Waarover praten zij?

1985-01-18
  • Jaargang 29
  • nummer 3
Landelijke vergadering 1985 Enschede

Jongstleden zaterdag werd in Enschede de eerste bijeenkomst van de Landelijke Vergadering der Nederlands Gereformeerde Kerken gehouden. De ongeveer 50 afgevaardigden kozen in de morgenvergadering Mr. Dr. Meulink - voor Opbouwlezers geen onbekende - tot te voorzitter. Het zal in de geschiedenis niet vaak zijn voorgekomen dat een niet-predikant werd gekozen om een kerkelijke vergadering te leiden.
Dat de afgevaardigden een goede keus deden, mag blijken uit het feit dat de vergadering zaterdag een uur eerder was afglopen dan gepland, terwijl er meer stukken dan aanvankelijk op de agenda I stonden, konden worden behandeld. Na afloop kon dan ook tevreden worden vastgesteld dat kerkelijke vergaderingen niet per definitie langdradig en saai hoeven te zijn.

Naast br. Meulink kozen de afgevaardigden ds H. Smit uit Barendrecht tot tweede voorzitter, drs H. Brouwer uit Amsterdam tot eerste scriba, en ds C. van Leeuwen uit Bilthoven tot tweede scriba, De vergadering werd geopend door ds O. Mooiweer van Enschede-Noord, samen met Enschede-
Zuid de roepende kerk voor deze Landelijke Vergadering. De openingstoespraak van ds Mooiweer laten we hieronder in z'n geheel volgen.

Geachte broeders,
Namens de roepende kerken van Enschede-Noord en Enschede- Zuid' heet ik u allen hartelijk welkom.
Enschede, een stad van plm. 140.000 inwoners was vroeger een toonaangevende textielstad. Die status behoort metterdaad tot het verleden. Fabrieken werden gesloten en vielen onder de slopershamer. Fabrieksschoorstenen zijn de één na de ander gesneuveld. Toch bestaat Enschede voort. Een beperkte nieuwe werkgelegenheid bood zich aan hoewel velen alsbaanloos staan genoteerd. In deze stad vergadert Christus Zich een Kerk, Wij sluiten die kerk niet op in onze kerkgemeenschap al zijn we uiteraard in eerste instantie op het belang en het voortbestaan van onze Nederlands Gereformeerde Kerken gespitst. Er zijn in Enschede twee Ned. Geref. Kerken, die van Noord en Zuid met elk één predikanten samen plm. 1050 zielen.
U werd gisteren in de mooie Lasonderkerk in Noord ontvangen voor de bidstond en vanmorgen verwelkomt in deze aula, , waarin iedere .zondag de gemeente van Zuid voor de kerkdiensten samenkomt.
Het is misschien wel de eerste keer in de geschiedenis, dat een vergadering als deze bijeenkomt in een aula van een scholen gemeenschap. Toch kan men daaraan een bepaalde betekenis verbinden.
Aula betekent oorspronkelijk een hof voor het vee. En wie denkt dan in dit kader niet aan de schapen? Laten wij de schapen van Christus' kudde, die aan onze zorgen zijn toevertrouwd - we zijn immers ambtsdragers - in het oog houden en op het oog hebben bij al onze besprekingen, beraadslagingen en beslissingen! Als we het zo zien mogen we ook door Gods genade rekenen op de bijstand van de goede Herder der kudde, Jezus Christus. Want het is en blijft zijn: kudde, die Hij door de hand van zwakke mensen wil leiden, bescherven en verzorgen.
We behoeven daarvoor alleen maar te verwijzen naar de overbekende Psalm 23 en de definitie van Christus' Pastoraat in Johannes 10.

