Waarom speelt het orgel voor de dienst?

1985-07-26
  • Jaargang 29
  • nummer 29
Wanneer voor de kerkdienst "het orgel speelt"; zal men zich misschien wel eens afvragen: waartoe dient nu die muziek? Want inderdaad, veren van ons hebben die tijd echt nodig om links en rechts te groeten, iemand even op te zoeken, een afspraakje in herinnering te brengen, na te vragen of het huis wel afgesloten is, een opmerking over een nieuw hoedje, manteltje of gezichtje te, slaken ,- en voor je het weet zwijgt het orgel en gaat ieder (als bij de stoelendans) haastig rechtzitten. Bij al dit beweeg en gepraat werkt het orgel als een roes.
Moet dat nu?

Nee, dat moet niet. Uw organist bedoelt dit ook stellig niet. Hij speelt een stuk orgelmuziek om u in te leiden tot de ontmoeting met de Heer der kerk. Niet minder dan dat. En het lis een blijvend verdriet, niet alleen 'voor ' hem, wanneer met gepraat en gestommel deze muziek als een soort ongewenste radioactiviteit beluistert, die niet aan- of afgezet kan worden. Het orgel speelt en dat is knap lastig.

Wanneer we ons de psalmen herinneren, merken we bij de broeders van vroeger heel iets anders op. "Ik verheug mij", zei David eens, "als men mij' zegt: we gaan naar het huis Gods". "Men ziet de feeststoet" , zei hij een andere maal, "de feeststoet naar mijn God in het heiligdom", "In koren prijzen zij God, 'de Heere, de springader van Israël". "Wanneer mag ik (weer) voor Gods aangezicht verschijnen?" ,zong een bedroefde dichter in ballingschap. "Ik zal de Heere mijn geloften betalen, omdat Hij mij van de dood gered heeft", zong weer een ander - "en wel in de voorhoven van het huis des Heeren, in uw midden o, Jeruzalem". En, in ballingschap treurde een dichter: "Als ik u zou vergeten, Jeruzalem..als ik u niet hoger achtte dan, mijn hoogste, vreugde!"

Kijk, dat alles heeft uw organist in hoofd en hart, wanneer hij een prelude gaat spelen. Ter wille van hef huis des, Heeren zoekt hij het goede voor u. Hij ziet althans in het geloof, nog niet in aanschouwen - de broeders en zusters aankomen: wondere figuren, die op Zondag niet uitslapen, maar met hele families naar de kerk gaan. Hij weetwant dat zegt hem de Schrift dat ze verlangen naar de voorhoven des Heeren, dat ze met blijdschap uitzien naar de woordverkondiging en het lofoffer. Hij weet ook - want dat zegt hem zijn ervaring - dat ze op allerlei wijze door 'de zorgvuldigheden des levens worden afgetrokken: dat de Duivel present is waar zich het vrome volk vergadert. De tegenwoordige wereld wordt hun als zeer loffelijk voor geschilderd en velen vallen in de verzoekingen. Daarom speelt uw organist een stuk kerkmuziek waarbij meestal een kerklied maar altijd de lof Gods centraal staat: Dat is het goede voor Jeruzalem.

Dat orgelspel voor de dienst stoelt ook al op zeer oude bodem. Constantijn Huygens sprak er schande van, dat voor en na de kerkdiensten de orgels werden gebruikt: hetzij om mensen in de kerk te trekken, hetzij om hen te vermaken, met marsen, dansen en platvloerse liederen! Ja, die noemt hij met afschuw, Hij pleitte niet voor een prelude, een voorspel voor de samenkomst, maar de invoering van het orgel in de kerk heeft dat wel meegebracht. Het slechte gebruik werd door een goed gebruik vervangen.Dat is een stukje reformatie, zouden we willen zeggen.

Maar dat stukje reformatie staat knap op de tocht, wanneer de gemeente zich niet beheerst, De ouderen onder ons herinneren zich de tijd, waarin kerkgangers direct na hun binnenkomen in stil gebed verzonken- om zich los te maken van de onrust van het dagelijkse leven; om hun' "ziel stil te zetten zoals de psalmist zegt, en om een zegen over deze kerkgang te vragen. Historici zeggen dat dit stille gebed vooral betekenis had in de dagen, waarin een afgescheiden samenkomst kon worden verstoord; dus dat het vandaag geen betekenis meer heeft. Anderen schreven dat men dat stille gebed beter thuis kon doen en dusdoende geen taxatie geven van de lengte van een gebed, noch van de diepgang van ’s mans geestelijk leven.

In elk geval is het stille gebed in feite een uitgestorven zaak. U kunt dat betreuren. U kunt ook naar het orgel luisteren en zich dusdoende door niemand laten aanspreken. Want we kunnen wel lacherig doen over Oosterse meditatie en retraite - maar beter konden we er misschien iets van gebruiken. "Als de ziele luistert", zong Guido Gezelle, "spreekt het al een taal, dat leeft". Immers de hele schepping spreekt, vertelt over de Schepper: "De dag vertelt aan de volgende dag, de nacht spreekt tot de nieuwe nacht: de eer van onze God", zei David.

