Huwelijk en liefde

1987-12-11
  • Jaargang 31
  • nummer 47
n.a. v. lngrid & Walter Trobisch,
“ Ik wilde dat ik kon vliegen ", Kok, Kampen, 1987

Het echtpaar Trobisch, eigenlijk als evangeliepredikers uitgezonden naar Cameroen (Centraal Afrika) bemerkte dat de meeste weerstand tegen het Evangelie afkomstig was van de familie- en huwelijksadat aldaar. Om die reden trachtten zij dat specifieke Afrikaanse leven te doorgronden en met het Evangelie te belichten.
Toen ontdekten zij iets bijzonders. Ze zagen dat juist het huwelijk een speciale "landingsplaats voor het Evangelie" kan zijn. Immers wanneer ingebroken kon worden in de huwelijksadat, lag de meest kwetsbare plek van de mens open voor de blijde boodschap. Het waren Afrikanen, die na afloop van een weekcongres herhaaldelijk uitspraken: "dat het christelijk geloof en de seksualiteit samenhoren; ja, dat het gebied van de seks eigenlijk alleen vanuit het geloof zinvol ontsloten en beheerst kan worden"
Ziedaar zegen op zendingswerk. Een zegen die op westerse hoofden terugkomt.
Want de problemen aldaar liggen min of meer parallel aan onze westerse verhoudingen. Waar ons christelijk denken al van de tweede eeuw af beheerst werd door de voorkeur van maagdelijkheid boven huwelijk - deels steunend op Paulus" uitspraken, deels' op eigenwillige vroomheid - heeft wellicht ook het christendom af te rekenen met misverstanden. Want hoewel in ons huwelijks formulier overtuigend wordt uitgesproken dat de huwelijke staat aan Gode behaagt - is het christelijk huwelijk vaak een bron geweest van spot, laster en taboes. Het is jammer dat onder ons niet voldoende weerstand was opgebouwd, toen de algemene ontaarding van het huwelijk inzette. We zouden daartegen beter bestand zijn geweest.

In Cameroen werd naar gewoonte een bruid gekocht tegen een koopsom, die verloren was wanneer een vrouw ooit werd verstoten; en wel tegen een bedrag, dat de bruidegom soms levenslang tot schuldenaar maakte. Op deze wijze werden man en vrouw wel innig samengevoegd - zonder dat vooralsnog of later van liefde sprake was - maar was devrouw verlaagd tot een handelsobject en werd de man financieel afhankelijk van de opbrengst van zijn huwbare dochters.
Het echtpaar Trobisch mocht dit eeuwenoude gebruik doorbreken. Het importeerde het begrip liefde, als onmisbare factor voor een gelukkig huwelijk.
Daarbij onderwees het de Schriftuurlijke naastenliefde als inzet tot de speciale huwelijksliefde. De vrouw is immers geen slavin; zelfs geen verbeterd soort huishoudster - maar een gelijkwaardig persoon als de man, evenzeer naar Gods beeld geschapen, zij het met andere talenten dan deze gesierd.
Stel u zulk een "huwelijks-seminar" voor. De familie Trobisch had 15 echtparen te gast, allen op de grond gezeten.
De mannen zeiden hun naam, beroep en het aantal jaren gehuwd-zijn. De vrouwen noemden haar leeftijd, familie en kinderen. Na deze voorstelling bracht men de paren dichter tot elkander.
Naast Bijbel-uitleg over het huwelijk, onderricht over samen-gaan op alle terreinen én het samen beoefenen van stille tijden, was het doel van deze leergang: een betere communicatie tussen man en vrouw te bewerken.
Op de eerste dag werd elke man ertoe gebracht, zijn vrouw een hand te geven.
Dat bleek voor velen een zware opgave. Op de tweede dag werd geoefend dat echtgenoten elkaar zouden aanzien; eerst de mannen onder elkaar, ook de vrouwen, dan elk echtpaar. De derde dag trachtten zij elk echtpaar tot een gesprek te bewegen: ieder kreeg drie dingen te bedenken, welke in de partner bijzonder werden gewaardeerd.
Buiten gehoorsafstand in de schaduw zittend, moesten echtelieden vervolgens elkander die drie dingen opbiechten.
Voor diverse echtparen was dit een urenlange opgave. De vierde dag kregen de paren gelegenheid, binnen de kring vrijwillig uit te wisselen, wat ze bedacht en gezegd hadden. En wat denkt u dat het vaakst naar voren kwam? Dat men in de partner de betrouwbaarheid waardeert. In deze tijd van crises van alle zekerheden schijnt het een eerste behoefte te zijn iemand te hebben; op wie men aankan".