In het verleden heeft Enschede tot tweemaal toe een vrijgemaakt-gereformeerde . generale-synode geherbergd. Dat was in 1945 en in 1955. In 1945 was het een voorlopige generale synode vlak na de.Vrijrnaking. Op die synode werden o.a. de predikanten P. Heddens, B. Holwerda en C. Veenhof tot hoogleraar aan de Theologische Hogeschool te Kampen benoemd. De synode van. 1955 werd gepresideerd' door Ds H. Vogel, destijds predikant in Enschede-Noord. U zult u misschien afvragen waarom ik in het kort deze dingen memoreer. Omdat het behoort tot ONZE kerkelijke historie! En tegelijkertijd, omdat wij, ons betrokken blijven weten op de vrijgemaakt-gereformeerde kerken uit wie we zijn voortgekomen.
Kritiek heft de verwantschap niet op. Het is triest, dat de wegen uiteen zijn gegaan. En het is veelzeggend voor de vervreemding en verwijdering van elkaar, dat nóch op de synodetafel van Heemse nóch op de tafel van de Landelijke Vergadering van Enschede enig stuk ligt, dat betrekking heeft op de breuk in het verleden en de positie, die beide kerkengroepen momenteel tegenover elkaar innemen. Er zijn er misschien onder ons, die deze dingen ietwat anders taxeren, maar het is een goede zaak bij uw besluitvorming niet te vergeten, dat er ook nog vrijgemaakt-gereformeerde kerken bestaan in ons goede vaderland en daarbuiten. De tijd van het uitstallen van onze verwondheden is voorbij. Er zijn nu àndere zaken aan de orde, die ons dringen tot het zoeken van de beoefening van de ware oekumene. De HERE God schrijft geschiedenis! Jaartallen als 1834, 1886, 1892, 1944, 1969/1970 zijn nimmer te verwaarlozen. Zij spreken een eigen taal en hebben een eigen inbreng.
Maar zij bepalen uiteindelijk de positie van onze kerken in het jaar van onze Here Jezus Christus 1985 niet! Gereformeerd zijn aktueel en eigentijds - dát is onze opdracht! De grote Herman Bavinck schreef meer dan een eeuw geleden (1882) reeds: "Christelijk en Gereformeerd zijn beide erenamen en staan met elkaar in nauw verband.
Het laatste is geen aanvulling van het eerste, geen "cognomen" . Het Gereformeerde is niets dan het Christelijke zelf, zoals het in de Roomsche Kerk verontreinigd, weer in de dagen van de Reformatie gezuiverd werd." Het gereformeerde is naar Bavinck's woord "het prisma waarin voor ons het licht der christelijke waarheid zich breekt; de bedding waarin deze ons toevloeit." Onze identiteit is voorts duidelijk. Het gaat om de onvoorwaardelijke binding aan de Schriften, de onbekrompen en ondubbelzinnige handhaving van de gereformeerde konfessie en het handelen overeenkomstig en in de stijl van het aangenomen Akkoord van kerkelijk samenleven zoals het op de laatste zitting van de Landelijke Vergadering van Breukelen door de kerken is aanvaard. Zo zullen onze kerken naar binnen en naar buiten bij alle pluriformiteit als gereformeerde kerken herkenbaar zijn. We hebben de Chr. Gereformeerde Kerken in dit verband niet genoemd, omdat wij met deze kerken een vorm van kontakt oefenen en de stand van zaken betreffende de onderlinge verhouding deel uitmaakt van uw agendum, We spraken over de pluriformiteit binnen de kerk van Christus. Die zal zich ook in uw vergadering openbaren. Dat berekent als zodanig een pluspunt. Met koekoek-éénzang is niemand gediend!