Maar om die stemmen te horen moet onze ziel luisteren. Niet babbelen, maar stil zijn. Wachten op de Heere. Zich met blijdschap bezighouden met Gods, geboden. Zich openstellen voor zijn boodschap. Zich gereed houden voor. het. wekelijks lofoffer , waarvan de Heere graag gediend wordt.

Kijk, dat alles bedoelt uw organist. Er is natuurlijk enig geruis, van kleren, van verschoven stoelen, van, gefluisterde groeten en zo voort. En dat levendig geruis wordt vriendelijk overspoeld door vriendelijke orgelklanken. Dat alles kan en moet kunnen.
Maar het huis Gods zei de Heiland) zou een huis des gebeds zijn en geen beurskroeg.


Hier in dit goede land (och, sta me toe nog even een vergelijking te maken) bestaat nog dat ouderwetse gebruik van een gebed voor de dienst. We lopen hier dan ook. vijftig jaren +1 uur achter. Sommige mensen bidden wel vijf of tien minuten achtereen.
Iemand 'zei me eens: maar dat is dan ook voorde hele week tegelijk! Misschien wel - misschien niet. Maar ze doen er geen kwaad mee. En een organist zet zijn prelude dan ook maar voorzichtig en met zachte stemmen in, voor hij durft uit te zingen in een blijde hymne.

Nog even iets over de vorm van dat spel voor de dienst. Er zijn organisten, die zondag aan zondag een voorspel improviseren. De hoed af voor hen, die werkelijk iedere week een compleet stuk orgelmuziek-- met kop en staart, met slot en val - kunnen improviseren, zonder in vaste tirades te vervallen.

Een bescheiden organist, doet wellicht goed met een passend prelude te kiezen en in te studeren. Passend wil zeggen: een voorbereiding vormend tot de komende liturgie. De organist moet dus die liturgie tevoren met de predikant besproken hebben, althans eens zijn. Een psalmbriefje bij aanvang van de dienst is een verouderd en waardeloos vodje papier.

Er is een massa goede kerkmuziek verkrijgbaar, vandaag de dag. Daar heeft ook onze G.O.V. toe bijgedragen. Daarbij staat het kerklied centraal. Hetzij in de vorm van een thema met variaties, hetzij in een der vele vormen die J. S. Bach met zijn grote Choralvorspiele nagelaten heeft, hetzij in een fris prelude met nog frisser fuga, hetzij in een of andere fraaie canon - het kan op talloze manieren. Wanneer het maar een verantwoord stuk muziek is, zult u er met genoegen naar luisteren. Zo niet luisterend als naar een concertnummer - dan toch luisterend naar de liederen van Gods huis. En die meezingend in uw hart.

Wanneer uw kerk haar organist geen compleet orgel kan bieden, blijven er talloze mogelijkheden over. Eigenlijk is een pijporgel met twee klavieren en vrij pedaal wel een minimum, zelfs voor kleine kerken. Maar goed - soms moet uw organist het met minder doen. Met een positief bij voorbeeld.. Nu, er is een schat aan kerkmuziek voor orgel zonder pedaal. Of met een kistorgel, dat kleine verplaatsbare geval; in Nijmegen en Haarlem hoorde ik herhaaldelijk prachtig spelen op zulk een betaalbaar kleinood. Of met een piano misschien - laat het u niet 'kleineren. Dr Anthon van der Horst speelde briljant op een kerkelijke piano. Het geluid geeft zelfs een ongedachte stimulans aan de' samenzang en staat dichter bij de psalmen dan het orgel; psalm betekent in het Hebreeuws immers harpzang? Dan weet u dat snarenspel op een piano, maar niet op een: orgel, mogelijk is.

En misschien speelt uw organist wel op een harmonium, dat ontijdig geboren bastaardje aller instrumenten. Het is wel het minste wat u hem mag aandoen. Maar soms kruipt het bloed als het niet vrij gaan kan, zegt het spreekwoord. Ook bij een harmonium kan een organist zich ontplooien. De grote koraalvoorspelen van Bach als "Wachet auf", Schmücke dich" en "Wir glauben all'" laten zich aannemelijk maken op een harmonium, mits de bas met een 16 stem of een baskoppeling wordt onderlijnd en de andere stemmen speelbaar gemaakt worden voor maximaal tien vingers. Op deze wijze kunnen zelfs diverse grote preludes van Bach op waardige wijze worden gearrangeerd. En wat heeft Bach niet ,al gearrangeerd!

Tenslotte nog iets over het einde van het voorspel. Dat moet niet, als bij de stoelendans, plotseling worden gevonden. Dan zou: alle inspanning als een zeepbel uiteenspatten. Een goed organist heeft de speelduur van zijn prelude vooraf gemeten en is op tijd klaar; ook als hij improviseert houdt hij zijn horloge voor ogen. Zo kan hij waardig en rustig afsluiten.
En 15 seconden speling kan men elkaar toch gunnen? In 32 Veluwse jaren kreeg ik nimmer een seintje, boodschap of belletje. Men wist dat een organist zijn horloge vooraf met de telefoon gelijkgezet heeft en de maat' kent. De kerkenraad kwam binnen wanneer het orgel zweeg, En het gevolg was, dat geen enkele kerkganger ooit te laat kwam.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief