heb er geen moeite mee dat het in de Bijbel zo staat, maar je moet er wel doorheen prikken en weten waarom het er zo staat, wat erachter zit. Je moet onderkennen hoe dit door Paulus gebruikt was om de mensen van het heidendom af te halen."
Merkwaardig! Wat het lid van de oud-gereformeerde gemeente tegen mij zei lijkt als twee druppels water op wat de moderne Van Andel zegt!
Hoogst merkwaardig, dat een bejaard lid van een oud-gereformeerde gemeente en een modem theoloog vrijwel tot een zelfde uitspraak komen, wat de Bijbel betreft!
Hoewel... Merkwaardig?
Toch ook weer niet zo merkwaardig, als je bedenkt dat zoiets gebeurt als mensen, hoe vroom of deskundig ook, zich boven het gezaghebbende Woord van God stellen.
Tenslotte.
Mocht iemand denken, dat een uitspraak als van Van Andel over de Bijbel nieuw is, hij/zij beseffe dat het al lang vóór hem gezegd is, van uit een heel andere hoek. Zie boven.
En: bij een duik in de kerkgeschiedenis, is te ontdekken, dat dwalingen van vandaag ook al oud zijn.
Om niet te zeggen: oudbakken. Met hoeveel verve het ook wordt opgediend.
..Is er iets, waarvan men zegt: zie hier, dat is nieuw - het was er al in verre tijden die vóór ons waren" (Pred. 1: 10).
Bovenstaand artikel knipten we uit "Woord en Geest", het blad van de vereniging tot bevordering van het gereformeerd kerkelijk leven. De gereformeerde predikant, die dit artikel geschreven heeft, zegt daarin rake dingen.
Bij diskussies over verschillende onderwerpen in kerkelijke kringen vraagt men zich vaak af: Waarom gaat het eigenlijk?
Om een verschil in exegese van een Bijbeltekst of om een verschil in benadering van het Bijbelse getuigenis vanwege een tegengestelde taxatie van het Schriftgezag. Hier dient ieder permanent op zijn hoede te zijn. Want het gaat niet om een woord van mensen. maar om het Woord van God!