Dienende mannen en vrouwen

2011-04-15
  • Jaargang 55
  • nummer 8
Binnen de Gereformeerde Kerken Vrijgemaakt is op kerkelijk niveau een intensieve bezinning aan de gang over de plaats van de vrouw in de kerk. Aanleiding daarvoor is een breed levende verlegenheid over de uitleg van Bijbelse voorschriften over mannen en vrouwen.
Om op de vragen die daarmee samenhangen heldere antwoorden te geven, publiceerde ds. J.J. Schreuder (GKV Spakenburg) een handzaam boekje.

Argumentatielijnen
Driekwart van het boekje is gewijd aan een systematische bespreking van wat de Bijbel zegt over de man-vrouw verhouding in huwelijk en kerk. Kernvraag daarbij is of God bij de schepping aan de man een leidende functie heeft toebedeeld.
Schreuder laat zien dat bij de beantwoording van deze vraag bijbelgetrouwe christenen verschillend argumenteren.
Je ziet dat terug bij het bepalen van de betekenis van afzonderlijke teksten en van hun onderlinge samenhang.
Maar het speelt ook een grote rol bij het ‘vertalen’ van Bijbelse voorschriften naar toepassingen voor onze tijd. Zijn die concrete voorschriften niet vaak zo gestempeld door de culturele context van de bijbelschrijvers, dat rechtstreekse toepassing onmogelijk is geworden?

Uitleg en toepassing
Bij de uitleg en het met elkaar in verband brengen van Bijbelgedeelten sluit Schreuder zich aan bij de argumentatielijn van een blijvende scheppingsorde.
Volgens dit begrip impliceert de eerdere schepping van Adam (Genesis 2) dat God aan Adam prioriteit geeft boven de vrouw. Ook wanneer de door de zonde aangetaste relatie tussen mannen en vrouwen in Christus is geheiligd, vinden man en vrouw die scheppingsrelatie terug. De man is eerstverantwoordelijke, leidend, verzorgend en beschermend.
De vrouw als gelijkwaardige partner naast hem geplaatst is volgend en bijsturend. Door de hele Bijbel ziet men deze orde terugkeren.
Bij de toepassing van concrete nieuwtestamentisch voorschriften, zoals in 1 Korintiërs 11 en 14; Efeziërs 5 en 1 Timoteüs 2, vindt Schreuder dat we oog moeten hebben voor de verschillen in culturele situatie. Maar wat ons in de concrete teksten wordt voorgehouden moeten we met door de Geest gegeven fijngevoeligheid toepassen voor vandaag.
Voor de verhoudingen in hedendaagse christelijke huwelijken betekent die toepassing dat de vrouw haar man de plaats laat als teamleider en hem respecteert als degene die de eindverantwoordelijkheid draagt. De man zal deze gezagsrelatie invullen naar analogie van de gezagsrelatie tussen Christus en zijn kerk. Volgens Schreuder is die gezagsrelatie in het huwelijk een blijvende, onder meer omdat die verankerd is in de leer over God zelf (1 Korintiërs 11:3). Voor de verhoudingen in de kerk betekent die toepassing dat vrouwen uitgesloten blijven voor de taken van het geven van geloofsonderwijs en het geven van geestelijke leiding, beide voor zover dat de gemeente als geheel betreft.
Dat laat onverlet dat er in de kerk veel meer door vrouwen kan worden gedaan dan nu het geval is.

Helderheid
Het boekje van Schreuder is naar mijn mening helder en zorgvuldig geschreven.
Uiteraard worden vele knopen doorgehakt, zowel in wat wordt weggelaten als in de gepresenteerde uitleg en toepassingen. Verschaft het de gezaghebbende helderheid die Schreuder beoogt?
Daarover zullen de meningen uiteenlopen. Als lid van de LV-Commissie Vrouwelijke Ouderlingen en Predikanten heb ik van 1999-2003 meegewerkt aan de totstandkoming van drie rapporten. Daarin komen Bijbelgebruik, Bijbeluitleg en de toepasbaarheid van Bijbelse voorschriften over de man-vrouw verhouding uitgebreid aan de orde. Ook het open karakter van de Bijbel en de ruimte voor de eigen menselijke verantwoordelijkheid worden hierbij betrokken. In het derde VOP-rapport wordt uitvoerig ingegaan op ‘vrijgemaakte’ kritiek op het hoofdrapport.
Via www.ngk.nl/lv2004/ lv25.htm kan men deze rapporten nog steeds downloaden. Met die ‘leesbril’ op heb ik in het boekje van Schreuder geen nieuwe argumenten aangetroffen om de scheppingsvolgorde het gewicht toe te kennen dat hij verdedigt. Wat mij wel opvalt, is dat Schreuder zich niet sterk maakt voor het zichtbaar maken van de blijvende scheppingsorde bij het functioneren van vrouwen in de maatschappij.
Voor een omvangrijk deel van het dagelijkse leven lijkt het weerspiegelen van de heerlijkheid van de man door christenvrouwen (1 Korintiërs 11:7) niet bij de blijvende scheppingsorde te horen.

Dienen
Waar we elkaar vinden is in de slotnotie van het boekje. Door elkaar en anderen te dienen in de gezindheid die in Christus Jezus was, mogen we Gods liefde weerspiegelen. Wat mij betreft is dat zo in kerken met en zonder vrouwen in ‘het ambt’. En in huwelijken waarin de vrouw met alle overtuigingskracht en inzicht waarover ze beschikt, situaties kan uitonderhandelen in plaats van haar man in alles onderdanig te zijn.
Schreuder, J.J. (2010), Dienende mannen en vrouwen in het huwelijk en de kerk. Woord & Wereld. 82p. € 11,50.

Jan Verheij is natuurkundige en lid van de NGK Oegstgeest.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief