Blijmoedige samenwerking
1985-10-11
In de gevangenis heeft Paulus alle tijd om te denken. En dan gaan zijn gedachten ook meermalen uit naar de gemeente van Filippi. Aan deze gemeente bewaart hij. vele goede herinneringen: Lydia, de gevangenbewaarder (Hand. 16). Maar ook in het heden is er een hechte band tussen deze gemeente en de apostel (2, 25; 4,10.15): - Jaargang 29
- nummer 39
En zo wordt het denken aan de Filippenzen als vanzelf danken (vs 3). Onder het dankgebed vult zijn hart zich met blijdschap, omdat de Filippenzen deel hebben aan de prediking van het evangelie. Dat betekent niet alleen, dat zij die prediking in geloof hebben aanvaard, Maar ook, dat zij een actief aandeel hebben in de verdere verkondiging, Door b.v. Paulus in geestelijk en in materieel opzicht te steunen.
Zo stuurden zij hem in zijn moeilijke omstandigheden een persoonlijk afgezant, Epafroditus.
En van hem ook een welkome bijdrage in zijn levensonderhoud. Deze houding geeft Paulus goede hoop voor de toekomst van deze gemeente. Zo prijst de apostel hen hart grondig. Maar we moeten er goed op letten hóe hij dat doet. Immers, een prijzend woord doet een mens bijzonder goed. Maar altijd bestaat het gevaar, dat de geprezene hoogmoedig wordt. Eigenlijk is het een hele kunst om goed te prijzen en om een lofprijzing 'Op de juiste wijze te ontvangen!
Paulus verstaat de kunst van het prijzen. Hij complimenteert de Filippenzen en hij spreekt zijn vertrouwen dn de toekomst uit (vs 6). Maar daarbij kijkt !hij in wezen meer naar God, dan naar de Filippenzen. Als het aan God ligt ,zal het zo doorgaan tot de wederkomst van Christus (zie ook 2, 12 v.) Uit vs 7 en 8 spreekt de sterke band, die er tussen Paulus en de gemeente van Filippi bestaat. Wat zou de apostel graag in hun midden zijn Maar dat is bij Paulus meer dan het heimwee van een gevangene, hoe begrijpelijk ook zichzelf. Nee, hij is hoofdzakelijk bewogen door de ontferming van Christus Jezus. H1J voelt zich als een herder verantwoordelijk voor deze jonge gemeente. Maar zijn gevangenschap verhindert hem die verantwoordelijkheid in hun midden waar te maken.
Maar wat hij wel kan, dat is bidden. Wat heeft het gebed in Paulus' leven een grote rol gespeeld.
Dat valt uit al zijn brieven op te maken. Voor de Filippenzen bidt hij voornamelijk 'Om het toenemen van hun liefde (vs 9. 10). Kunnen we zo'n gebed ooit ,als niet van toepassing op ons veronachtzamen".
Telkens weer moeten we ons afvragen: Wat beheerst ons in onze omgang met God en met elkaar - binnen de gezinnen, binnen de gemeente, binnen het kerkverband. enz.? Te vaak heersen de regels. We willen weten waar we aan toe zijn. Wat mag en wat mag niet. Wat kan en wat kan niet. En dat dan liefst zo gedetailleerd mogelijk uitgewerkt. Paulus zegt: 't Gaat om de liefde! Dat hoeft helemaal geen tegenstelling met de wet te zijn, Regels zijn in elke samenleving nodig. Maar ze zijn alleen met Liefde te hanteren. Een hart vol liefde voelt de dingen aan. En dan 'zou voor de één wel eens niet kunnen gelden, wat voor een ander wel geldt. En wat in de ene situatie wel kan, kan soms in een andere situatie echt niet. Met een hart vol liefde kun je onderkennen waar het op een komt. Liefde maakt niet gemakzuchtig, maar het vraagt een enorme bereidheid om je intensief in mensen en in situaties in te leven om te kunnen vaststellen hoede regels moeten worden toegepast.
Tenslotte wil ik er op wijzen, dat Paulus ons niet tot die liefde oproept. Nee, hij bidt erom!
Want een dergelijke fijngevoelige liefde is nooit het resultaat van onze inspanning. Het is een gave van God. Het is een vrucht van gerechtigheid (vs 11), welke door Jezus 'Christus is. Hij is de wijnstok, wij zijn de ranken. De enige oproep die mogelijk is, is: Blijf aan de wijnstok! Blijf in de invloedssfeer van Christus en 'in het krachtenveld van zijn Geest. Put uit de overvloed van Gods liefde. Als iedere gelovige eens, zo'n bidder was als Paulus voor zichzelf en zijn gemeente - wat- zou dat niet betekenen voor het Koninkrijk van God!