Geloofseenheid veronderstelt geen denkeenheid:" Als wij elkáar maar willen vasthouden op de solide basis van het Woord van onze Gord. Dat Woord biedt ruimte voor verschil in denken, maar geeft daaraan ook een eigen begrenzing. Ik mag u herinneren aan het voorgelezen Schriftgedeelte, met name het slot daarvan. Uw omgang met elkaar zij, waardig het evangelie! Dan zal er kracht van uitgaan. Zonder het warme hart en het milde woord kan er geen sprake zijn van de liefdevolle daad. Let permanent op de band tussen Christus en de kerk! Die band is naar het woord van C. Veenhof zo innig, dat Jezus zonder zijn kerk niet bestaat! "Maar dat, omgekeerd, de kerk zonder Christus ook een onmogelijkheid is! Jezus zonder de kerk - dat is de wereld voor satan. Maar de kerk zonder de permanente, levende gemeenschap met Christus - dat is een kapel van de duivel", aldus C. Veenhof. We mogen geen opening geven aan die grote tegenstander van de Verhoogde Christus, die er voortdurend op uit is verdeeldheid te zaaien, U bent misschien met zorg in uw hart haar Enschede gekomen. Maar de enige remedie daartegen is het gebed.
Paulus roept ons op onze bezorgdheid weg te bidden en alles aan onze hemelse Vader voor te leggen. We hebben dan de rijke belofte, dat Gods vrede onze harten beschermen en onze gedachten behoeden zal in Christus Jezus. S. Greijdanus tekent daarbij in de "Korte Verklaring" aan: "De gedachte aan Hem (aan Christus Jezus) en Zijn werk en woord, en de gedachte aan hetgeen God in Hem heeft geschonken en gewrocht en toegezegd, drijft, alle onrust weg, en houdt die verre." Over die dingen heeft Paulus het in Filippenzen 4. We mogen in alle ootmoed belijden, dat de HERE ons genadig is geweest. Hij heeft onze kerken geleid. Hij houdt zijn werk in stand met name door de prediking van het evangelie iedere zondag. Al wisselen de omstandigheden en vanen dienaren van het Woord weg. We gedenken hen, die ons sedert de opening van de Landelijke Vergadering te Breukelen d.d. 21 februari 1981 door de dood ontvallen zijn. Dat zijn in chronologische volgorde: Ds J. J. Verleur, Ds M. Bakker, Ds J. Zwart, Ds H. de Vries, Ds H. Veltman, Prof. c. Veenhof. Ds S. J. P.
Goossens, Ds H. van Tongeren en Ds J. Meester. Met name wil ik de betekenis memoreren, die een man als Prof. C. Veenhof. voor onze kerken heeft gehad. Hij heeft door zijn intense arbeid vele predikanten van nu gevormd.
Zij plukken daarvan dagelijks de vruchten. En ze hebben de gemeenten daar profijt van! Wat een zegen wil onze almachtige God zo verspreiden onder zijn volk! De HERE sterke u, geachte broeders, tot de verrichting van uw verantwoordelijke arbeid tot opbouw van de kerken! Uw werk moge staan in het teken van het indringende woord van Maarten Luther: “Ik leef zo alsof Jezus Christus gisteren is gestorven, vandaag is opgestaan en morgen zal wederkomen."
Hiermee verklaar ik, namens de roepende kerken van Enschede-Noord en Enschede-Zuid deze Landelijke Vergadering voor geopend!

O. Mooiweer, Enschede
Gezongen: 'Ps. 105: 1en 18 NB.
Gelezen: Filippenzen 4: 4-9.

o-o

Nadat de vergadering was geconstitueerd, zoals dat deftig heet, kon een begin gemaakt worden met de behandeling van een flinke stapel ingekomen stukken en rapporten.
Zo was er bijvoorbeeld een brief van de rooms-katholieke bisschoppen-conferentie, waarin onze kerken werden uitgenodigd voor het bezoek van de paus dit jaar aan Nederland. De vergadering besloot aan deze uitnodiging geen gehoor te geven.
Dan was er het rapport van de commissie voor radio en televisie-aangelegenheden, dat onder andere was gewijd aan de perikelen rond de verschuiving , van radiokerkdiensten naar Hilversum 5. Inmiddels heeft, na een kort geding, de minister van WVC aan de NOS verzocht na te gaan wat de mogelijkheden zijn om de radiokerkdiensten voortaan weer op "twee" uit te zenden.
Een ander rapport dat onder de aandacht van de afgevaardigden kwam was dat van de commissie voor contact met de hoge overheid.
Dr Meulink vertegenwoordigt onze kerken in het Interkerkelijke Contact Overheidszaken (CIO), waar zo'n beetje alle kerken aan deelnemen. Het CIO is een uitvloeisel van wat in de Tweede Wereldoorlog begon als “Convent van' Kerken" voor het kontakt met de duitse bezetter. Dit contact had in die tijd vaak de vorm van een protest, bijvoorbeeld tegen de deportaties van Joden. Maar ook nu blijkt een overlegmogelijkheid tussen overheid en kerken noodzakelijk In maart' 1982 bijvoorbeeld schreef hét CIO aan de staatssekretaris van Justitie, naar aanleiding van het Voorontwerp van Wet Gelijke Behandeling, dat deze wet de vrijheid van godsdienst op niet aanvaardbare wijze beperkt tot wat binnen de kerkmuren geschiedt.
Tijdens de behandeling van het rapport van de commissie voor contact met de overheid vroeg een van de afgevaardigden de commissie druk uit te oefenen op de overheid om de viering van 5 mei dit jaar niet op zondag te laten plaatsvinden. ' U merkt het, een commissie die belangrijk werk doet.
De Landelijke Vergadering komt dit jaar voorlopig nog drie keer bijeen onder de bekwame leiding van br. Meulink om zich te buigen over o.a. het Liedboek, de vrouw in het (diaken-) ambt, de kwestie-Zwolle en de verhouding tot de Gereformeerde Oecumnisehe Synode.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief