Het nieuwe leven

2011-05-27
  • Jaargang 55
  • nummer 11
Dat het Koninkrijk van God langs een heel persoonlijk weg nabij komt, merk je al lezend in Marcus 1. Jezus zoekt het directe contact met potentiële medewerkers en geneest onderweg iemand die door ziekte helemaal buiten de samenleving was komen te staan. Een hoofdstuk verder, zie je hoe Jezus’ initiatieven weer nieuwe initiatieven oproepen.

Opnieuw krijg je te maken met een outcast. Nu niet een zieke, die buiten de poort werd gehouden, maar iemand in de kracht van zijn leven met een huis dat er wezen mocht.
Een man die ging voor het grote geld en was gaan werken voor de belastingdienst van de Romeinse bezetter. Waarschijnlijk een bewuste keus, dus dat hij met de nek werd aangekeken was zijn verdiende loon.
Maar wat steeds weer opvalt is, dat het Jezus niet zoveel lijkt uit te maken waar een mens zit of waar hij vandaan moet komen, als het gaat om een herstart. Zo ook hier.

Onverwacht
Ik probeer het me voor te stellen, hoe Levi zich gevoeld zal hebben, op het moment dat Jezus op hem toe stapte. Perplex waarschijnlijk, vanwege die onverwachte persoonlijke aandacht voor hem, ook nog eens warm en sympathiek uitnodigend.
Met de vreemde vraag om het leven van Jezus te gaan delen. Wat doe je dan – volg je de Heer, of niet? ‘Ja’ of ‘nee’?
Een beetje navolgen zal niet gaan. Vandaag niet anders, trouwens.
Levi zet de stap en volgt Jezus. Niemand uit zijn omgeving zal het voor mogelijk hebben gehouden dat deze man zijn zaak achter zou laten en met die Jezus zou meegaan. Hij zelf ook niet, denk ik. Maar Jezus zei: volg mij en Levi deed het!
Wat zou ik gedaan hebben, denk je dan. Sterker nog: wat doe ik vandaag, elke keer als ik zijn stem hoor…

Maar twee woorden
Verwonderlijk is ook, dat Jezus het bij deze twee uitnodigende woorden laat: volg mij. Het zal de mensen, die Levi een beetje kenden, wel verbaasd hebben. De lelijke afzetter met die dollartekens in zijn ogen - iedereen wist het, maar Jezus’ rept er met geen woord over.
Misschien heeft Levi zelf ook nog wel gedacht dat de meester vroeg of laat nog eens wat zou gaan schoffelen in zijn verleden.
Misschien wel door het allervriendelijkst te gaan hebben over een paar dingen die in zijn leven nu toch echt wel anders moesten. Maar Jezus liet het allemaal voor wat het was. Tenminste die indruk krijg je als je de evangeliën leest.
Jezus is niet iemand die veel achterom kijkt of lang stilstaat.
Jezus deed vanaf het allereerste begin maar één ding: mensen uitnodigen om dicht in zijn buurt te komen. Meer niet.

Verschil maken
Opnieuw zie je dus die Jezus aan het werk, die geroepen had: het Koninkrijk van God is dichtbij gekomen. En op het moment dat je gaat denken: ‘wat zie ik er van?’ hoor je Jezus zeggen: ‘volg mij’. Dat zei hij al direct tegen Petrus en Johannes, nu ook tegen Levi. Tot op vandaag werkt het zo. ‘Volg mij’, zegt hij. Alsof jij het verschil kunt maken als het gaat om dat Koninkrijk van God.

Dichtbij
Jezus komt daarin heel dichtbij. Dichterbij nog dan je eigen man of vrouw. Want als een man tegen zijn vrouw zou zeggen: volg mij - of andersom - dan klinkt dat verdacht. En nog verdachter is het als een sekteleider of een loverboy zoiets zegt. Vreselijk als zo iemand je leven tot in de details gaat bepalen.
Maar hier is het goddelijke nabijheid. Jezus zegt het zelf, even later: ‘Ik ben gekomen’. En als Hij dat zo zegt, bedoelt Hij zijn hemelse afkomst, opslagplaats van nieuw leven.
Dat zie je terug als je Levi nog even verder volgt.

Vanzelf
Want Levi organiseert een maaltijd voor zijn collega-tollenaren en nog een heleboel anderen, die ook de nodige aandacht en liefde tekort kwamen. Van het één - die twee woorden van Jezus - komt dus het ander. Zomaar. De aarde brengt vanzelf vrucht voort, zal Jezus even later zeggen.
Maar hier zie je het al gebeuren, terwijl Jezus gast is met de gasten en meer niet. Geen tafelrede of zoiets en ook geen reden om aan te nemen dat Hij het gebed deed. ‘Ik ben met jullie’, zei Hij door er gewoon te zijn. Met Levi en ieder die er dankzij Levi bij gekomen was.

Witregel
Misschien heb ik wel te weinig geduld met de mensen om me heen, dacht ik. Te weinig geduld met de mensen in het grote huis van de gemeente of met die van het kleine huis van mijn gezin. Dat ik te snel in mijn hoofd heb wat er in het leven van iemand, die Jezus volgt, zou kunnen of moeten veranderen. Aandachtsvelden genoeg: geld, eten en drinken, omgaan met milieu, seks of tijdsbesteding en nog veel meer.
Is het niet een toonbeeld van geduld dat Jezus het bij die twee woorden laat: volg mij.
Om vervolgens rustig af te wachten wat er van gaat komen.
In die witregel, die ik in de Bijbeltekst op de pagina hiernaast expres heb laten vallen, gebeurde het.

Alles nieuw
Hier zie je dus iets van het nieuwe leven in de naam van Jezus. En waar zie je dat nieuwe leven? Gewoon in Levi’s eigen huis. Dat huis, waarvan de mensen altijd zeiden: met ons geld flikt hij dat allemaal. In dat huis laat hij Jezus binnen en wat wordt zijn huis daar anders van! Het huis van de afzetter wordt een herberg onderweg voor Jan en alleman.
Eén tafel voor mensen - hoe verschillend ook. Geen haast om er uit te halen wat er in zit, maar een sfeer van gastvrijheid.
Met mensen, die stuk voor stuk in een verbouwfase van hun leven zitten. Niet allemaal in dezelfde fase trouwens. En God is de aannemer.
Op zulke momenten zie je hoe dichtbij het Koninkrijk van God kan komen. Vandaag al.

Drs. Freddy Gerkema is predikant van de NGK Amersfoort-Noord en lid van de redactie van Opbouw.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief