Godsdienstonderwijs in een na-christelijke tijd

1985-09-20
  • Jaargang 29
  • nummer 36
Merkt u er "aan den lijve" wel eens iets van, dat Nederland bezig is te ontkerkelijken"? Ik wel! Op de twee Prot. Chr. scholen voor Voortgezet Onderwijs waar ik werk resp. gewerkt heb, in de Randstad, zien zo'n 60-70% van mijn leerlingen een kerk nooit van binnen (of alleen met Kerst). Een jongen uit de kerkelijke gemeente waartoe ik hoor, is in zijn klas de enige die nog naar een kerk gaat. Hij zit op een Prot. Chr. school.

Steeds meer onkerkelijken
Op een vergadering van de Unie "School en Evangelie" werd meegedeeld dat slechts 25% van de leerlingen van de Christelijke scholen nog naar de kerk gaan. (F. Nabers, in een artikelenserie over ontwikkelingen binnen de Prot. Chr. scholen; Kerkbode van Ned. Geref. Kerken, uitg. Buijten en Schipperheijn, 1984). Denk niet dat het allemaal wel meevalt, ik zeg u dat ik soms blij ben met een mohammedaanse leerling in de klas. Die heeft tenminste nog enig religieus besef. Een echt serieuze godsdienstleraar zei me eens: "Natuurlijk kun je niet meer uit de Bijbel laten lezen, je oogst slechts. onbegrip, onwil en hart tegen hart situaties. Je zult godsdienstige opvoeding anders moeten aanpakken". Zo erg is het bij velen gelukkig nog niet, maar toch...een dergelijke opmerking van een rechtzinnige collega tekent de sfeer. Want, wat doe je als je merkt dat je alleen maar bereikt, dat je jonge mensen leert te balen van het Boek der boeken?

Collega's
En als het tegen heb je ook nog te maken met al die collega's die hun persoonlijk geloof hebben ingeruild voor het IKV, de boycot van Outspan sinaasappels en het feminisme.
Voor hen is de Bijbel één van de kennisbronnen van God, geloofsgetuigenissen waarmee men naar eigen goeddunken kan omgaan. Ze zijn tolerant ten opzichte van abortus, echtscheiding en drugscriminaliteit, ze juichen een vrijere seks toe en adviseren leerlingen dienovereenkomstig, ze accepteren de evolutieleer als bewezen, hebben sterke vraagtekens bij een leven na de dood en worden pas onverdraagzaam als de BO in beeld komt. Ik weet wel, er zijn ook anderen, maar wie hebben de wind mee vandaag?

Verschil met vroeger
Natuurlijk, de situatie verschilt van school tot school en van streek tot streek, maar je kunt niet om het feit heen dat het vak godsdienst in een totaal ander klimaat. wordt gegeven dan zo'n 15-20 jaar terug. Dat lijkt een waarheid groter dan een koe: Waar het me om gaat is echter dat de bezinning op dat andere klimaat nog nauwelijks op gang is gekomen. Wat wordt er van ons, Christenen, gevraagd in een situatie waarin we steeds meer in de minderheid raken, hoe moet onze opstelling zijn, wat is in zo’n situatie wijsheid? Dat zijn toch vrij fundamentele vragen! Het antwoord op deze vragen heeft verregaande consequenties voor de inhoud van de godsdienstlessen op de christelijke scholen. Zo'n 20 jaar geleden mocht men ervan uitgaan
dat de meeste leerlingen uit een christelijk nest kwamen. Godsdienstonderwijs was toen. ook meer een verlengstuk 'Van de catechese. Vandaag is het vak godsdienst veel meer naar de frontlinie van het Koninkrijk, van God opgeschoven. Het is een plaats waar "geloof" een vaag geloof, ongeloof of een ander geloof Kan ontmoeten, of we dat nu waardevol vinden of juist met. Bij deze constatering moet me één ding van het hart: ik heb de indruk dát veruit de meeste leerlingen (en hun ouders) hun "oriëntatie" kwijt zijn. Ze hebben geen antwoorden meer. Het valt me telkens weer op dat er verhoudingsgewijs weinig leerlingen zijn die echt fel "anti" zijn.


Bezinning nodig
Deze situatie vraagt om een hernieuwde bezinning. Wat betekent het voor de inhoud van godsdienstlessen op de Prot. Christelijke scholen dat de lessen gegeven worden aan jonge mensen die echt van toeten noch blazen weten op godsdienstig terrein. Deze jongelui lezen de Bijbel, zoals wij het boek van Mormon of de Koran zouden lezen. Denkt u zich eens even in: hoe zoudt u de lessen volgen over het boek van Mormon? Toch het lijkt in tegenspraak met de vorige regel, liggen hier niet kansen? Immers veel van deze jonge mensen staan weer "blanco" tegenover het evangelie. De vraag is: Kunnen we het vak godsdienst 'zodanig geven dat het ook hen aanspreekt, terwijl we toch tegelijkertijd de leerlingen uit kerkelijke huize voldoende "Bijbelse opvoeding" meegeven?
Wat is onze taak als Christen? Hebben we er een boodschap aan dat er zoveel jongelui op levensbeschouwelijk vlak "hun oriëntatie kwijt zijn"? Dat ook hun ouders veelal geen antwoorden meer hebben op de vragen van onze tijd en dat ze daarom hun kinderen Vrij laten om een eigen keuze te maken? Is dat iets dat mag meespelen als je 'ie bezint op de inhoud van het vak? Of heb je aan al .die zaken geen boodschap en moet je simpel de leerlingen Bijbelkennis bijbrengen?

Is het geloof niet voor de ongelovigen?
Ik heb eens een discussie gehad met een jonge collega die zei.. "Jij probeert veel teveel het goede, het mooie van het evangelie te laten zien en je probeert invalshoeken te vinden waarover ongelovigen en gelovigen het eens zijn om zodoende de ongelovigen "op sleeptouw te nemen". Ik reageerde toen met: "Maar ook die jongelui hebben een ziel te
verliezen", Zijn antwoord luidde: "God bewerkt het geloof en niet jij. Jouw taak is het, het onversneden evangelie te brengen en je weet dat dat een aanstoot is voor velen. Laat ze maar gewoon leren wat er in de Bijbel staat. Degenen voor wie het is, zullen (gaan) geloven en de overigen zul je toch niet bereiken, want het geloof is niet voor hen." Wat moeten we daarmee aan? De uitspraak over hoe je staat t.o.v. "ongelovigen" heeft verregaande consequenties voor de inhoud van de godsdienstlessen!

Moeten we de Christelijke scholen vaarwelzeggen?
In de genoemde artikelenserie van F. Nabers roept de auteur op' een zeker moment uit: Evangeliseren is goed, maar het kan moeilijk gecombineerd worden met het geven van onderwijs aan gedoopte kinderen. Weliswaar volgt zijn uitroep op de constatering dat vele Prot. Chr. scholen het schriftgezag hebben losgelaten en het in de godsdienstlessen gaat om de dialoog waarin gezamenlijk naar de waarheid wordt gezocht, maar toch ... zo'n stelling zet ook schriftgetrouwe docenten aan het denken. Nabers .zegt: "Het eigen karakter van de christelijke school is steeds meer aan het verdwijnen en steeds meer gaat deze school op de openbare school lijken, zodat straks duidelijk moet worden dat 'het christelijk onderwijs overbodig is geworden." Immers door het ruime toelatingsbeleid (leerlingen en docenten) is de Christelijke school een school voor alle gezindten geworden, een "school zonder kruis"! "De Christelijke school zal bijbels genormeerd zijn of niet zijn."
Hij adviseert ouders om de Prof. Chr. school vaarwel te zeggen en de kinderen naar een (Vrijgem.) gereformeerde school te sturen. De vraag is: Is de Prot. Chr. school “Verloren of prijsgegeven gebied"? Ik ben zover nog niet, zeker niet in z'n algemeenheid. Ik weet dat er heel veel schriftgetrouwe collega's werken op die Prot. Ohr. scholen. Het ontbreekt ze echter, vaak aan twee dingen: geschikt materiaal en toerusting (o.a. vanaf de kansel). Als we nu eens (biddend!) proberen.
om met schriftgetrouwe docenten een boeiende, volop Bijbelse godsdienstmethode te schrijven, is dat dan bij voorbaat een weg die doodloopt? Het moet toch mogelijk zijn om goed Bijbels godsdienstonderwijs te geven aan gedoopte kinderen, dat onderwijskundig gezien aantrekkelijk is ook voor de “niet-gelovigen" en dat de laatstgenoemden ook nog "stof tot nadenken" biedt? Ik persoonlijk geloof nog steeds in de kansen die er liggen. Wie een beetje. op de hoogte is, weet dat ook de Stichting "Bijbel en Onderwijs" in deze richting werkt.

Studiedag I'Abri
Inmiddels 'heb ik een aantal niet onbelangrijke vragen opgeworpen. Deze vragen komen aan de orde op een studiedag van l'Abri (“Godsdienstonderwijs in een post-christelijk klimaat"). Datum: 19-10-'85 (in de herfstvakantie!). Voor die studiedag nodigen wij natuurlijk allereerst leraren/leraressen uit die het vak Godsdienst geven. Maar ook zij die willen meedenken zijn van harte welkom.

Kosten f 5,-. Opgeven: tel., 030-316933; plaats: Utrecht, Kromme Nieuwe Gracht 90. In de komende artikelen zullen vragen gesteld worden die op die studiedag aan de orde komen. Het gaat daarbij om fundamentele vragen, die veel verder reiken dan de onderwijspraktijk zelf.
Er zal op die studiedag ook gezocht worden naar nieuwe mogelijkheden voor de praktijk van het godsdienstonderwijs. Wellicht zijn er ook collega's die met elkaar aan de slag willen om bruikbaar materiaal te ontwikkelen. In dat geval zullen we contact opnemen met de Stichting "Bijbel en Onderwijs", zodat we niet weer een apart clubje vormen.

Dit artikel is de eerste van een serie over het godsdienstonderwijs in het voortgezet onderwijs.
(Dat laatste wordt er niet steeds bij gezet). Deze artikelen schrijf ik niet “beroepsmatig", bestemd voor godsdienstleraren/essen. Dit onderwerp ligt binnen het blikveld van het Koninkrijk van God, ik schrijf daarover als christen en richt me tot medechristenen. Ik heb de indruk dat het onderwerp teveel naar "vakmensen" wordt afgeschoven . Dat is niet goed: het gaat ons allen aan.

(wordt vervolgd)

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief