Doleantie-herdenking
1986-05-16
Op vrijdag 19 april is in de Keizersgrachtkerk in Amsterdam in een bijeenkomst, georganiseerd door het comité herdenkingen, de Doleantie van 1886 herdacht. Niet ten onrechte werd deze herdenking in het Ned. Dagblad gekarakteriseerd als een begrafenis van de Doleantie.- Jaargang 30
- nummer 20
Het was te verwachten dat de liederen van lof en dank niet zo luid zouden klinken als bij de herdenking in 1936.
Alleen de stijl en retoriek van de spreker herinnerde aan de dagen van weleer.
Het was prof. dr I. A. Diepenhorst die op uitnodiging der herdenkingsrede hield.
Herinnerd werd aan de vraag door wijlen K. H. Miskotte gesteld: Was de Doleantie uit God of uit de mensen en het bekende antwoord: uit de mensen.
Hoewel de spreker oog had voor de positieve dingen in de Doleantie en respect toonde voor het werk van A. Kuyper klonk in zijn spreken veel reserve door; hij wilde de Doleantie niet een Reformatie noemen, Nu schreef ik al dat we in deze dagen van "Samen op weg" geen lofrede op de Doleantie konden verwachten, maar dat het zo magertjes zou worden had ik toch niet verwacht.
Ik ga niet opnieuw spreken over wat ik in een vorig artikel de zegen op het werk van afgescheidenen en dolerenden heb genoemd, maar wil nader ingaan op de vraag van Miskotte, die zoveel indruk op de spreker en vele anderen heeft gemaakt.
In het jaar 1936 kwam een gedenkboek uit onder de titel: De Reformatie van 1886. Dr K. R. Miskotte maakte uitvoerige kanttekeningen bij dit boek.
Hoewel dr Miskotte enige neiging voelt zover mogelijk mee te gaan met de gereformeerden in hun dankbaar herdenken is dit hem niet mogelijk. We lezen op pag. 59 (Om de waarheid te zeggen, Kampen 1971):
"Maar dit alles ... wordt ons onmiddellijk uit handen geslagen door de titel van het gedenkboek: de Reformatie van 1886.” Kijk daarmee is het op slag uit! En waarschijnlijk is dat maar goed ook, hoewel het ons bitter smaakt. De zaak is deze dat wij daarmee gesteld worden voor een soortgelijke vraag als Jezus eens de farizeeën en schriftgeleerden stelde: de doop van Johannes was die uit de hemel of uit de mensen? Daar is geen ontkomen! Of zullen we ons, in een blanco-houding stellen, in een zwevend evenwicht, ons hullen in een air van diepzinnige onbeslistheid of, zijdelings blikken werpend naar de mensen, overleggen: indien wij zeggen uit de hemel, dan zullen zij zeggen, waarom hebt gij dan niet in onze beweging, geloofd? en indien, wij zeggen uit de mensen, dan vrezen wij de machtige vromen (die een mens tegenwoordig zeer vaardig zijn carrière kunnen vernietigen), want die houden Kuyper allen voor een profeet en de actie voor een ... reformatie? Zullen wij dus zeggen: wij weten het niet, en afdruipend morren over een zo impertinente vraag als in de titel: de Reformatie van 1886 ligt opgesloten?
Dat zij verre! Wij kunnen deze vraag, deze uitdaging niet anders beantwoorden dan met een helder en beslist: uit de mensen!hoort ge dat goed: voor dit"
dilemma gesteld antwoorden wij: wij geloven van dat werk Gods niets, geen syllabel Ware het anders, hoe zouden wij dan in de oude kerk der vaderen kunnen blijven".
Het is een lang citaat, maar we wilden de schrijver niet te veel onderbreken. We hebben dr K. H. Miskotte uit zijn boeken leren kennen als een eminent geleerde, die in een prachtige stijl diepe gedachten weet te vertolken, Helaas vinden we zijn grandeur in deze kanttekeningen niet terug.
Wanneer op pag. 82 te lezen staat: De Doleantie heeft een mens-type gekweekt dat burgerlijker is dan de franse rentenier is het moeilijk de diepe zin hiervan te vatten, maar goed, in de hitte van de strijd valt er wel eens een woord, Over Kuyper wordt op pag. 74 gezegd: Deze athletische geest heeft het doel van zijn strijd bereikt: hij had gevoegelijk een gedenkboek kunnen, uitgeven, getiteld: Mein Kampf.
Bij geruchte is mij ter ore gekomen dat de schrijver niet zo gelukkig was met de herdruk van zijn kanttekeningen uit het jaar 1936.
Dit neemt helaas, niet weg dat in het jaar 1971 deze "opmerking" over de man, aan wie ons volk zoveel te danken heeft, staat te lezen in een uitgave van Kok in Kampen.
Ik heb er grote moeite mee dat de vraagstelling uit dit werk van Miskotte zo'n rol speelde in de rede, gehouden ter herdenking van de Doleantie door de Gereformeerde Kerken in ons land.
Is het dankbaar nageslacht in deze kerken uitgestorven.
We zouden de vraag: "uit de hemel of uit de mensen" kunnen terugkaatsen en vragen: was de schorsing van 80 leden van de Amsterdamse kerkeraad door dr G. J. Vos (die naar I. A. Diepenhorst meedeelt Kuyper haatte, zie Trouw 19 april j.l.) uit de hemel of uit de mensen.
En laten we niet vergeten de schorsingen en andere maatregelen tegen de afgescheidenen in 1834. Als synoden spreken of schorsen dan spreekt men toch in naam van de Koning van de kerk.
In Hervormde kringen leeft weinig besef van wat het voor ambtsdragers betekent geschorst en afgezet te worden. In onze kerken hebben wij helaas de meeste "ervaring" 1944-1947 - en wij weten wat het is om door kerkelijke vonnissen te worden getroffen.
Maar door alleen de bal terug te kaatsen komen we niet verder in de zaak die aan de orde is.
Het is de vraag of we ooit verder komen.
De toorn van dr. Miskotte is gewekt door het woord Reformatie.
Dr Diepenhorst heeft de pijn voor de Hervormde broeders en zusters wat weggenomen door te stellen dat de Doleantie geen reformatie was.
De Amsterdamse kerkeraad, (de door G. J. Vos c.s. geschorsten) die de band met de synodale organisatie van 1816 had doorgesneden, schreef echter . boven de kennisgeving aan de gemeente: Bericht van Reformatie.
Nu blijft de vraag: Wat verstaan we onder reformatie.
Moeilijker wordt het wanneer bij het woord reformatie gesteld wordt "uit de hemel of uit de mensen".
Wie op een vraag ingaat dient eerst na te gaan of die vraag goed gesteld is.
Hierover een volgend keer.