Bevrijding en politieke strijd

1984-12-07
  • Jaargang 28
  • nummer 46
Inleiding: wat, wanneer, wie, waar, hoe?

In augustus jongstleden vond een internationale konferentie over Christelijk Hoger Onderwijs plaats, op kasteel Nijenrode te Breukelen. Waarschijnlijk heeft u de berichten daarover wel gehoord (radio) of gelezen (dagbladen). Want er is nogal wat te doen geweest over de deelname van blanke Zuid-
Afrikaners vanwege - u raadt het al - hun positie in de bestrijding van apartheid. Op suggestie van de redaktie geef ik wat impressies naar aanleiding van deze konferentie.

Om te beginnen wil ik nadrukkelijk opmerken dat het - ondanks felle discussies over apartheid - toch een goede en waardevolle konferentie is geweest.
Ik noem een paar van de verzorgde referaten, om u een indruk te geven: Dr René Padilla sprak over 'Hoger Onderwijs in Koninkrijksperspektief'.
Dr Padilla is niet onbekend onder ons, vanwege zijn jarenlange betrokkenheid bij de IFES, de International Fellowship of Evangelical Students.
Hier te lande zijn bijvoorbeeld de Ichthus-groepen, de Theologische Studenten Gemeenschap (TSG), het Internationaal Christelijk Studiecentrum (lCS) en de CSFR-studentenverengingen bij de IFES aangesloten (overigens vierde IFES-Nederland op 3 november j.l. haar 25-jarig jubileum).
Van dr Padilla viel dus een boeiende en inspirerende bijdrage over genoemd onderwerp te verwachten: hij wéét uit eigen, harde ervaring, wat het is om voor onderwijs in dienst van Gods Koninkrijk te moeten ijveren.
Hij wéét welke zegen dat brengt, maar ook welke offers dat kost.
Twee andere referaten die ik nog wil noemen - op het gevaar af dat ik als 'bevooroordeeld' beschouwd wordt - zijn die van dr John VanderStelt over de 'Crisis van het Christelijk Hoger Onderwijs in heden en verleden' en die van dr Henk Geertsema over 'Hoger Onderwijs als Dienst aan de Koning'. Dr VanderStelt is hoogleraar filosofie en theologie aan Dordt College te Sioux Center (lowa) in Amerika.
Dr Geertsema acht ik bij onze Opbouw-lezers voldoende bekend.

Met inbegrip van nog diverse andere lezingen en goede Bijbelstudies ter dagopening, werd een leerzaam en inspirerend programme geboden aan de ca. 185 deelnemers uit zo'n 40 landen.
Het was gewoon een goede konferentie met als hoofdthema 'Toetsing en ?!?!?!? van christelijk hoger onderwijs (Critique and Challenge of Christian Higher Education). Bij de uitwerking van zulk een thema zijn nogal wat indringende subthema's denkbaar: verwereldlijking, rationalisme, of kapitalisme als het gaat over het rijke westen; nationalisme, militairisme, of marxisme als het gaat om bijvoorbeeld derde wereldlanden (nogal eens uitmondend in een of andere vorm van bevrijdingsdenken).
De gegeven opsomming van subthema's maakt wel duidelijk, hoezeer (de mogelijkheid van) christelijk onderwijs is ingebed in een maatschappelijke kontekst.
Voor christenen in Latijns-Amerikaanse of Aziatische landen gelden andere beperkingen dan voor ons. Trouwens: hebben wij wel voldoende besef van onze beperkingen? Besteden we daaraan voldoende aandacht? Toetsen we ons onderwijs nog wel voldoende aan Gods Woord en Wil, of 'volgen we de meerderheid in het kwade'?
We hebben toch veel meer mogelijkheden om wat goeds (of beters) van het christelijk onderwijs te maken, dan we als regel benutten! Hoe komt het dan dat we die kansen niet of nauwelijks pakken? Zijn we dan toch gevangen door een geest van verwereldlijking (als christen je aanpassen) of rationalisme (is, wat we doen, wel rationeel/wetenschappelijk verantwoord?)?
Onze beperkingen zijn eerder geestelijk dan maatschappelijk, en dat is ernstig!

Zulke vragen kwamen op tijdens de konferentie. Daarnaast was er echter één vraag die de gemoederen echt behéérste: hóe dient de apartheid (in Zuid-
Afrika) bestreden te worden?

Bestrijding van apartheid
Uit Zuid-Afrika waren zowel blanke als niet-blanke deelnemers ter konferentie. Allen staan bekend als bestrijders van de apartheid. Dat ligt ook voor de hand, omdat de grondslag van de organiserende instantie nadrukkelijk spreekt over een afwijzing van racisme, inbegrepen de apartheid.
Toch ontstond er grote deining in de eerste dagen van de konferentie, omdat een tiental nietblanke deelnemers stelde dat het hen in geweten onmogelijk was om samen op te trekken met blanke Zuid-Afrikaners. Zij eisten het vertrek van die vijf blanke landgenoten. Zij boycotten de vergaderingen, maar beheersten toch de agenda door hun gedrag en een naderhand uitgebrachte verklaring.

Helaas bleek het niet haalbaar om een voor alle betrokkenen aanvaardbare tussen-oplossing te vinden, zodat – uiteindelijk een tiental gasten de konferentie verliet.

Betekent dat nu, dat de konferentie positie heeft gekozen inzake de apartheid? En dat ze gekozen heeft voor een aanvaarding (c.q. gedeeltelijke rechtvaardiging) van het beleid van de Zuid-Afrikaanse regering, onder meer wat betreft de pas ingevoerde grondwet? Sommige persberichten in die tijd gaven een dergelijke indruk.
Volstrekt ten onrechte. Gestelde vragen waren niet eens aan de orde. Het was een onderwijskonferentie, en geen platform voor politieke diskussie.
Volgens de grondslag worden sprekers en leden van het organiserend comité getoetst op hun oordeel over allerlei visies die strijdig zijn met de Heilige Schrift: rationalisme, marxisme, kapitalisme, racisme ... (zie ook bovenstaande opsomming van subthema's). Vanzelfsprekend brengt dat ook een filtering van eventuele deelnemers met zich: het is niet erg waarschijnlijk dat iemand een konferentie bijwoont, waar geheel andere visies heersen/ worden bestreden, dan voor jezelf opgaat.
Vanwege die grondslag staat apartheid als probleem op de agenda van het organiserend comité, met vooral aandacht voor de eventuele theologische of filosofische fundering van het apartheidsbeleid. Gewaakt moet worden voor het binnensluipen van onbijbelse of ketterse ideeën.
Vanuit dien hoofde is er op zo'n konferentie ook royale ruimte voor diskussie over de apartheid.
Maar dat betekent nog niet, dat dit probleem de agenda moet beheersen, alsof er geen andere belangrijke dwalingen zouden bestaan. En nog minder betekent het, dat op de konferentie internpolitieke problemen van Zuid-
Afrikaanse deelnemers zouden moeten worden opgelost.
De diskussie moet niet gaan over politieke zaken, maar over het onderwijs in dienst van Christus.

Daar lag de grootste fout bij genoemde niet blanke Zuid-Afrikaners en hun sympathisanten.
Zij stelden hun problemen op de verkeerde plaats en tijd aan de orde. Dat betekent geenszins dat hun probleem ontkend werd of onbelangrijk geacht. Integendeel: de apartheid werd wel degelijk als een diep-ingrijpend probleem erkend, ook als het gaat om christelijk (hoger) onderwijs. De deelnemers aan de konferentie waren realistisch genoeg om te beseffen, dat het volgen van onderwijs i.h.a. voor niet-blanken op zijn zachtst gezegd problematisch is (laat staan christelijk hoger onderwijs). Een oproep aan de christelijke Potchefstroom Universiteit om ook nietblanke studenten toe te laten, is dan ook zonder veel diskussie aangenomen (ook door drie blanke hoogleraren van die universiteit zelf, van wie overigens hun strijd tégen apartheid bekend is).

Mogelijk rijst bij u nu de vraag, wat dan nog wel het probleem was. Welnu, simpelweg dit.
Voor de niet-blanke Zuid-Afrikaners, die de vernedering en de pijn van het apartheidssysteem aan den lijve gevoeld hebben en nog dagelijks voelen.
kan de strijd tegen apartheid niet radikaal genoeg zijn. Zij wijzen de nieuwe grondwet van Zuid-Afrika dan ook pertinent van de hand, en zien daarin alleen maar een voortzetting en zelfs verscherping van het apartheidsbeleid, omdat de zwarte Zuid-Afrikaners buiten de parlementaire demokratie gehouden worden.
Voor de blanke Zuid Afrikaners echter is de nieuwe grondwet een eerste stap naar volledige politieke deelname, ook door de zwarten. Nu reeds de kleurlingen en de Indiërs; bij een volgende stap ook de zwarten. Weliswaar hadden ook zij scherpe kritiek op de nieuwe grondwet, weliswaar ging die ook hen niet ver genoeg, toch kwamen zij niet tot een scherpe afwijzing. 'Alles is beter dan niets', zo redeneren zij.
De controverse tussen blanke en niet-blanke Zuid-Afrikaners spitste zich op de konferentie dus toe op de vraag: hóe en hoe snel kan de apartheid bestreden worden?