Het westen, zegt Trobisch, heeft de wil om te leven verloren. Het ligt in de greep van de dood. We kennen de verschijnselen als de anti-leven-pil, euthanasie, abortus, sterilisatie, hulp bij zelf doding, proefhuwelijk, vrije samenleving, driehoeksverhouding, partnerruil, polygamie en lesbische- of homostellen.
Hoewel theologen, artsen, opvoeders en juristen elk hun analyse van het kwaad gaven, boden zij geen oplossing, laat staan preventie. Maar alleen het Evangelie biedt de bevrijdende oplossing, brengt leven in een stervende maatschappij. Het wijst de weg naar hèt leven, dat hier op aarde en in ons eigen huwelijk kan beginnen. In de dood van deze wereld brengen wij het leven van de nabije God, die Leven is en leven doet. Het christelijk gezin mag de wereld een voorbeeld geven en zo een zegen verstrekken.
En er wordt geluisterd! In de VS kreeg ds Trobisch een uitnodiging om voor een congres van 14.000 jongeren te spreken. Jazz, musical, slagwerk, schijnwerpers, sprekers met films en geluidsbanden vulden het program. Naast al deze show voelde Trobisch zich arm en waardeloos.
Toen de lichten uitgingen en hij door de schijnwerpers werd verblind, miste hij elk contact met zijn hoorders. Hij had het "gevoel alsof hij onder water zwom". Daar en toen hield hij zijn speechje, juist door zijn vrouw gecorrigeerd, over de tekst in Genesis 2:24, belicht vanuit vs 25. Dat de mens zijn vader en moeder zal verlaten (een openbaar huwelijk aangaan), zijn vrouw aanhangen (exclusieve trouw betonen in voor- en tegenspoed) en één vlees met haar worden (een nieuw wezen, een twee-eenheid vormen.) Alleen op deze wijze kunnen twee mensen naakt en zonder schaamte tegenover elkaar staan.
Welnu, toen de lichten aangingen bracht de zaal een minutenlange staande ovatie aan de spreker: het eenvoudige Bijbelwoord had gewerkt, de Geest was sterker dan alle reclame-effecten.
Soortgelijke ervaringen had dit samenwerkende echtpaar in vijf werelddelen.
Amerikaanse echtparen begonnen een organisatie om andere paren te helpen.
Jonge mensen, overal ter wereld, besloten tot kuisheid, zo voor als in het huwelijk.
"Studenten die tot het christendom overgaan veranderen ook. hun sexuele leven".

Tenslotte nog iets over de liefde.
Trobisch begint met de naastenliefde.
Wanneer wij, naar de Schrift zegt, de naaste zullen liefhebben als onszelf, betekent dit dat we onszelf niet moeten haten of verafschuwen, maar liefhebben als de naaste. Hij zegt: die naastenliefde wordt niet verheven boven gezonde eigenliefde, maar daaraan in een dubbelgebod gelijkgesteld. Mensen die zichzelf haten kunnen niet liefhebben. Dit is ook de vaste grondslag voor de echtelijke liefde. Wanneer daar na biddend overleg en verstandige informatie aan een jonge vurige liefde wordt toegegeven, weten beiden dat nu de trouw, de absolute verlorenheid in elkaar, en de opbouw van een nieuw wezen in werking komen. "Slechts jij en ik samen is een volledig mens", wordt dan de leus.
In voor- en tegenspoed, for worse and better. Want in elk huwelijk komen moeilijke tijden: ziekte, zorg, rouw, teleurstelling, afkoeling. Wie het huwelijk aangaat onder de permanente conditie van niet-tegen-vallen, heeft zich nog niet in de ander verloren. Een proefhuwelijk gaat uit van kwade trouw en kan slechts op goede trouw hopen. Wanneer die bewuste, gedurfde en gewenste liefde niet standhoudt, blijft het huwelijk leeg. Wanneer de lichamelijke dimensie wordt verwaarloosd of opgezegd, wankelt de rechtsbasis en wordt de trouw overmatig in verzoeking gebracht. Maar onthouding van echtelijk verkeer - mits in gezamenlijk overleg en met een duidelijk doel voor ogen *) kan slechts sanerend werken.
Dit alles is niet nieuws voor ons? Daar hebben we geen zendelingen voor nodig? Goed. Zegt u, waarde broeder, dan vandaag eens drie dingen, waarom u nog vele jaren met uw vrouw zou willen leven. En biecht u, lieve zuster, vandaag nog eens drie dingen op, welke u in uw echtgenoot bijzonder respecteert.
Doen?

*) 1 Cor. 7:5

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief