De Doleantie een mislukking?
1986-02-21
Het is dit jaar een eeuw geleden dat zich in ons land de Doleantie voltrok. In het kader van de herdenking werd in Amsterdam een symposion gehouden, waarin sprekers van gereformeerde en hervormde huize; maar ook "buitenstaanders", inleidingen hielden over diverse aspecten van dit gebeuren.- Jaargang 30
- nummer 8
Een levende discussie toonde aan dat bij de ruim honderd aanwezigen een warme belangstelling besbond voor dit zo ingrijpend gebeuren voor het kerkelijk en christelijk leven in ons land.
Steeds weer 'kwam de figuur van Abraham Kuyper, de geweldige, in het centrum van de aandacht.
In mijn jeugd heb ik in de Keizersgrachtkerk in Amsterdam de herdenking van vijftig jaar Doleantie meegemaakt.
Op de catechisatie wekte wijlen ds D. Sikkel ons op om te gaan luisteren naar ds K. Fernhout, die de Doleantie zelf had meegemaakt.
Er was veel belangstelling onder het gereformeerde volk in die dagen; een dankbaar nageslacht kwam bijeen en zong uit volle borst:
God heeft bij ons wat groots verricht
Hij Zelf heeft onze druk verlicht
en als we toekwamen aan de woorden:
Breng Heer al uw gevang'nen weder,
dachten we aan onze Hervormde broeders en zusters die nog onder het juk waren.
Men noemde de Doleantie vrijmoedig Reformatie.
De Hervormden namen ons die herdenkingen niet in dank af, zoals duidelijk werd in sommige stekelige artikelen van hun kant.
Nu we weer vijftig jaar verder zijn horen we in de kringen van de Geref. Kerken (syn.) de psalmen van lof en dank niet, als bij de herdenking in de dertiger jaren.
Zoals ik schreef waren op het symposion veel belangstellenden uit Hervormde kring.
Het viel mij op dat de broeders en zusters in de Hervormde Kerk, van gereformeerde bond tot vrijzinnig, één zijn in hun kritiek op en afwijzing van de Doleantie in het algemeen en het optreden van Abraham Kuyper in het bijzonder. Gaarne vestigt men er de aandacht op dat de Doleantie mislukt is.
Bij de aanwezigen uit de Geref. Kerken (syn.) kruipt het bloed waar het niet gaan kan en werd bv. toen Kuyper een streven naar macht werd verweten gewezen op de macht van de synoden in die dagen, maar zij geven over het algemeen toe dat de Doleantie een mislukking is geworden.
Wat is namelijk het geval.
Er was aanvankelijk een duidelijk onderscheid tussen de Afscheidingen de Doleantie.
In 1934 hebben De Cock c.s. zich afgescheiden van de valse kerk, dat was de Ned. Herv. Kerk die al de kenmerken van de valse kerk droeg, zo lees ik bij Helenius de Cock.
Bij de Doleantie wilde men geen breuk met de kerk, maar met de organisatie van de kerk, om zo te komen tot een waarachtig herstel van de levende kerk.
De bekende Mr dr Willem van den Bergh van Voorthuizen verweet de Afgescheidenen dat zij zich onttrokken hadden aan de solidariteit met de gehele kerk.
Hij schreef: "Daarenboven moet het onzerzijds een geestelijke worsteling blijven tot bevrijding van de kerken. Het "totdat" der Afscheiding worde door ons in "opdat" veranderd."
Een reformatie appelleert op heel het volk van God en niet op een deel daarvan.
Het is te verstaan dat van afgescheiden kant bij alle verwantschap en medeleven, argwaan rees over de vraag of de dolerenden nu wel of niet met de Hervormde Kerk gebroken hadden.
De vereniging in 1892 kwam eerst tot stand toen daarover uitsluitsel gegeven was.
Nu heeft de Doleantie wel ver om zich heen gegrepen, maar het is niet zo ver gekomen dat het kerkelijk juk algemeen werd afgeworpen en zo werd de Doleantie een tweede afscheiding.
Wil dit nu zeggen dat de Doleantie is mislukt, zoals velen ons willen doen geloven?
Deze "mislukking" is niet het enige dat de aarzelingen in Geref. kringen bij de herdenking veroorzaakt.
In de dagen van de Doleantie is teruggegrepen op de kerkorde van de Synode van Dordt 1618/ 1619.
Tegenover de hiërarchische machten in de kerk werd de zelfstandigheid van de plaatselijke kerk centraal gesteld.
Het kerkverband, en nu volgt een term die velen onder ons nog kennen, behoort niet tot het wezen maar tot het welwezen van de kerk.
De ouderlingen en diakenen hebben van Christuswege gezag over de gemeente en meerdere vergaderingen zoals synoden hebben afgeleid gezag.
Een synode is geen opperbestuur van de kerken.
Dr F. L. Rutgers, die wel het denkend hoofd van de Doleantie werd genoemd, heeft in een verhandeling over: Het Kerkverband van de Nederl. Geref. Kerken die zelfstandigheid van de plaatselijke kerk tegenover handelingen van synoden nader toegelicht. Zoals ik al schreef: in de vrijmaking is naar dit erfgoed van de Doleantie verwezen.
Kuypers en Rutgers c.s. handelden naar het beginsel van de zelfstandigheid van de plaatselijke kerk.
In de jaren voorafgaande aan de strijd in de Geref. Kerken die tot de Vrijmaking leidde is dit kerkrecht losgelaten en met een beroep op Voetius werd de overgang gemaakt en kregen de meerdere vergaderingen als classis en synode een eigen, door Christus verleend gezag.
In de vrijmaking hebben we de gevolgen en de verwarring, die hiervan het gevolg waren, gezien.
Met dit nieuwe kerkrecht wordt een herdenking van de Doleantie als een Reformatie van de kerk wel moeilijk.
Zou dr G. Oorthuys die in een brochure de Doleantie scherp veroordeelde als een zondige daad dan toch gelijk hebben.
Merkwaardig die weg van de vrijheid naar het juk.
Men heeft daar in de Geref. Kerken (syn.) zo'n vijftig jaar over gedaan.
In de vrijgemaakte kerken deed zich een herhaling voor.
In de jaren 1944/45 stond de zelfstandigheid van de plaatselijke kerk hoog in het vaandel en besluiten van een synode kregen pas gelding wanneer de kerken ze geratificeerd hadden.
Wat een vrijheid na de afwerping van het synodale juk.
In de ontwikkeling van het kerkelijk leven bleef weinig van de vrijheid over en in navolging van de Synode (nu weer met een hoofdletter) werden wettige afgevaardigden uit vergaderingen weggestuurd.
"Van de vrijheid naar het juk is maar één schrede" heb ik eens bij H. Berkhof gelezen.
Het wordt tijd om terug te komen op de vraag of de Doleantie is mislukt. Men kan moeilijk de dolerenden ervan beschuldigen dat de kerkelijke besturen zich handhaafden als een opperbestuur.
Kwalijker is de omzwaai in de gereformeerde kerken, waar de synoden over het hoofd van gemeenteleden en kerkeraden uitspraken doen die maar door een klein deel van de kerken worden gedragen.
En die synoden gaan door… Dat is verdrietig.
Overigens vind ik die vraag of die al dan niet gelukt is weinig geestelijk. Dezelfde vraag kan Rome stellen over de Reformatie in de 17e eeuw.
De kerk is geen organisatie van deze wereld.
De vraag is of er zegen heeft gerust op het werk van de broeders en zusters die met Kuyper en de zijnen gestreden hebben voor het Koningschap van Jezus Christus over zijn kerk en de “terreinen" van heel het menselijk leven.
Er is alle reden tot dank voor de beweging die toen op gang is gekomen die zoveel vruchten heeft afgeworpen en ik zou er graag nog veel over verteld hebben als de ruimte niet op was.
Nog altijd ben ik dankbaar voor wat ons in de Doleantie en in mannen als Kuyper, Rutgers, Van den Berg, Sikkel e.a. gegeven is.
Merkwaardig is dat A. Kuyper bij niet geestverwanten als Jan Romein een betere pers heeft dan bij velen die bij alle verschil van inzicht éénzelfde Koning wilden dienen.