Rol van de V.U.
Het zij me vergund om ook wat te schrijven over de dubieuze rol van de Vrije Universiteit in het steekspel, zoals ik dat hierboven beschreef.
De V.U. had op twee manieren een behoorlijke vinger in de pap bij deze konferentie. In de eerste plaats was zij één van de gastheer-instellingen. en wel verreweg de grootste (de andere twee waren: Theologische Hogeschool Kampen (syn.) en de Stichting voor Reformatorische Wijsbegeerte; de Theol. Hogeschool Apeldoorn heeft eind vorig jaar af moeten haken vanwege de V.U.-houding tegenover blanke Zuid-Afrikaners). In de tweede plaats was de V.U., tezamen met de V.U.-vereniging (de 'eigenares' van de V.U.) één van de grootste sponsors in financieel opzicht.
Op twee manieren heeft de V.U.
dus invloed uit kunnen oefenen op de uit te nodigen deelnemers.
Dat heeft ze dan ook gedaan: diverse niet-blanke Zuid-Afrikaners, veelal leden van de Z.g. Belijdende Kring, werden met veel égards binnengehaald, terwijl aan prof. Tjaart van der Walt te verstaan werd gegeven dat hij niet zonder meer welkom was. Hij bedankte dus voor de eer, en zijn blanke kollega's-landgenoten voelden zich uiteraard niet op hun gemak. De V.U.
heeft dus, tezamen met 'Kampen', gezorgd voor een gepolariseerd klimaat omtrent de apartheid.
Het is dan ook wat naïef, dat zij zich via het V.U.-magazine bijvoorbeeld (oktobernummer, pag.
323 e.v.) erover beklaagt dat er nu weer deelnameproblemen als gevolg van de apartheidspolitiek' zijn gerezen. Wie een knuppel gooit, mag verwachten dat de hoenders gaan vliegen.

Tot tien jaar geleden bestonden er tussen de V.U. en de Zuid-Afrikaanse Potchefstroom Universiteit (P.U.) nauwe banden.
Men beschouwde elkaar over en weer als zusterinstelling. Vanwege de in Nederland gewijzigde visie op apartheid is er een verwijdering gegroeid, die uiteindelijk leidde tot het opzeggen van een verdrag tussen beide universiteiten. De twee universiteiten beschouwden elkaar niet langer als 'zusters'. Op zichzelf is dat te begrijpen; het apartheidsbeleid snijdt diep - dan kan het nodig zijn om de banden te verbreken. Je zou echter mogen verwachten, dat het uit elkaar gaan van twee christelijke instellingen - met pijn gepaard gaat.
Maar daarvan is, bij de V.U. althans, niet veel te merken. Wat eerst een zuster-instelling was, is voortaan een vijand die ten scherpste bestreden moet worden (net als bij een kerkscheuring).
Er is niets te merken van een omgang in liefde, waarbij de een de ander best terecht kán wijzen, bijvoorbeeld:
- de V.U. kan de P.U. terechtwijzen w.b. haar beleid inzake de apartheid
- de P.U. kan de V.U. vermanen w.b. de bij haar heersende geest van verwereldlijking en rationalisme.

Met name bij de deelnemers uit het V.U.-bestuur, was een verzoenende houding opvallend afwezig.
Op die manier wordt echter geen enkele bijdrage geleverd aan de oplossing van het apartheidsprobleem, terwijl de geestelijke kwalen die de V.U.
bedreigen al evenmin behandeld worden. De Vlaag wordt zelfs onontkoombaar: is de V.U. nog wel een christelijke universiteit?
Zo nee. wat bemoeit ze zich dan nog met internationale konferenties voor christelijk hoger onderwijs?
Past het boetekleed haar niet beter dan de rechters toga?
Ach, mocht de V.U. toch terugkeren naar haar eerste liefde: Gods Woord en Zijn geboden.
Dan zouden internationale konferenties als die van de afgelopen zomer niet zozeer een politiek strijdperk worden, maar een werkplaats voor Schriftgetrouwe wetenschap.
Voor een heilzame ontplooiing van dit internationale verband van christen-wetenschappers is het wenselijk dat de V.U. zich bescheiden terugtrekt of althans anders opstelt, met het oog op een grondige bezinning op wetenschappelijk onderwijs in dienst van Gods Koninkrijk.
Als politieke strijd van het toneel verdwijnt, kan bevrijding van christelijk hoger onderwijs tot volle ontplooiing komen. Zowel in Zuid-Afrika wat betreft bevrijding van apartheid, als in Nederland wat betreft bevrijding van rationalisme en sekularisatie.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief