Lijden doorleefd en troosters geholpen

2008-04-11
  • Jaargang 52
  • nummer 8
Het boek Bitterzoet, geschreven door ds. Jan Blok, heeft al te lang op een bespreking gewacht. Niet dat het veel nieuws toevoegt aan het vele dat over de zin van het lijden gezegd is.
Het is een pleidooi voor wat in Zondag 10 van de Heidelbergse Catechismus beleden wordt over de leiding van God in het leven van zijn kinderen.

Verdriet en depressie
Het nieuwe is wat ds Blok zelf meegemaakt heeft aan lijden en hoe hij daar mee omgegaan is. Dat maakt het boek ook zo heel persoonlijk. Hij begint met te vertellen wat het sterven van hun kind van een half jaar met hem en zijn vrouw gedaan heeft.
Op een aangrijpende wijze maakt hij ons deel van het diepe verdriet, dat hen als ouders geraakt heeft. Ook de moeite, de worsteling met God. De vragen die op hen losstormden. Is God meedogenloos?
Of hebben we een God die het misschien ook allemaal anders wil, maar toch niet echt tegen het kwaad is opgewassen? Zulk soort vragen. Of ze antwoord kregen? Ja, dat antwoord ligt in Jezus Christus. Hij geeft geloof en moed. We begrijpen God niet, maar we vertrouwen Hem wel en eenmaal zal God alle tranen uit hun ogen wissen.

Het tweede wat het boek zo persoonlijk maakt is, dat ds. Blok van zijn depressie vertelt. Het was voor hem een helse ervaring. Het leven hoefde voor hem niet meer en hij dacht dat hij nooit meer op de preekstoel zou staan om het Woord van God te verkondigen.

Zijn geloof was ongeloof geworden.
Alles was grijs en grauw en zonder uitzicht. Echter: de depressie ging over en hij ervoer, dat God hem vastgehouden had . Maar ook heeft God hem geleerd afhankelijker van Hem te zijn.

Zondag 10
Dit is de lijn, die door het hele boek gaat: God stelt ons geloof op de proef door ziekte en lijden ons toe te schikken.
Het is wat in Zondag 10 van de Catechismus staat: 'dat gezondheid en ziekte, en alle dingen, niet bij toeval, maar uit zijn vaderhand ons ten deel vallen'. Met instemming haalt de auteur Calvijn aan, wanneer deze zegt: 'God is degene die tegenspoed zendt, tegelijk is Hij ook degene bij wie hulp gezocht kan worden, opdat Hij dan ook de tegenspoed kan stoppen'.
Daarbij zet ds. Blok zich af tegen mensen als Dorothee Sölle, die stelt dat het lijden niets met God te maken heeft. Maar vooral neemt hij positie in tegen zogenaamde geloofsgenezers , die beweren, dat God ziekte en lijden niet wil en dat deze in dit leven al overwonnen kunnen worden, als je maar gelovig bidt.

Gebedsgenezers
Hierbij passeren vooral Jan Zijlstra, de leider van de Levensstroom Gemeente in Leiderdorp, en T.B. Joshua, een voorganger in Nigeria, de revue.
Beiden trekken met hun genezingsbediening talloos velen. Kort gezegd komt het hierop neer: Al Gods beloften zijn er voor ieder die gelooft in Jezus Christus. Je moet dan ook niet bidden bij ziekte: 'Heer, ik weet dat U mij kunt genezen, maar niet mijn wil, maar uw wil geschiede'. Nee, je moet danken: 'Ik dank U dat het uw wil is om te genezen'.

Blok daarentegen stelt, dat God soeverein, op zijn tijd en wijze, zijn beloften vervult. Denk je eens in, dat je als gelovige ziek bent en naar een genezingsdienst gaat en je geneest niet.
Dan denk je toch:Kennelijk heb ik niet genoeg of niet goed geloofd.

Blok zegt hier behartenswaardige dingen over: God kan een andere weg met de zieke gaan, maar dat betekent niet dat Hij zijn gebed niet verhoord heeft. Hij gaat dan een weg die beter is dan wij dachten.

Handvatten
In zijn boek stelt ds. Blok niet alleen de problemen van ziekte en lijden aan de orde, maar hij schrijft ook voor hen die zieken bezoeken. Het geeft goede handvatten aan dominees, ouderlingen en andere gemeenteleden.
Welk gedeelte uit de bijbel moet je lezen, wat moet je zeggen, welke woorden van troost spreek je? En hoe ga je om met vragen van euthanasie?
Bitterzoet is ook geschikt om op Bijbelkringen te gebruiken. Elk hoofdstuk sluit af met enkele vragen, die de bespreking kunnen bevorderen.

Zalven met olie
Of ik geen aanmerkingen heb? De opmerking op blz. 122 over het zalven met olie, waar in Jakobus 5 sprake van is, deel ik bepaald niet. Alsof dat een kwestie is van niet meer dan een hartelijkheid, die je een zieke bewijst. 'Wij nemen vandaag geen zalfolie meer mee naar een zieke als bewijs van onze hartelijkheid, maar we nemen een bloemetje mee.' Dat doet tekort aan de intentie van het 'zalven met olie in de naam des Heren'. Het heeft alles te maken met het zalven van personen, die tot een bepaalde taak geroepen zijn, zoals in het oudtestamentische profeten, priesters en koningen.

Een taak, waarvoor menselijke schouders te zwak zijn om te dragen. Olie is dan het teken van de Heilige Geest, die hen bijzondere kracht geeft. Zo kan een zieke die lijdt gezalfd worden met olie. De zalving is dan een teken van bemoediging van de Heer, die hem of haar kracht geeft om de ziekte te dragen.
Overigens wens ik het boek in handen van velen.

Jan Blok, Bitterzoet. Een handreiking voor zieken en hun omgeving.
Plateau, Barneveld, 2006. 176 pag.; € 14,75.

Ds. Wim van der Linde is emeritus predikant.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief