Gods grote geheim
1984-10-05
“ ... (dit geheimenis), dat de heidenen mede-erfgenamen zijn, medeleden en medegenoten van de belofte in Christus Jezus ... “(Ef. 3, 5, 6. - Jaargang 28
- nummer 37
De inhoud van het geheim
Een geheim vertellen is een leuke zaak. Weet je 't al, heb je 't al gehoord? Maar we hopen natuurlijk, dat de ander er nog niets van weet. Anders is het nieuwtje eraf. En als iedereen al op de hoogte is, is het helemaal niet leuk meer.
Paulus had de dankbare taak om een kostbaar geheim te mogen doorvertellen. Waar gaat het over? Hierover: dat niet alleen de Joden, maar ook de niet-Joden vrije toegang hebben tot God en zonder dat ze eerst Jood hoeven te worden.
Misschien zegt u: is dat alles?
Dat wisten we allang. Kijk, daar heb je 't al. Een geheim dat algemeen bekend is, daar is het nieuwtje kompleet van af. Daar hoort geen mens meer van op.
Jammer, want God heeft met dit geheim de mensheid heerlijk willen verrassen. En niet voor eventjes, maar tot in eeuwigheid.
God roept, en wat de mensen scheidt dat zij geen scheiding meer
Stelt u zich voor: een Jood, levend in één van de steden van Klein-Azië - Efeze, Kolosse, Smyrna. Op talloze manieren viel hij op. Op de sabbat was iedereen aan -het werk, maar de Jood niet. Er werd een feest gevierd, natuurlijk ter ere van een of andere godheid, maar de Jood hield zich afzijdig. Deed hij al mee aan een sportwedstrijd als worstelen of hardlopen, waarbij men naakt was, of bezocht hij een badinrichting, dan viel hij op als besnedene.
Veel Joden waren trots op hun anders-zijn. Zij voelden zich superieur aan de heidenen, die zij minachtend honden noemden.
Meestal meden zij het kontakt met hun niet-Joodse stadsgenoten.
Andersom haalden de Grieken en Romeinen hun neus op voor de Joden.
De joodse godsdienst vonden ze bespottelijk, barbaars en onbeschaafd.
In brede lagen van de bevolking deden de gruwelijkste verhalen over de Joden de ronde.
Bijvoorbeeld dat de Joden tenminste eens in de zeven jaar een Griek slachtten, zijn hart opaten en de Grieken eeuwige vijandschap zwoeren. In zo'n sfeer hoefde echt niet zoveel te gebeuren of het gepeupel in de grote steden ging zich te buiten aan gruwelijke massamoorden op Joden, waarbij tienduizenden om het leven kwamen.
Niets geeft de satan meer voldoening dan dergelijke diep gewortelde vijandschappen. De tegenstander van God geniet van alle vormen van ontbinding. Hij en zijn duivelen zijn in hun element als mensen naar Gods beeld geschapen elkaar kwetsen, pijn doen, tot wanhoop brengen en ten koste van elkaar leven.
Maar in Efeze en andere plaatsen gebeurde een wonder. Een tegenbeweging kwam op gang.
Het ongehoorde vond plaats.
Joden en heidenen gingen in warme gemeenschap samenleven.
Het was niet alleen maar een soort wapenstilstand, waarbij men elkaar met rust liet. Nee, men ontvlamde voor elkaar in broederlijke liefde. Alle barrières waren opgeruimd. De kloof was gedempt.
Tot één nieuwe mens geschapen
Dit was mogelijk, dankzij het kruis van Christus. In Ef. 2, 16 lezen we hoe de vijandschap aan Christus' kruis is vernietigd.
Dat kruis heeft duidelijk gemaakt, dat niet alleen de heiden, maar ook de Jood bij God in de schuld staat. Dat beiden dus vijanden van God waren. Principieel was er geen verschil tussen hen.
Zeker, de Joden hadden altijd dichter bij God geleefd (2, 11, 12.). Maar dat maakt hun schuld tegenover God eerder groter dan kleiner.
In elk geval bleef aan de voet van het kruis voor Jood noch heiden ook maar iets over om zich op te verheffen. Beiden werden 'ze als vijanden van God ontmaskerd.
Maar aan het kruis hief Christus die vijandschap met God op. En beiden kregen ze verzoening en vrede aangeboden.
Maar hoe zouden ze die vrede uit de hand van de Vader kunnen aannemen en daarna hun onderlinge vijandschap gewoon op de oude voet voortzetten?
Ondenkbaar!
Zo zijn tussen Joden en niet-Joden de muren gevallen. Zo vielen er meer tegenstellingen weg. Tussen heren en slaven, rijken en armen, mannen en vrouwen.
Maar daarmee waren de verschillen nog niet opgeheven. Zeker in het begin bleven bijvoorbeeld Joden trouw aan allerlei aangewende regels, zoals de onderhouding van de sabbat, de besnijdenis, diep ingewortelde eetgewoonten e.d. Maar dat was een kwestie van verschillende levensstijl, die niet de kern van het geloof raakte. Het was het verschil tussen de hand en de voet, die beiden tot hetzelfde lichaam behoren.
Blij(f) verrast
Dat dit mogelijk was - dat ook de heiden toegang heeft tot God zonder eerst Jood te moeten worden, maar louter en alleen door het geloof in Christus - dat was voor Paulus en de christenen van toen een verrassende vernieuwing.
Het kwam ook beslist niet uit hun eigen koker. De Heilige Geest heeft hen met kracht de drempel over moeten duwen en trekken (Hand. 9, 10, 11, 15; Gal. 2).
Toch is dit de gemeenschappelijke overtuiging van alle apostelen en NT-ische profeten geworden.
Maar geen mens had kunnen voorzien, dat dit gebeuren zou en kon. Want God had dit geheim eeuwenlang verborgen gehouden. Toch is Hij het altijd al van plan geweest. En de uitvoering van dit plan heeft Hij met Goddelijk geduld eeuwenlang voorbereid. Met Goddelijke wijsheid heeft Hij de tijd laten rijpen tot haar volheid (1, 9 v.) en met Goddelijke liefde heeft Hij dit plan uiteindelijk gerealiseerd.
Is dat geen kostelijke gedachte, dat God in de hemel zo onafgebroken en onverstoorbaar eeuwenlang bezig is geweest met dat heerlijke plan?
Zijn plan om de wereld en de mensheid te verlossen van haar ondergang, haar totale versplintering en ontbinding? En dat Hij zo satans opzet heeft doen mislukken?
Van dit geheim is het nieuws toch zeker nooit af?